Archief 745
Inventaris 745-275
Pagina 401
Dossier 93
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven brief (slotfragment).

22 februari 1939. Van: Vermoedelijk G.J. Molhuysen (afgaande op de handtekening).

Origineel

Handgeschreven brief (slotfragment). 22 februari 1939. Vermoedelijk G.J. Molhuysen (afgaande op de handtekening). wordt bezet.
Een uitkomst zou het echter zijn, wanneer
het bakken op deze, tusschen woonhuizen gelegen
markt, geheel werd verboden.

Amsterdam, 22 Febr. '39
[Handtekening: G.J. Molhuysen] * Inhoud: De schrijver formuleert een conclusie of een dwingend advies aan een onbekende instantie (waarschijnlijk de gemeente of een marktcommissie). De kern van het verzoek is een totaalverbod op "bakken" op een specifieke markt. De motivatie hiervoor is de ligging van de markt te midden van woonhuizen.
* Taalgebruik: Het document hanteert de spelling-Marchant (zie "tusschen"), die destijds de norm was. De toon is formeel en beleefd, maar zeer beslist ("Een uitkomst zou het echter zijn...").
* Onderwerp: Overlastbestrijding in een stedelijke omgeving. Het "bakken" verwijst waarschijnlijk naar marktkooplieden die ter plaatse voedsel bereidden (zoals vis, wafels of oliebollen), wat leidde tot klachten over stank, rook of brandgevaar. In het Amsterdam van de jaren '30 waren buurtmarkten een essentieel onderdeel van het dagelijks leven, maar ze zorgden ook voor constante wrijving met omwonenden in de steeds dichter bevolkte stad. De periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog kenmerkte zich door een toenemende regeldruk vanuit de overheid op het gebied van hygiëne en openbare orde. Deze brief is een typisch voorbeeld van een burgerinitiatief of een bezwaarschrift tegen marktgebruiken die het woongenot aantastten. Het suggereert dat eerdere maatregelen wellicht niet afdoende waren, aangezien de schrijver nu pleit voor een algeheel verbod.

Samenvatting

  • Inhoud: De schrijver formuleert een conclusie of een dwingend advies aan een onbekende instantie (waarschijnlijk de gemeente of een marktcommissie). De kern van het verzoek is een totaalverbod op "bakken" op een specifieke markt. De motivatie hiervoor is de ligging van de markt te midden van woonhuizen.
  • Taalgebruik: Het document hanteert de spelling-Marchant (zie "tusschen"), die destijds de norm was. De toon is formeel en beleefd, maar zeer beslist ("Een uitkomst zou het echter zijn...").
  • Onderwerp: Overlastbestrijding in een stedelijke omgeving. Het "bakken" verwijst waarschijnlijk naar marktkooplieden die ter plaatse voedsel bereidden (zoals vis, wafels of oliebollen), wat leidde tot klachten over stank, rook of brandgevaar.

Historische Context

In het Amsterdam van de jaren '30 waren buurtmarkten een essentieel onderdeel van het dagelijks leven, maar ze zorgden ook voor constante wrijving met omwonenden in de steeds dichter bevolkte stad. De periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog kenmerkte zich door een toenemende regeldruk vanuit de overheid op het gebied van hygiëne en openbare orde. Deze brief is een typisch voorbeeld van een burgerinitiatief of een bezwaarschrift tegen marktgebruiken die het woongenot aantastten. Het suggereert dat eerdere maatregelen wellicht niet afdoende waren, aangezien de schrijver nu pleit voor een algeheel verbod.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6