Handgeschreven brief of rapportage (mogelijk een verklikkingsbrief of klacht).
Origineel
Handgeschreven brief of rapportage (mogelijk een verklikkingsbrief of klacht). Ongedateerd, maar de context wijst sterk op de periode van de Tweede Wereldoorlog (ca. 1940-1945). En dan wat er nog in Amsterdam
gebeurd Een Groenten uit Beverwijk
J de Wit brengt alles buiten
den Veeling om bij den groenten
boeren thuis tegen zeer hoogen
prijzen met namen hij brengt
het bij P Heemskerk, Hogeweg
Watergraafsmeer en bij nog velen
anderen ook A Heijer brengt
ook het meesten ^van den tweede Pier^ reystreeks
weg bij L de Groot Reinier ClarenPlein
en bij J Dusseldorf en nog velen
anderen zoo doende hebben die
alles en wij niets als alles
naar den markt gestuurd werd
zooals het behoorden dan was
het te kort afgelopen dan
kregen wij niet eens zoo veel
voor ons porsie
H. A.
v.d. W.
Groente handelaar * Inhoud: De schrijver, zelf een groentehandelaar, beklaagt zich over collega-handelaren die de officiële distributiekanalen omzeilen. Specifiek noemt hij J. de Wit uit Beverwijk en A. Heijer, die producten "buiten de veiling om" direct aan winkeliers of particulieren leveren tegen hoge prijzen.
* Locaties: Er worden specifieke adressen en namen genoemd in Amsterdam, zoals de Hogeweg in de Watergraafsmeer en het Reinier Claeszenplein (in de tekst geschreven als 'Reinier ClarenPlein').
* Taalgebruik: Het document bevat diverse archaïsche spellingsvormen (zoals Veeling, hoogen, reystreeks, porsie) en dialectische invloeden of schrijffouten (meesten in plaats van meeste, behoorden). De zin "zoo doende hebben die alles en wij niets" illustreert de frustratie over de oneerlijke verdeling van schaarse goederen. Dit document moet vrijwel zeker geplaatst worden in de context van de voedseldistributie tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Gedurende deze periode was de handel in levensmiddelen strikt gereguleerd door het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening. Groenten moesten verplicht via de veiling verhandeld worden om prijsopdrijving en de zwarte markt tegen te gaan.
De brief is een typisch voorbeeld van de sociale spanningen die ontstonden door schaarste. Handelaren die zich wel aan de regels hielden, vonden dat zij benadeeld werden door "zwarthandelaars" die hogere winsten maakten door direct te leveren. Dergelijke brieven werden vaak gestuurd naar de Crisis Controle Dienst (CCD) of de plaatselijke politie in de hoop dat er tegen de genoemde personen zou worden opgetreden.