Verzoekschrift / Brief
Origineel
Verzoekschrift / Brief 25 juni 1942 Mevrouw J. Baas-Haak en mede-ondertekenaars (buurtbewoners) De Directeur van de Gemeente-Groenteveiling, Amsterdam № 2e/36/1 M. 1942 30/6 Amsterdam, 25 Juni 1942
Agamemnonstraat 49 hs
Aan den Directeur van de
Gemeente-Groenteveiling
mr. Dir.
verzoeken ondergeteekenden, mevr. J. Baas-Haak
en consorten, in vervolg op het telefonisch onderhoud met
den bedrijfschef, waaruit bleek, dat de groentenhan-
delaar Scheltus wegens straf als afnemer van de
veiling is uitgesloten, Uwe aandacht voor het volgende.
Doordat andere groentenhandelaren geen nieuwe klanten
aannemen, zijn de klanten van bovengenoemden handelaar
in zeer sterke mate de dupe, daar zij geheel uitgesloten
zijn van groenten, waardoor de straf, welke aan boven-
genoemden handelaar is opgelegd, in dezen moeilijken
tijd op zeer onredelijke wijze op de schouders van de
gezinnen van zijn klanten wordt gelegd.
Daarom verzoeken ondergeteekenden U beleefd, zoo
spoedig mogelijk maatregelen te nemen, opdat ook
zij in staat worden gesteld, de rantsoenen groenten,
waarop ook zij recht hebben, te kunnen koopen.
In het vertrouwen, dat U de billijkheid van dit
verzoek zult beamen en direct maatregelen zult
willen nemen, teekenen
hoogachtend,
[Linker kolom handtekeningen:]
Th. Willemsens
D. Tapking
Groenewoud.
N. Stiel.
Moesnelberth
J v Overbeeke
[Rechter kolom handtekeningen:]
J. Baas. Haak.
J. F. Hueringa-Wolfs.
T. v. Vianveld v.d. Berg.
A. Moeskops
A. Puy
J. Voogt-Giltay
G. Landers - ten Broek
vl. z.o.z. In deze brief beklagen dertien buurtbewoners (voornamelijk vrouwen/huismoeders) uit de Agamemnonstraat en omgeving zich over een collectieve straf die hen indirect treft. Hun vaste groenteman, de heer Scheltus, is door de Gemeente-Groenteveiling uitgesloten van inkoop. Omdat groente in 1942 op de bon was en andere handelaren geen nieuwe klanten mochten aannemen (klantenbinding), konden deze gezinnen nergens anders terecht voor hun wettelijke rantsoen aan groenten.
De toon van de brief is formeel en dringend. Er wordt een beroep gedaan op de "billijkheid" (rechtvaardigheid). De briefschrijvers stellen dat de straf voor de handelaar nu feitelijk een hongerstraf voor de onschuldige gezinnen is geworden. De brief dateert uit de Tweede Wereldoorlog (juni 1942). Nederland was bezet door nazi-Duitsland en er heerste een strikt distributiesysteem. De "moeilijke tijd" waarover gesproken wordt, verwijst naar de schaarste en de beperkingen van de bezettingsjaren.
De uitsluiting van groentehandelaar Scheltus van de veiling was waarschijnlijk een strafmaatregel van de Centrale Crisis Controle Dienst (CCD) of de veilingdirectie, bijvoorbeeld vanwege prijsopdrijving of handel op de zwarte markt. In deze periode was de Agamemnonstraat (Amsterdam-Zuid) een straat waar ook nog veel Joodse gezinnen woonden, al waren de deportaties op dat moment net in volle gang of stonden ze op het punt te beginnen. De brief toont de dagelijkse strijd van burgers om hun basisbehoeften veilig te stellen binnen de bureaucratie van de bezettingstijd. A. Moeskops A. Puy D. Tapking F. Hueringa G. Landers J. Baas J. Voogt N. Stiel