Archief 745
Inventaris 745-369
Pagina 459
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypt afschrift (doorslag) van een brief.

29 juni 1942. Van: Mevr. Bakker Caro, Admiralengracht 13 III, Amsterdam West. Aan: De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte).

Origineel

Getypt afschrift (doorslag) van een brief. 29 juni 1942. Mevr. Bakker Caro, Admiralengracht 13 III, Amsterdam West. De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte). [Linksboven:]
No 610 L.M. 1942 30/6
NO 2$^C$/41/1 M.1942 3/7

[Midden boven:]
A F S C H R I F T .

[Rechtsboven:]
WM.
Amsterdam 29 Juni 1942

Aan den Weledelen Gestrenge Heer
Burgemeester van Amsterdam.

Ondergeteekende verzoekt beleefd uw aandacht voor het navolgende, In deze moeilijke tijd, vooral voor ons huisvrouwom, dringt de vraag naar voren, waar blijft de in de couranten vermelde eerlijke groentenverdeeling voor het publiek, wanneer men bij een groentenhandelaar als Tabak, Kinkerstraat 343, Amsterdam, in de etalage ziet staan: "voor al onze vaste klanten een dubbele portie groente?" Waarom kunnen wij bij onze groenteman niets krijgen, Als wij bij bovengenoemde Tabak komen scheept hij ons met niets af en men ziet aan anderen voor je neus alles afgeven. Mag dat? Wij zouden dan niet, hetgeen verboden is, de polders ingaan om eten te halen, de risico beloopen van afname en inbeslagname van het rijwiel en etc. meer. Wij komen ook op voor eten voor onze kinderen. Indien mogelijk zagen wij huismoeders hie in graag verandering en beleefd uw antwoord tegemoet, zoonoodig in de dagbladen, zoodat ieder kan lezen , waar men zich aan te houden heeft. Inmiddels u dakend voor uw welwillende aandacht aan dit schrijven, verblijf ik

hoogachtend
Mevr. Bakker Caro
Admiralengracht 13 III
Amsterdam West.,

welke dit schrijven u zond, mede namens vele huisvrouwen uit uw Gemeente. Deze brief is een indringend getuigenis van de dagelijkse overlevingsstrijd en de sociale spanningen in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Mevr. Bakker Caro beklaagt zich over corruptie en vriendjespolitiek bij de lokale groenteboer (Tabak in de Kinkerstraat). Terwijl de officiële distributie in theorie eerlijkheid moest bieden, werden "vaste klanten" in de praktijk bevoorrecht.

De schrijfster kaart de gevaren aan die huismoeders moeten trotseren om hun kinderen te voeden: de illegale tochten naar de polders, waar ze het risico liepen dat hun voedsel en hun kostbare vervoersmiddel (de fiets) door de bezetter in beslag werden genomen. De brief is formeel en beleefd opgesteld, maar bevat een duidelijke ondertoon van morele verontwaardiging en een roep om rechtvaardigheid en publieke transparantie. Enkele typefouten in het afschrift (zoals "huisvrouwom", "hie in" en "dakend") wijzen op de haast of de druk waaronder dergelijke administratie destijds werd verwerkt. In juni 1942 was de Tweede Wereldoorlog in volle gang en de voedselschaarste in de Nederlandse steden nam hand over hand toe. De bezetter had een strikt distributiesysteem met bonkaarten opgelegd, maar door schaarste ontstond er een levendige zwarte markt en willekeur bij winkeliers.

De burgemeester aan wie de brief gericht is, Edward Voûte, was door de Duitse autoriteiten aangesteld en was lid van de NSB. Ondanks zijn politieke kleur bleven Amsterdammers de weg naar het stadhuis zoeken voor praktische en sociale klachten. De vermelding van de inbeslagname van fietsen is saillant; in de zomer van 1942 begonnen de Duitsers op grote schaal rijwielen te vorderen voor de Wehrmacht, wat de mobiliteit van de burgerbevolking (noodzakelijk voor de voedselvoorziening) ernstig belemmerde. De Kinkerbuurt was een volksbuurt waar de schaarste en de sociale ongelijkheid direct voelbaar waren. NSB Stadhuis Wehrmacht

Samenvatting

Deze brief is een indringend getuigenis van de dagelijkse overlevingsstrijd en de sociale spanningen in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Mevr. Bakker Caro beklaagt zich over corruptie en vriendjespolitiek bij de lokale groenteboer (Tabak in de Kinkerstraat). Terwijl de officiële distributie in theorie eerlijkheid moest bieden, werden "vaste klanten" in de praktijk bevoorrecht.

De schrijfster kaart de gevaren aan die huismoeders moeten trotseren om hun kinderen te voeden: de illegale tochten naar de polders, waar ze het risico liepen dat hun voedsel en hun kostbare vervoersmiddel (de fiets) door de bezetter in beslag werden genomen. De brief is formeel en beleefd opgesteld, maar bevat een duidelijke ondertoon van morele verontwaardiging en een roep om rechtvaardigheid en publieke transparantie. Enkele typefouten in het afschrift (zoals "huisvrouwom", "hie in" en "dakend") wijzen op de haast of de druk waaronder dergelijke administratie destijds werd verwerkt.

Historische Context

In juni 1942 was de Tweede Wereldoorlog in volle gang en de voedselschaarste in de Nederlandse steden nam hand over hand toe. De bezetter had een strikt distributiesysteem met bonkaarten opgelegd, maar door schaarste ontstond er een levendige zwarte markt en willekeur bij winkeliers.

De burgemeester aan wie de brief gericht is, Edward Voûte, was door de Duitse autoriteiten aangesteld en was lid van de NSB. Ondanks zijn politieke kleur bleven Amsterdammers de weg naar het stadhuis zoeken voor praktische en sociale klachten. De vermelding van de inbeslagname van fietsen is saillant; in de zomer van 1942 begonnen de Duitsers op grote schaal rijwielen te vorderen voor de Wehrmacht, wat de mobiliteit van de burgerbevolking (noodzakelijk voor de voedselvoorziening) ernstig belemmerde. De Kinkerbuurt was een volksbuurt waar de schaarste en de sociale ongelijkheid direct voelbaar waren.

Locaties

Ten Katemarkt

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Dieren: Kat Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Organisaties

NSB Stadhuis Wehrmacht

Gerelateerde Documenten 6