Officiële brief/verklaring op voorgedrukt briefpapier.
Origineel
Officiële brief/verklaring op voorgedrukt briefpapier. Niet ingevuld (het formulier-model stamt uit juli 1935). [Logo: Drie Andreaskruisen van Amsterdam boven een gestileerd gebouw]
MARKTWEZEN AMSTERDAM
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. __________________________
BIJLAGE _____________________
ONDERWERP:
AMSTERDAM (W.) _________________________
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN ___________________________________________
Naar aanleiding van Uw aanvrage aan de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale te 's-Gravenhage inzake het verstrekken van een erkenning als kleinhandelaar, deel ik U mede, dat uit een door myn dienst ingesteld onderzoek is gebleken, dat U sedert meer dan 3 jaren bekend staat als kleinhandelaar in groente en fruit.
Deze verklaring kunt U inzenden aan bovengenoemde Centrale.
De Directeur,
[Handtekening ontbreekt]
A.Z. Model No. 8. 10.000-7-'35 Dit document is een standaardformulier (Model No. 8) van de Gemeentelijke Dienst van het Marktwezen in Amsterdam. De strekking van de brief is het afgeven van een bewijs van vakbekwaamheid of beroepsuitoefening.
De directeur van het Marktwezen verklaart hierin dat de geadresseerde (wiens naam niet is ingevuld op dit exemplaar) reeds minimaal drie jaar werkzaam is als kleinhandelaar in de groente- en fruitsector. Deze verklaring diende als bewijsstuk voor de 'Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale' in Den Haag om een officiële erkenning als kleinhandelaar te verkrijgen. Het document illustreert de toenemende regulering en bureaucratisering van de handel in de jaren '30. * Locatie: De Jan van Galenstraat 14 was het adres van de Centrale Markthallen in Amsterdam, die in 1934 werden geopend. Het Marktwezen hield toezicht op de handel en de hygiëne op de markten.
* Tijdsgeest: De code "7-'35" onderaan het document duidt erop dat deze specifieke reeks formulieren in juli 1935 is gedrukt. Tijdens de crisisjaren dertig werden de regels voor het uitoefenen van een beroep strenger (zoals de Vestigingswet uit 1937 later zou codificeren), om "wildgroei" in de handel tegen te gaan. Men moest kunnen bewijzen dat men over voldoende vakkennis en ervaring beschikte.
* Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale: Dit was een overkoepelend orgaan dat de belangen in de sector behartigde en belast was met de registratie en erkenning van handelaren, vaak in nauwe samenwerking met de overheid.