Handgeschreven memo of interne notitie.
Origineel
Handgeschreven memo of interne notitie. 6 augustus 1942 (onderaan vermeld). [Bovenzijde, eerste hand:]
dat Scheepers op de E.M. boonen
tegen een prijs ver boven den
maximumprijs heeft
gekocht.
DA [initialen]
[Middenzijde, tweede hand:]
v Buren
is dat
juist?
HM [initialen]
(rapport Sprong?)
[Onderzijde, derde hand:]
ja! zie aanvullend
rapport contr. Feldhuis
d.d. 6.8.42 Dit document is een intern bericht tussen ambtenaren of controleurs tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De kern van de notitie is een beschuldiging tegen een zekere Scheepers. Deze persoon wordt ervan verdacht bonen te hebben gekocht tegen een prijs die "ver boven den maximumprijs" lag.
De notitie volgt een administratieve weg:
1. Melding: Er wordt geconstateerd dat Scheepers de regels heeft overtreden.
2. Verificatie: Een ambtenaar (HM) vraagt aan een collega (v. Buren) of deze informatie klopt en of dit mogelijk terug te vinden is in een rapport van ene 'Sprong'.
3. Bevestiging: De vraag wordt met "ja!" beantwoord, waarbij verwezen wordt naar een aanvullend rapport van controleur Feldhuis (of Veldhuis) van 6 augustus 1942.
De informele aard van het briefje suggereert dat dit een snelle interne afstemming was binnen een opsporingsdienst, waarschijnlijk de Crisis Controle Dienst (CCD), die toezag op de naleving van de prijs- en distributievoorschriften. Het document dateert uit augustus 1942, een periode waarin de schaarste in bezet Nederland toenam en de distributie van levensmiddelen strikt gereguleerd was. Om woekerprijzen en de zwarte markt tegen te gaan, stelde de bezetter (via de Nederlandse departementen) maximumprijzen vast voor bijna alle eerste levensbehoeften, waaronder bonen.
Het kopen of verkopen boven deze maximumprijs werd zwaar gestraft. De vermelding van een "controleur" (contr.) wijst op de betrokkenheid van de Crisis Controle Dienst (CCD). Deze dienst was berucht en gevreesd omdat zij invallen deed en administraties controleerde om illegale handel en prijsopdrijving op te sporen. Dit specifieke document vormt waarschijnlijk een klein onderdeel van een groter straf- of onderzoeksdossier tegen Scheepers wegens economische delicten.