Dienstbrief / Officiële correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Officiële correspondentie. 16 maart 1939. De Directeur (waarschijnlijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:] M. de Leer [?]
[Linksboven:] 25/42/2 M
[Handgeschreven midden boven:] Verzonden 16/3
[Rechtsboven:] vP/G.
[Rechtsboven:] 16 Maart 1939.
[Geadresseerde:]
den Heer S.Salomons,
Gerard Doustraat 188 II,
Amsterdam-Zuid.
Wyk 14.
[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 3 dezer
bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor in-
williging in aanmerking kan komen. Indien U niet ten minste
twee keer per week een plaats op de markt Albert Cuypstraat
bezet, zal de U verleende voorkeurskaart worden ingetrokken,
zulks op grond van de desbetreffende bepalingen van het
Reglement op de Markten.
De Directeur, Dit document is een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer S. Salomons op 3 maart 1939 was ingediend. De aard van het verzoek wordt niet gespecificeerd, maar de kern van de brief is een dwingende waarschuwing. De directeur stelt dat Salomons zijn marktplaats op de Albert Cuypmarkt minimaal twee keer per week moet bezetten. Gebeurt dit niet, dan zal zijn 'voorkeurskaart' worden ingetrokken conform het Reglement op de Markten. Een voorkeurskaart was essentieel voor markthandelaren om aanspraak te kunnen maken op een vaste of gunstige standplaats. De brief getuigt van een strikte handhaving van de marktregels door de gemeente Amsterdam in die periode. De brief is gedateerd op 16 maart 1939, een tijd van toenemende spanning in Europa, enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De geadresseerde, de heer Salomons, woonde in de Gerard Doustraat, een straat die direct parallel loopt aan de Albert Cuypstraat in de Amsterdamse Pijp. Gezien de achternaam en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat het hier om een Joodse markthandelaar gaat. In deze periode waren veel Joodse Amsterdammers werkzaam in de ambulante handel. Hoewel dit op het oog een reguliere administratieve maatregel betreft, is de achtergrond van bureaucratische controle op Joodse burgers in de jaren '30 en '40 historisch significant. Documenten als deze bieden inzicht in het dagelijks leven en de sociaaleconomische positie van individuen vlak voor de bezetting.