Getypte brief (afschrift).
Origineel
Getypte brief (afschrift). 21 februari 1939. C.P. Droogendijk, wonende aan de Albert Cuypstraat 221, Amsterdam. No.25/43/1 M. 1939 AFSCHRIFT.
No.23/1 L.M.1939.
Amsterdam, 21 Februari 1939.
Hoog Edel Achtb.Heeren,
Ondergeteekende Droogendijk C.P., wonende Albert Cuypstraat 221
Amsterdam, zaak drijvende in aardappelen, groenten en fruit verzoekt UEd.
Achtb. hierbij beleefd hem een vaste standplaats op de markt voor genoemd
pand te willen doen verleenen.
Tevens deel ik UEd.Achtb.ter toelichting mede, dat voor genoemd
pand geen soortgelijk bedrijf wordt uitgeoefend en de standplaats geen
vaste standplaats is. Wanneer UEd.Achtb. daartoe niet zou kunnen besluiten,
zou ik mij genoodzaakt zien mijn bedrijf te moeten opgeven, omreden ik
anders mijn onkosten niet kan verdienen.
Hopende op Uwe welwillende medewerking in deze en gaarne een gunstig
antwoord van UEd.Achtb.tegemoet ziende waarvoor bij voorbaat mijnen dank.
Hoogachtend,
Uw.dw.dn.
w.g.C.P.Droogendijk.
Hoog Edel Achtb.Heeren
Burgemeester en Wethouders
van Amsterdam. In deze brief verzoekt de heer C.P. Droogendijk het Amsterdamse gemeentebestuur om een vaste standplaats op de markt recht voor zijn winkelpand aan de Albert Cuypstraat 221. Hij voert aan dat hij een handel in aardappelen, groenten en fruit drijft en dat de huidige onzekere situatie rond de standplaats zijn bedrijfsvoering in gevaar brengt.
De toon van de brief is uiterst formeel en lichtelijk dwingend; Droogendijk stelt expliciet dat hij zijn bedrijf moet staken als de vergunning niet wordt verleend, omdat hij anders zijn onkosten niet kan dekken. Dit duidt op de precaire economische positie van kleine zelfstandigen in die tijd. De afkorting "Uw.dw.dn." staat voor "Uw dienstvaardige dienaar", een destijds gebruikelijke formele afsluiting. "w.g." betekent "was getekend", wat aangeeft dat dit een getypt afschrift is van een handgeschreven origineel. De Albert Cuypmarkt in Amsterdam is een van de oudste en bekendste dagmarkten van Nederland, officieel ingesteld in 1905. In de jaren '30 was de markt al een cruciaal onderdeel van de lokale economie. Veel winkeliers in de straat probeerden hun handel uit te breiden door ook een kraam voor de deur te plaatsen.
De datum van de brief, februari 1939, plaatst het document in de late periode van het interbellum, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De economische nasleep van de crisis van de jaren '30 was nog voelbaar, wat de nadruk op het "niet kunnen verdienen van onkosten" verklaart. De regelgeving omtrent standplaatsen was (en is) streng om wildgroei te voorkomen en de doorloop op de markt te garanderen, vandaar dit officiële verzoek aan het College van Burgemeester en Wethouders. C.P. Droogendijk