Doorslag van een ambtelijke brief/memo.
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief/memo. 14 januari 1942. De Directeur van de Dienst van het Marktwezen. [Handgeschreven rechtsboven:] M. Müller [?]
VD/HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
SA/5/2 M. 1 14 Januari 1942.
Salarisherziening.
Ten vervolge op mijn voorstel d.d. 30 December 1941 No.
SA/132/5 M. inzake herziening salarissen en loonen van het personeel
van den Dienst van het Marktwezen heb ik de eer U, onder verwijzing
naar de circulaire van den Burgemeester d.d. 12 Januari 1942 No.
1190 a.m.Abr.1941 te verzoeken wel te willen bevorderen, dat de
bijlage van mijn vorengenoemd voorstel voor wat betreft twee in bij-
lage dezes genoemde ambtenaren, wordt gewijzigd, zooals op deze
bijlage is aangegeven.
De Directeur, Dit document is een formele administratieve correspondentie binnen een gemeentelijk apparaat tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Directeur van de Dienst van het Marktwezen verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om een eerdere bijlage betreffende salarisherzieningen aan te passen.
De kernpunten zijn:
* Referentie: Er wordt verwezen naar een eerder voorstel van 30 december 1941.
* Aanleiding: Een nieuwe circulaire van de Burgemeester van 12 januari 1942 vormt de directe reden voor de wijziging.
* Inhoud: Het gaat specifiek om de loon- of salarispositie van twee met name (in de niet-bijgevoegde bijlage) genoemde ambtenaren.
* Stijl: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U", "wel te willen bevorderen"), kenmerkend voor de vroege 20e-eeuwse Nederlandse administratie. De datum, 14 januari 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland. De "Dienst van het Marktwezen" en de "Wethouder voor de Levensmiddelen" waren in die tijd cruciale instanties. Vanwege de toenemende schaarste en de invoering van het distributiestelsel was de controle op markten en voedselvoorziening van vitaal belang voor de stedelijke bevolking.
Hoewel de brief over een routineuze administratieve handeling (salariswijziging) lijkt te gaan, weerspiegelt het de voortgang van het dagelijks bestuur onder toezicht van de bezetter. De burgemeester in deze periode was vaak een NSB-gevolmachtigde of iemand die onder strikt toezicht van de Ortskommandantur werkte. Salarisregelingen voor ambtenaren moesten in deze periode dikwijls voldoen aan specifieke verordeningen die door de bezetter waren goedgekeurd of opgelegd om de inflatie en de arbeidsmarkt te beheersen.