Brief/verzoekschrift betreffende vergunningen voor avondklok-ontheffing.
Origineel
Brief/verzoekschrift betreffende vergunningen voor avondklok-ontheffing. 23 februari 1942. Hoofdcommissaris van Politie (H.C. v. Politie), Hoofdbureau, Kamer 156. A'dam, 23/2 '42
H. C. v. Politie
kamer 156
Hoofdbureau
[Stempel: 8A / 23/2/42 158]
Hiernevens heb ik de eer U onder-
staand op te geven de ambtenaar en
twee werklieden, die werkzaam
zijn in het koelhuis der C. M., die
in de week van 22 Febr. - 1 Maart 1942
na 20 uur dienst moeten doen
in het belang van de voedselvoor-
ziening der stad, zoodat een ver-
gunning om zich na 20 uur op
straat te begeven (van de C. M. naar
hun woning) beslist noodzakelijk is.
geb datm adres
J. v. Hunteren machinist
G. A. Oosterhoff bankw. stoker
F. Koning monteur
v. Hunteren heeft op 23, 24, 25, 26 en
27 Febr. tot 22 uur dienst of zooveel
later als dienstbelang noodig maakt.
Oosterhoff op 23, 24, 25, 26, 27, 28
Febr. en 1 Maart als v Hunteren
Koning op 28 Febr. als v. Hunteren * Onderwerp: Het document is een formeel verzoek aan de Amsterdamse politie om ontheffing van de avondklok voor drie personeelsleden van de Centrale Markt.
* Functionarissen: Het betreft technisch personeel dat essentieel is voor de werking van het koelhuis: een machinist (J. v. Hunteren), een bankwerker-stoker (G. A. Oosterhoff) en een monteur (F. Koning).
* Tijden: Vanwege werkzaamheden na 20:00 uur (de toen geldende Sperrstunde) hadden zij een bewijs nodig om legaal van de werkplek naar huis te kunnen keren. De diensten duurden in ieder geval tot 22:00 uur, maar konden uitlopen.
* Argumentatie: Het verzoek wordt beargumenteerd vanuit het "belang van de voedselvoorziening der stad". In oorlogstijd was het koel houden van voedselvoorraden een cruciale taak om bederf te voorkomen en de distributie te waarborgen. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De bezetter had een avondklok ingesteld, waarbij het burgers verboden was om zonder speciale vergunning (Ausweis) na een bepaald tijdstip op straat te zijn. Voor vitale sectoren, zoals de voedselvoorziening en nutsvoorzieningen, werden uitzonderingen gemaakt.
De Centrale Markthallen in Amsterdam-West waren het logistieke hart van de voedselstroom in de stad. Technisch personeel zoals machinisten waren onmisbaar voor het draaiende houden van de koelinstallaties. De brief illustreert de bureaucratische realiteit van de bezetting, waarbij zelfs voor noodzakelijke technische werkzaamheden officiële politiegoedkeuring vereist was voor verplaatsingen op straat.