Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven aantekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven aantekening. 17 juni 1942 (verzonden 18 juni 1942). De Directeur (van een ongenoemde gemeentelijke dienst, aangeduid met kenmerk VB/HB). Den Heer Burgemeester van Amsterdam. [Handgeschreven in blauwe inkt:] Verzonden 18/6
[Getypt:]
VB/HB.
den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
Raadhuis,
A l h i e r .
8A/35/2 M. 17 Juni 1942.
Naar aanleiding van Uw circulaire d.d. 11 Juni j.l. No.875
Arb.1942 bericht ik U. dat bij mijn dienst geen boden werkzaam zijn.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een kort, administratief antwoord op een eerdere circulaire (rondschrijven) van de burgemeester van Amsterdam van 11 juni 1942 (kenmerk No. 875 Arb.1942). De directeur van de betreffende dienst meldt dat er binnen zijn afdeling geen 'boden' (bureaumedewerkers belast met het overbrengen van stukken of eenvoudige hand-en-spandiensten) werkzaam zijn.
* Stijl: De toon is uiterst zakelijk, formeel en beknopt, typerend voor ambtelijke correspondentie uit die periode.
* Administratieve sporen: De aantekening "Verzonden 18/6" duidt op de dagelijkse gang van zaken op een secretariaat of archief waarbij de werkelijke verzenddatum werd vastgelegd op het dossierstuk. De aanduiding "A l h i e r ." (onderstreept en gespatiëerd) was de standaardwijze om aan te geven dat de ontvanger zich in dezelfde stad bevond als de afzender. * Tijdsbeeld: Het document dateert van juni 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De burgemeester van Amsterdam was in deze periode Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld.
* Administratieve controle: Het kenmerk "Arb.1942" in de circulaire waarnaar verwezen wordt, staat waarschijnlijk voor 'Arbeid'. Tijdens de bezetting hield het bestuur nauwgezet toezicht op de personeelsbezetting. Dit soort inventarisaties van specifieke beroepsgroepen (zoals boden) kon te maken hebben met efficiëntie-maatregelen, maar ook met de toenemende druk van de bezetter om mankracht vrij te maken voor de Arbeitseinsatz of om de grip op het ambtelijk apparaat te vergroten.
* Betekenis: Hoewel de inhoud triviaal lijkt ("we hebben geen boden"), vormt het een klein radertje in de enorme bureaucratische machine van de gemeente Amsterdam onder bezettingstijd. Het toont hoe zelfs de kleinste personeelsdetails onderwerp waren van officiële correspondentie en registratie. Gemeente Amsterdam
Samenvatting
- Inhoud: De brief is een kort, administratief antwoord op een eerdere circulaire (rondschrijven) van de burgemeester van Amsterdam van 11 juni 1942 (kenmerk No. 875 Arb.1942). De directeur van de betreffende dienst meldt dat er binnen zijn afdeling geen 'boden' (bureaumedewerkers belast met het overbrengen van stukken of eenvoudige hand-en-spandiensten) werkzaam zijn.
- Stijl: De toon is uiterst zakelijk, formeel en beknopt, typerend voor ambtelijke correspondentie uit die periode.
- Administratieve sporen: De aantekening "Verzonden 18/6" duidt op de dagelijkse gang van zaken op een secretariaat of archief waarbij de werkelijke verzenddatum werd vastgelegd op het dossierstuk. De aanduiding "A l h i e r ." (onderstreept en gespatiëerd) was de standaardwijze om aan te geven dat de ontvanger zich in dezelfde stad bevond als de afzender.
Historische Context
- Tijdsbeeld: Het document dateert van juni 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De burgemeester van Amsterdam was in deze periode Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld.
- Administratieve controle: Het kenmerk "Arb.1942" in de circulaire waarnaar verwezen wordt, staat waarschijnlijk voor 'Arbeid'. Tijdens de bezetting hield het bestuur nauwgezet toezicht op de personeelsbezetting. Dit soort inventarisaties van specifieke beroepsgroepen (zoals boden) kon te maken hebben met efficiëntie-maatregelen, maar ook met de toenemende druk van de bezetter om mankracht vrij te maken voor de Arbeitseinsatz of om de grip op het ambtelijk apparaat te vergroten.
- Betekenis: Hoewel de inhoud triviaal lijkt ("we hebben geen boden"), vormt het een klein radertje in de enorme bureaucratische machine van de gemeente Amsterdam onder bezettingstijd. Het toont hoe zelfs de kleinste personeelsdetails onderwerp waren van officiële correspondentie en registratie.