Archiefdocument
Origineel
7 april 1939. J.A. Pinto Jr., standplaatshouder op de Albert Cuypstraat. [Bovenaan gestempeld/geschreven:]
№ 25 / 64 / 1 M. 1939 8/4
[Rechtsboven:]
A’dam 7 April 1939
[In het midden:]
H. H.
[In de kantlijn:]
mi. Insp.
Met deze richt ik een vriendelijk verzoek tot u, om uw
goedkeuring er over uit te spreken, om assistentie
te mogen hebben van L. Pinto 2e Jan Steenstr: 87 II
Ik standplaatshouder № 278 Albertkuipstraat vraag
dit aan, met het oog op de zomergroenten. Daar u
met het handelsverkeer op de hoogte bent, en u
weet welk een slechte winter ik heb doorstaan, vraag
ik langs deze weg u medewerking, om dat het
publiek gauw geneigd is, als er een paar menschen
aan de stal staan, om door te loopen. Hopende
u daar gunstig over zult beslissen teeken ik
Hoogachtend
J.A. Pinto. Jr.
v Woustr: 23
huis
voorheen:
2e Jan Steenstr. 25 II * Inhoud: De afzender, J.A. Pinto Jr., verzoekt de marktinspectie om toestemming voor een assistent (L. Pinto) bij zijn marktkraam (standplaats 278) aan de Albert Cuypstraat.
* Argumentatie: Hij voert aan dat het seizoen voor de "zomergroenten" eraan komt. Hij refereert aan een financieel zware winter en beargumenteert dat een assistent nodig is om de doorloop te bevorderen; als klanten zien dat het te druk is bij een kraam ("als er een paar menschen aan de stal staan"), lopen ze door naar de volgende.
* Handschrift en Stijl: Het document is geschreven in een verzorgd, vooroorlogs cursief schrift. De toon is zeer beleefd en formeel ("vriendelijk verzoek", "Hoogachtend", "teeken ik").
* Adressering: De afzender is gevestigd aan de Van Woustraat 23, maar geeft ook een vorig adres op in de 2e Jan Steenstraat. Dit document is een waardevol tijdsdocument uit de archieven van de Amsterdamse Marktwezen. Het dateert van april 1939, slechts een jaar voor de Duitse inval in Nederland.
De naam Pinto duidt op een Sefardisch-Joodse achtergrond, een gemeenschap die destijds sterk vertegenwoordigd was in de wijk De Pijp en op de Albert Cuypmarkt. Voor Joodse marktkooplieden was het verkrijgen van de juiste papieren en assistentie cruciaal voor hun levensonderhoud, zeker in de economisch uitdagende jaren dertig. De "slechte winter" waar de schrijver over spreekt, kan zowel op de weersomstandigheden als op de economische depressie slaan. Dergelijke verzoeken geven een intiem inkijkje in de dagelijkse overlevingsstrategieën van kleine ondernemers aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. J.A. Pinto L. Pinto Marktwezen