Archief 745
Inventaris 745-373
Pagina 22
Dossier 21
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie).

8 september 1937. Van: De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentedienst, gezien de genoemde namen). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.

Origineel

Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie). 8 september 1937. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentedienst, gezien de genoemde namen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [handgeschreven rechtsboven: H. de Haas.]

VP/HG. [handgeschreven: Verzonden 9/9-'37.]

18/55/2 M.
n 2 8 September 1937.

Clandestiene opkoopers.

                               den Heer Wethouder
                               voor de Levensmiddelen,
                               A l h i e r .


           Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 27

Augustus j.l. om spoedig advies ontvangen stuk no.68/33 L.M.
1937 heb ik de eer U te berichten, dat bij de Rondvraag van
de 51ste vergadering van de Permanente Commissie van Advies
inzake ventvergunningen d.d. 12 April j.l. de heer Presser
hetzelfde onderwerp aan de orde heeft gesteld. Aan het lid
der Commissie, den inspecteur van politie L.A.A.Cohen en den
secretaris is toen opgedragen terzake een nota op te stellen.
Deze nota, die op 6 dezer gereed kwam, wordt hierbij overge-
legd. Ik stel mij voor, haar in de eerstvolgende vergadering
van de bovengenoemde Commissie aan de orde te stellen.
Wat de door den heer Seegers voorgestelde wijziging
der Ventverordening betreft, moge ik naar bladz. 2 der nota
verwijzen: wanneer ook het "ophalen" van voorwerpen of
stoffen met venten wordt gelijk gesteld, zal het ophalen van
kranten e.d. krachtens artikel 1 lid 1 der Ventverordening, -
venten met gedrukte stukken uitmaken, hetgeen niet verboden
is. Aangezien het juist de kranten-ophalers zijn, die veelal
clandestien als lompenopkooper optreden, zou de door den
heer Seegers gedachte wijziging zeker niet doeltreffend zijn.
Wanneer de Permanente Commissie van Advies zich met
de nota der heeren Cohen en Mr.Van Praag vereenigt, zal ik U
dienovereenkomstig voorstellen doen. Inmiddels ware den heer
Seegers te berichten, dat de door hem bedoelde aangelegenheid
in de eerstvolgende vergadering van de Permanente Commissie
inzake ventvergunningen aan de orde zal worden gesteld.

                                        De Directeur, Deze brief betreft een beleidsmatige discussie over de regulering van straathandel, specifiek gericht op "clandestiene opkoopers" (illegale lompenboeren).

De kern van het juridische probleem is een voorgestelde wijziging in de Ventverordening door een zekere heer Seegers. Seegers wilde het "ophalen" van goederen gelijkstellen aan "venten" (verkoop op straat), om zo meer grip te krijgen op informele handelaren. De Directeur ontraadt dit echter. Hij wijst erop dat het ophalen van kranten wettelijk gezien onder "venten met gedrukte stukken" valt, wat niet verboden is. Als ophalen gelijkgesteld wordt aan venten, kunnen clandestiene lompenopkopers zich simpelweg voordoen als krantenophalers om onder de regels uit te komen. De voorgestelde wijziging zou dus averechts werken.

De kwestie is in onderzoek bij een adviescommissie, waarbij inspecteur van politie L.A.A. Cohen en de heer Mr. Van Praag een nota hebben opgesteld die als bijlage bij deze brief is gevoegd. Het document dateert uit september 1937, een periode waarin Nederland nog volop de gevolgen van de Grote Depressie voelde. Armoede was wijdverspreid, en voor velen was het ophalen en doorverkopen van oude metalen, textiel (lompen) en papier een noodzakelijke bron van inkomsten. Deze informele economie probeerde de overheid via de "Ventverordening" en vergunningsstelsels te reguleren en te controleren.

De namen in het document (zoals Cohen en Van Praag) duiden zeer waarschijnlijk op een Amsterdamse context, waar deze Joodse ambtenaren een belangrijke rol speelden in het stedelijk apparaat, enkele jaren voordat de Duitse bezetting hier op brute wijze een einde aan zou maken. Het document illustreert de nauwgezette, bureaucratische manier waarop de Nederlandse overheid dergelijke sociaal-economische vraagstukken benaderde: via commissies, nota's en juridische haarkloverij over definities.

Samenvatting

Deze brief betreft een beleidsmatige discussie over de regulering van straathandel, specifiek gericht op "clandestiene opkoopers" (illegale lompenboeren).

De kern van het juridische probleem is een voorgestelde wijziging in de Ventverordening door een zekere heer Seegers. Seegers wilde het "ophalen" van goederen gelijkstellen aan "venten" (verkoop op straat), om zo meer grip te krijgen op informele handelaren. De Directeur ontraadt dit echter. Hij wijst erop dat het ophalen van kranten wettelijk gezien onder "venten met gedrukte stukken" valt, wat niet verboden is. Als ophalen gelijkgesteld wordt aan venten, kunnen clandestiene lompenopkopers zich simpelweg voordoen als krantenophalers om onder de regels uit te komen. De voorgestelde wijziging zou dus averechts werken.

De kwestie is in onderzoek bij een adviescommissie, waarbij inspecteur van politie L.A.A. Cohen en de heer Mr. Van Praag een nota hebben opgesteld die als bijlage bij deze brief is gevoegd.

Historische Context

Het document dateert uit september 1937, een periode waarin Nederland nog volop de gevolgen van de Grote Depressie voelde. Armoede was wijdverspreid, en voor velen was het ophalen en doorverkopen van oude metalen, textiel (lompen) en papier een noodzakelijke bron van inkomsten. Deze informele economie probeerde de overheid via de "Ventverordening" en vergunningsstelsels te reguleren en te controleren.

De namen in het document (zoals Cohen en Van Praag) duiden zeer waarschijnlijk op een Amsterdamse context, waar deze Joodse ambtenaren een belangrijke rol speelden in het stedelijk apparaat, enkele jaren voordat de Duitse bezetting hier op brute wijze een einde aan zou maken. Het document illustreert de nauwgezette, bureaucratische manier waarop de Nederlandse overheid dergelijke sociaal-economische vraagstukken benaderde: via commissies, nota's en juridische haarkloverij over definities.

Kooplieden in dit dossier 100

Andries Agsteribbe Waterlooplein linnen
A. Agsteribbe Waterlooplein lingerie
A. Agsteribbe-Bilder-beek Waterlooplein lappen
A.J.G. Bakker Waterlooplein id.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen.
A. Berclouw Uilenburg huish. artikelen.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen
A.Berelouw Waterlooplein huish.artikelen
A. Besselon Waterlooplein lederwaren
A. Beuclon Waterlooplein lederwaren
Aaron Blaaser Uilenburg geliquideerd
A. Blanes Waterlooplein kousen en sokken
A. Blans Waterlooplein kousen en sokken
A. Boeken Uilenburg groente en fruit
A. Boeken Uilenburg groente en fruit
Abraham Canes Waterlooplein kousen en sokken
A. Copenhagen Waterlooplein textiel
A. Cosman Waterlooplein kousen en sokken
A. David Waterlooplein manufacturen
A. David Waterlooplein manufacturen
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
A. de Vries Waterlooplein textiel
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Drubber Waterlooplein kousen en sokken
A. Drukker Waterlooplein kousen en sokken
Alle 100 kooplieden →