Archief 745
Inventaris 745-373
Pagina 46
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Typoscript (getypt verslag of brief).

Origineel

Typoscript (getypt verslag of brief). -3-

vergunning Serie 15 No. 213 voor aardappelen, groente
en fruit en vergunning heeft om tot 17 Februari 1939
door zijn echtgenoote L. Lymer-Aluin te mogen worden by-
gestaan, verzocht dezer dagen, of hy in plaats van door
zijn echtgenoote, door zijn jeugdigen 16-jarigen oudsten
zoon mag worden bygestaan, aangezien zijn echtgenoote
wederom ziek is en (vermoedelyk) weder in het Ned. Is-
raëlietisch Ziekenhuis moet worden opgenomen. De haar
behandelende geneesheer bevestigde dit. De vrouw is
niet tot venten in staat.

De man heeft een chronische keelaandoening, kan
derhalve niet roepen en heeft blykens de geneeskundige
verklaring van den Gemeentelyken Geneeskundigen en Ge-
zondheidsdienst inderdaad bystand met het venten noo-
dig.

Volgens zijn mededeeling ter Secretarie kan deze
bystand tot "roepen" beperkt blijven.

Eveneens diende de vischventer A. Koning te Volen-
dam een verzoek om bystand in. Hy is in het bezit van
de ventvergunning EZ No.17 en heeft tot nog toe geen
bystand gehad.

Blykens de door den Gemeentelyken Geneeskundigen
en Gezondheidsdienst verstrekte gegevens lydt ook deze
man aan een chronische keelaandoening; hy heeft perma-
nent hulp noodig. Uit het gezin, bestaande uit man,
vrouw en 8 kinderen, kan alleen de oudste zoon, geboren
26-8-1923, bystand met het roepen verleenen.

Uit den aard van het gebrek der beide voornoemde
venters valt myns inziens af te leiden, dat deze by-
stand wel gedurende hun verdere leven noodzakelyk zal
zijn.

Ongetwyfeld zullen derhalve de beide jongelui, dan
niet in staat een ander beroep te kiezen, practisch tot
venter worden opgeleid en - indien zij een eigen gezin
willen vormen, of bij algeheele ongeschiktheid of over-
lyden van hun vader, een ventvergunning vragen.

Ten einde een oplossing mogelyk te maken zou ik Dit document betreft een ambtelijk verslag (mogelijk van een inspecteur of afdelingshoofd) over de noodzaak tot het aanpassen van ventvergunningen voor twee specifieke gevallen.

  1. Geval 1: Een ongenoemde groentenventer wiens vrouw (L. Lymer-Aluin) hem voorheen hielp, maar nu ernstig ziek is en opgenomen moet worden in het Nederlandsch-Israëlietisch Ziekenhuis. De man zelf heeft een chronische keelaandoening waardoor hij niet kan "roepen" (zijn waren aanprijzen), wat essentieel was voor het beroep. Hij vraagt of zijn 16-jarige zoon hem mag helpen.
  2. Geval 2: Vischventer A. Koning uit Volendam. Hij lijdt aan exact hetzelfde probleem: een chronische keelaandoening. Ook hij heeft hulp nodig bij het roepen en stelt voor dat zijn oudste zoon (geboren in 1923, dus ook ongeveer 15 of 16 jaar oud op dat moment) hem helpt.

De ambtenaar concludeert dat deze medische gebreken blijvend zijn en dat deze jongeren hierdoor waarschijnlijk voorbestemd zijn om ook het vak van venter in te gaan, aangezien zij nu al onmisbaar zijn voor het gezinsinkomen. Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog (begin 1939). In deze tijd was het beroep van straatventer zwaar en sterk gereguleerd via vergunningen. Het "roepen" was een cruciaal onderdeel van de bedrijfsvoering om klanten te trekken.

De vermelding van het Nederlandsch-Israëlietisch Ziekenhuis (NIZ) suggereert dat de eerste familie Joods was en waarschijnlijk in Amsterdam woonde, waar dit ziekenhuis gevestigd was.

Het document geeft een inkijkje in de sociale omstandigheden van die tijd: de afhankelijkheid van gezinsleden bij ziekte van de kostwinner en de manier waarop de overheid (via de GG&GD en de Gemeentesecretarie) toezicht hield op de uitvoering van kleine zelfstandige beroepen. Er wordt tevens een moreel/sociaal dilemma aangestipt: door de zonen nu in te zetten, wordt hun toekomstige beroepskeuze feitelijk al vastgelegd.

Samenvatting

Dit document betreft een ambtelijk verslag (mogelijk van een inspecteur of afdelingshoofd) over de noodzaak tot het aanpassen van ventvergunningen voor twee specifieke gevallen.

  1. Geval 1: Een ongenoemde groentenventer wiens vrouw (L. Lymer-Aluin) hem voorheen hielp, maar nu ernstig ziek is en opgenomen moet worden in het Nederlandsch-Israëlietisch Ziekenhuis. De man zelf heeft een chronische keelaandoening waardoor hij niet kan "roepen" (zijn waren aanprijzen), wat essentieel was voor het beroep. Hij vraagt of zijn 16-jarige zoon hem mag helpen.
  2. Geval 2: Vischventer A. Koning uit Volendam. Hij lijdt aan exact hetzelfde probleem: een chronische keelaandoening. Ook hij heeft hulp nodig bij het roepen en stelt voor dat zijn oudste zoon (geboren in 1923, dus ook ongeveer 15 of 16 jaar oud op dat moment) hem helpt.

De ambtenaar concludeert dat deze medische gebreken blijvend zijn en dat deze jongeren hierdoor waarschijnlijk voorbestemd zijn om ook het vak van venter in te gaan, aangezien zij nu al onmisbaar zijn voor het gezinsinkomen.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog (begin 1939). In deze tijd was het beroep van straatventer zwaar en sterk gereguleerd via vergunningen. Het "roepen" was een cruciaal onderdeel van de bedrijfsvoering om klanten te trekken.

De vermelding van het Nederlandsch-Israëlietisch Ziekenhuis (NIZ) suggereert dat de eerste familie Joods was en waarschijnlijk in Amsterdam woonde, waar dit ziekenhuis gevestigd was.

Het document geeft een inkijkje in de sociale omstandigheden van die tijd: de afhankelijkheid van gezinsleden bij ziekte van de kostwinner en de manier waarop de overheid (via de GG&GD en de Gemeentesecretarie) toezicht hield op de uitvoering van kleine zelfstandige beroepen. Er wordt tevens een moreel/sociaal dilemma aangestipt: door de zonen nu in te zetten, wordt hun toekomstige beroepskeuze feitelijk al vastgelegd.

Kooplieden in dit dossier 100

Andries Agsteribbe Waterlooplein linnen
A. Agsteribbe Waterlooplein lingerie
A. Agsteribbe-Bilder-beek Waterlooplein lappen
A.J.G. Bakker Waterlooplein id.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen.
A. Berclouw Uilenburg huish. artikelen.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen
A.Berelouw Waterlooplein huish.artikelen
A. Besselon Waterlooplein lederwaren
A. Beuclon Waterlooplein lederwaren
Aaron Blaaser Uilenburg geliquideerd
A. Blanes Waterlooplein kousen en sokken
A. Blans Waterlooplein kousen en sokken
A. Boeken Uilenburg groente en fruit
A. Boeken Uilenburg groente en fruit
Abraham Canes Waterlooplein kousen en sokken
A. Copenhagen Waterlooplein textiel
A. Cosman Waterlooplein kousen en sokken
A. David Waterlooplein manufacturen
A. David Waterlooplein manufacturen
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
A. de Vries Waterlooplein textiel
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Drubber Waterlooplein kousen en sokken
A. Drukker Waterlooplein kousen en sokken
Alle 100 kooplieden →