Getypt verslag van een vergadering (notulen), pagina 8.
Origineel
Getypt verslag van een vergadering (notulen), pagina 8. -8-
De heer Gaaikema wyst in verband met den leeftyd der assistenten op
---------------- de arbeidswetgeving: men mag als men veertien jaar is
werken, ook in fabrieken en werkplaatsen. In vele ge-
vallen is dit zwaardere arbeid dan het bystaan van een
venter.
De heer Van 't Hek is voor het verleenen van bystand aan de venters
--------------- Lymer en Koning. Het verleenen van een ventvergunning
na vyf jaar acht spreker van secundair belang; het kan
later nog wel eens bekeken worden.
De heeren Neeter en Presser zyn tegen het verleenen van bystand aan
----------------- de onderhavige twee personen, omdat de assistenten den
leeftyd van achttien jaar nog niet hebben bereikt.
De heeren Gaaikema en Van 't Hek hebben geen bezwaar tegen verleening
----------------- van de bedoelde assistentie.
Wat het na verloop van vyf jaren verleenen van nieuwe
ventvergunningen betreft aan de assistenten kan de Com-
missie zich nog geen eindoordeel vormen. Besloten wordt
om deze aangelegenheid zoo nodig in een volgende ver-
gadering opnieuw aan de orde te stellen; vooraf zal ech-
ter den Wethouder worden bericht, dat tegen het aan-
vaarden van zyn voorstel, naar het oordeel der Commissie
een formeel bezwaar bestaat, nog daargelaten of het om
practische redenen wel wenschelyk is. Immers er zyn
thans twaalf vergunningen voor bystand, doch indien be-
kend wordt, dat men door middel van den bystand in het
bezit van een ventvergunning kan komen, is het te ver-
wachten, dat veel meer aanvragen zullen worden inge-
diend: een dokters-attest is vry gemakkelyk te krygen.
Een en ander neemt niet weg, dat de Commissie in prin-
cipe erkent, dat iemand, die jarenlang een venter assis-
teerde, moreel wel eenig recht op een ventvergunning
krygt. Ook tegen verleening van een standplaatsvergun-
ning aan een venter, die niet kan roepen, heeft de Com-
missie in principe geen bezwaar.
Vervolgens stelt de Voorzitter punt 4 der agenda aan de
orde: * Inhoud: De kern van de discussie draait om de regelgeving rondom straathandel. Er is onenigheid over de minimumleeftijd van assistenten van venters (14 versus 18 jaar). Daarnaast is er vrees dat het verlenen van vergunningen na vijf jaar assistentie zal leiden tot een wildgroei aan aanvragen, mede omdat medische attesten ("dokters-attest") makkelijk te verkrijgen zouden zijn.
* Besluitvorming: De commissie stelt een definitief besluit uit maar informeert de wethouder over hun formele en praktische bezwaren. Er wordt wel een "moreel recht" erkend voor langdurige assistenten.
* Opvallend detail: Er wordt expliciet vermeld dat een venter die "niet kan roepen" (mogelijk wegens een fysieke beperking) toch in aanmerking kan komen voor een standplaatsvergunning.
* Spelling: Gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' (bijv. wyst, leeftyd, bystand, vyf, zyn, gemakkelyk) en de 'oo' in zoo. Dit was de gangbare spelling voor de hervorming van Marchant (1934). Dit document geeft een inkijkje in de gemeentelijke bureaucratie van de vroege 20e eeuw. Straathandel was een belangrijke bron van inkomsten voor de lagere sociale klassen, en de overheid probeerde dit te reguleren via vergunningsstelsels en arbeidsregels. De discussie over de leeftijd van 14 jaar linkt direct aan de Arbeidswet van 1919. De namen van de betrokkenen (zoals Presser en Neeter) zijn veelvoorkomend in Amsterdamse archieven uit die periode, wat zou kunnen wijzen op een verslag van de Amsterdamse gemeenteraad of een aanverwante commissie.