Archief 745
Inventaris 745-373
Pagina 108
Dossier 17
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie/adviesnota (pagina 6 en 7 van een groter dossier).

Van: De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen.

Origineel

Ambtelijke correspondentie/adviesnota (pagina 6 en 7 van een groter dossier). De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen. [Pagina -6-]

-6-
huizen plegen te verkoopen. Deze regeling houdt in, dat die
inrichtingen de namen opgeven van diegenen, die voor dat
doel bij haar te werk gesteld zijn en die personen krijgen
een te hunnen name gestelde vergunning. Daar vergunningen
tot wederopzeggens toe verleend worden, zullen ze dus
ingetrokken moeten worden, zoodra een dergelijke instel-
ling ons bericht, dat een vergunninghouder niet meer voor
haar werkzaam is. Deze vergunninghouder heeft overigens
verder geen aanspraak op een zoodanige vergunning.

Ten slotte breng ik U nog in herinnering ons prae-
advies van 22 October 1937 (Gem.blad 1937, afd.1, blz. 1799
en 1800), waarmede de Gemeenteraad zich vereenigde en waar-
in wij adviseerden op het adres van de schillenophalersver-
eeniging "Door Eendracht Sterk" om voor het schillenopha-
lersbedrijf een vergunningstelsel in te voeren, afwijzend te
beschikken. Door de wijziging van de Ventverordening in den
hierbovenbedoelden zin zullen, naar analogie van hetgeen
in art. 90 bis van het Wetboek van Strafrecht is bepaald
(zie hierboven blz. 2), onder het begrip "opkoopen" krach-
tens de Ventverordening ook vallen "alle handelingen,
hoe ook genaamd, waarmede kenlijk hetzelfde wordt beoogd".
Hierdoor wordt ook het "om niet in ontvangst nemen" met
"opkoopen" gelijk gesteld. En waar artikel 1 tweede lid van
de Ventverordening met venten gelijk stelt het "opkoopen van
voorwerpen of stoffen van welken aard ook", zouden onder de
voorgestelde regeling wel degelijk ook de schillenophalers
begrepen zijn. In verband echter met de opvatting, neerge-
legd in het bovenaangehaalde prae-advies, is het gewenscht,
dit uitdrukkelijk uit te sluiten en dus in de Verordening
te spreken van het opkoopen van voorwerpen of stoffen, van
welken aard ook, met uitzondering van schillen en resten
van levensmiddelen.

[Pagina -7-]

-7-
Burgemeester en Wethouders hebben zich met mijn stand-
punt vereenigd, dat het ophalen van papier aan de huizen,
behoudens met door hen uit te reiken vergunningen, verbo-
den moet worden, en dat de Ventverordening in dien geest
dus zal moeten worden aangevuld. Ik acht het echter ge-
wenscht, voordat Burgemeester en Wethouders de Commissie
voor de Strafverordeningen verzoeken een wijziging van
de Ventverordening in bovenbedoelden geest voor te be-
reiden, Uw advies hierover te vernemen, waartoe ik U
spoedig ter vergadering zal uitnoodigen.
vM
De Wethouder voor de Levensmiddelen,
Wasch- en schoonmaak-, bad- en zwem-
inrichtingen,
[Handtekening] Dit document betreft een beleidsvoorstel om de Ventverordening (de lokale wetgeving die straathandel regelt) aan te scherpen. De kern van het betoog is tweeledig:

  1. Regulering van papierophaling: De wethouder stelt voor om het ophalen van oud papier bij particulieren te verbieden, tenzij men over een expliciete vergunning van Burgemeester en Wethouders beschikt. Dit wijst op een poging om de informele economie rondom afvalinzameling te kanaliseren of te monopoliseren.
  2. Definitiekwestie "Opkoopen": Er wordt een juridische vergelijking getrokken met artikel 90 bis van het Wetboek van Strafrecht om te voorkomen dat inzamelaars de wet ontduiken door te claimen dat zij goederen "om niet" (gratis) ontvangen in plaats van ze te kopen.
  3. Uitzondering voor schillen: Opmerkelijk is dat de wethouder expliciet adviseert om "schillen en resten van levensmiddelen" (organisch afval) uit te sluiten van deze nieuwe strenge regels. Dit is gebaseerd op een eerder besluit uit 1937 met betrekking tot de vereniging "Door Eendracht Sterk". Het document dateert uit de late jaren '30 in Nederland. In deze periode was er een grote behoefte aan hergebruik van grondstoffen (zoals papier), maar tegelijkertijd wilde de overheid de groeiende groep informele straathandelaren en "opkopers" reguleren om overlast en oneerlijke concurrentie te beperken.

De genoemde "schillenophalers" waren een bekend fenomeen in Nederlandse steden; zij haalden groente- en fruitafval op bij de burgerij om dit te verkopen als veevoer (voor varkens). De vereniging "Door Eendracht Sterk" was een belangenorganisatie voor deze beroepsgroep. De wethouder probeert hier een balans te vinden tussen het handhaven van de openbare orde (via de Ventverordening) en het respecteren van bestaande afspraken met specifieke sectoren zoals de schillenophalers. De ondertekening door de wethouder van onder andere "Wasch- en schoonmaakinrichtingen" is typerend voor de toenmalige verzuilde en gedetailleerde gemeentelijke organisatie.

Samenvatting

Dit document betreft een beleidsvoorstel om de Ventverordening (de lokale wetgeving die straathandel regelt) aan te scherpen. De kern van het betoog is tweeledig:

  1. Regulering van papierophaling: De wethouder stelt voor om het ophalen van oud papier bij particulieren te verbieden, tenzij men over een expliciete vergunning van Burgemeester en Wethouders beschikt. Dit wijst op een poging om de informele economie rondom afvalinzameling te kanaliseren of te monopoliseren.
  2. Definitiekwestie "Opkoopen": Er wordt een juridische vergelijking getrokken met artikel 90 bis van het Wetboek van Strafrecht om te voorkomen dat inzamelaars de wet ontduiken door te claimen dat zij goederen "om niet" (gratis) ontvangen in plaats van ze te kopen.
  3. Uitzondering voor schillen: Opmerkelijk is dat de wethouder expliciet adviseert om "schillen en resten van levensmiddelen" (organisch afval) uit te sluiten van deze nieuwe strenge regels. Dit is gebaseerd op een eerder besluit uit 1937 met betrekking tot de vereniging "Door Eendracht Sterk".

Historische Context

Het document dateert uit de late jaren '30 in Nederland. In deze periode was er een grote behoefte aan hergebruik van grondstoffen (zoals papier), maar tegelijkertijd wilde de overheid de groeiende groep informele straathandelaren en "opkopers" reguleren om overlast en oneerlijke concurrentie te beperken.

De genoemde "schillenophalers" waren een bekend fenomeen in Nederlandse steden; zij haalden groente- en fruitafval op bij de burgerij om dit te verkopen als veevoer (voor varkens). De vereniging "Door Eendracht Sterk" was een belangenorganisatie voor deze beroepsgroep. De wethouder probeert hier een balans te vinden tussen het handhaven van de openbare orde (via de Ventverordening) en het respecteren van bestaande afspraken met specifieke sectoren zoals de schillenophalers. De ondertekening door de wethouder van onder andere "Wasch- en schoonmaakinrichtingen" is typerend voor de toenmalige verzuilde en gedetailleerde gemeentelijke organisatie.

Kooplieden in dit dossier 100

Andries Agsteribbe Waterlooplein linnen
A. Agsteribbe Waterlooplein lingerie
A. Agsteribbe-Bilder-beek Waterlooplein lappen
A.J.G. Bakker Waterlooplein id.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen.
A. Berclouw Uilenburg huish. artikelen.
A. Berclouw Waterlooplein huish. artikelen
A.Berelouw Waterlooplein huish.artikelen
A. Besselon Waterlooplein lederwaren
A. Beuclon Waterlooplein lederwaren
Aaron Blaaser Uilenburg geliquideerd
A. Blanes Waterlooplein kousen en sokken
A. Blans Waterlooplein kousen en sokken
A. Boeken Uilenburg groente en fruit
A. Boeken Uilenburg groente en fruit
Abraham Canes Waterlooplein kousen en sokken
A. Copenhagen Waterlooplein textiel
A. Cosman Waterlooplein kousen en sokken
A. David Waterlooplein manufacturen
A. David Waterlooplein manufacturen
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
Abraham de Vries Waterlooplein textiel
A. de Vries Waterlooplein textiel
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Dotsch Waterlooplein visch
A. Drubber Waterlooplein kousen en sokken
A. Drukker Waterlooplein kousen en sokken
Alle 100 kooplieden →