Afschrift van een officiële brief.
Origineel
Afschrift van een officiële brief. 12 mei 1942. De Commissaris van Politie toegevoegd voor de Administratie (H. Holsbergen), namens de Hoofdcommissaris van Politie. De Burgemeester van Amsterdam (destijds Edward Voûte). No 20/8/3 M. 1942 23/6
No. 586 A A.Z. 1942. A f s c h r i f t .
No. 432 L.M. 1942 13/6.
HOOFDBUREAU VAN POLITIE.
Amsterdam, 12 Mei 1942.
Dict. Ga./S1.
Lr. S.No. 5697/1942.
Doss. W. 3c/M. 2a.
Bijlage : 1.
Onder terugzending van het mij, bij Uw kantbeschikking
No. 586 AZ van 7 Mei j.l., in handen gestelde schrijven van
den Directeur van het Marktwezen d.d. 5 Mei 1942, No. 20/8/1 M,
onderwerp: verkoop van visch op dagmarkten op Zondag, heb ik
de eer UEdelAchtbare te berichten, dat - hoewel een verkoop
van eenigen omvang het Zondagsche stadsbeeld en de Zondagsrust
op de algemeene dagmarkten waarschijnlijk niet ten goede zou
komen - uit politie-oogpunt tegen toelating hiervan, nu het
voorgestelde blijkbaar als een noodzakelijke voedselvoorzien-
ingsmaatregel moet worden gezien, geen bepaalde bedenkingen
bestaat.
Een gemeentelijke regeling van deze materie - in afwij-
king van het bepaalde in artikel 8 der bij de Wet van 27
Juli 1934, Staatsblad No. 450, gewijzigde en bij het Winkelslui-
tingsbesluit 1941 aangevulde Winkelsluitingswet, Staatsblad
1930 No. 460 - zou mogelijk kunnen steunen op het bepaalde
in artikel 9, lid 1 (1e gedeelte) van deze wet, in welk
geval het mijns inziens het meest voor de hand zou liggen, de
Verordening op de Winkelsluiting dienovereenkomstig aan te
vullen.
In verband met het vermelde in de laatste alinea van bij-
gaand schrijven, zij nog opgemerkt, dat de mogelijkheid van
verkoop op Zondagen van versche visch in winkels - in afwij-
king van het bepaalde in artikel 2 onder a, van de Winkelslui-
tingswet - aan de hand van het bepaalde in artikel 3 lid 2
van het Winkelsluitingsbesluit, juncto artikel 4 lid 1, onder
d, der wet, nader is geregeld in artikel 4, lid 2, der
verordening.
De Hoofdcommissaris van Politie
namens dezen
De Commissaris van Politie
toegevoegd voor de Administratie,
w.g. H. Holsbergen.
Coli.:
Aan den Heer Burgemeester
van Amsterdam. In dit document adviseert de Amsterdamse politie de burgemeester positief over het toestaan van visverkoop op de zondagse markten. De kern van het betoog is dat, hoewel de politie erkent dat dit de traditionele zondagsrust en het straatbeeld verstoort, het belang van de voedselvoorziening op dat moment zwaarder weegt.
De tekst is doorspekt met juridische verwijzingen naar de Winkelsluitingswet en bijbehorende besluiten om aan te tonen hoe deze uitzondering wettelijk verankerd kan worden in de gemeentelijke verordening. Opvallend is de archaïsche en zeer formele ambtelijke taal ("UEdelAchtbare", "juncto", "onder terugzending van het mij... in handen gestelde schrijven"). Het document dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De voedselsituatie in de steden werd in deze periode steeds nijpender door schaarste en distributiemaatregelen.
De term "noodzakelijke voedselvoorzieningsmaatregel" duidt erop dat de autoriteiten pragmatische oplossingen zochten om de bevolking van eten te voorzien, zelfs als dit indruisde tegen diepgewortelde sociale normen zoals de zondagsrust. De burgemeester van Amsterdam was in deze tijd Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld. De brief illustreert hoe het dagelijks leven en de lokale wetgeving in Amsterdam werden aangepast aan de grimmige realiteit van de oorlogseconomie.