Getypt afschrift van een rapport/brief.
Origineel
Getypt afschrift van een rapport/brief. 29 september 1942. C.J. v. Moerkerken, Chef-Marktopzichter. Den Heer Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam ("Alhier"). [Handgeschreven linksboven:] 25/48/1 m 7/10
[Rechtsboven:] HB.
A f s c h r i f t .
Den Heer Inspecteur van het
Marktwezen,
A l h i e r .
/dag
Ter voldoening aan Uw telefonische opdracht van 28 September 1942 om na te gaan in hoeverre de mogelijkheid heeft bestaan, dat op Zaterdag 26 September 1942 des namiddags om 5.30 uur de vischkoopman J.Koning in de 1e Jan Steenstraat zeevisch aan het publiek heeft verkocht, bericht ik U het volgende:
Op den laten Zatermiddag van 26 September 1942 is, in tegenstelling met andere Zaterdagen een vrij belangrijke hoeveelheid zeevisch op de Albert Cuypmarkt aangevoerd. Voor het grootste gedeelte dezer aanvoer, namelijk voor de pufschar, bestond bij het marktpubliek geringe belangstelling, zoodat het zich zelfs liet aanzien, dat een gedeelte als onverkoopbaar zou moeten worden ingestald. De vischkoopman J.Koning, die dien middag tot de aanvoerders behoorde, had + 3 kg. van deze vrijwel onverkoopbare pufschar voor eigen gebruik medegenomen.
Gezien de geringe kwaliteit bestond bij zijn vrouw weinig animo om deze visch te bakken, vanwege de vetschaarste, zoodat hij ongeveer de helft aan een familielid trachtte over te doen, hetgeen inderdaad gelukte. Deze handeling vond plaats in de 1e Jan Steenstraat voor perceel 141 voor de woning van Koning.
Alhoewel het niet in de bedoeling zal liggen om de "eigen gebruik" visch aan derden over te mogen doen, kan m.i. in dit geval in mindere mate sprake zijn van onttrekking aan de algemeene verdeeling. Ware het familielid naar de markt gegaan, dan had het zich zelfs op zeer gemakkelijke wijze van pufschar, zooals Koning te koop had, in ruime mate kunnen voorzien, vanwege de onverkoopbaarheid.
Amsterdam, 29 September 1942.
w.g. C.J.v.Moerkerken.
Chef-Marktopzichter. Het document is een ambtelijke rapportage over een vermeende overtreding van de distributieregels tijdens de Duitse bezetting. De kern van de zaak is of viskoopman J. Koning illegaal vis heeft verkocht of weggegeven buiten de officiële markturen en kanalen om.
De inspecteur (Van Moerkerken) concludeert na onderzoek dat er weliswaar vis is overgedragen aan een familielid bij de woning van Koning (1e Jan Steenstraat 141), maar pleit de koopman min of meer vrij. Zijn argumenten zijn:
1. De vis ("pufschar", kleine schar) was van dermate slechte kwaliteit dat er op de markt geen belangstelling voor was.
2. Er was op dat moment een overschot aan deze specifieke vis, dus er is geen sprake van het tekortdoen van andere consumenten ("onttrekking aan de algemeene verdeeling").
3. Zelfs de vrouw van de koopman wilde de vis niet bakken vanwege de schaarste aan bakvet; het weggeven was dus eerder een noodoplossing om verspilling te voorkomen dan een illegale handelstransactie. Dit document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de voedselvoorziening in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1942 was de schaarste al aanzienlijk. Alles wat buiten de officiële distributie ("de algemeene verdeeling") omging, werd streng gecontroleerd door instanties zoals het Marktwezen.
De Albert Cuypmarkt was (en is) een centraal punt voor de voedselvoorziening in de wijk De Pijp. Dat een kleine hoeveelheid van 3 kilo minderwaardige vis aanleiding gaf tot een officieel onderzoek en een getypt rapport, illustreert de bureaucratische controle en de argwaan die er heerste. De genoemde "vetschaarste" was een reëel probleem; boter en olie waren op de bon en uiterst schaars, waardoor het bakken van vis een luxe was die men niet verspilde aan vis van slechte kwaliteit. De term "pufschar" verwijst naar ondermaatse of zeer kleine platvis die vaak als bijvangst werd gezien.