Archiefdocument
Origineel
5 januari 1942 Een ambtenaar van de Marktpolitie/Marktwezen (gevestigd aan de Ten Katestraat) De Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam Den Heer Inspecteur Marktwezen.
De stallenverhuurder, A. v. d. Berg, heeft mij medegedeeld dat hij abusievelijk aan E. Appelboom het verlichtingsmateriaal van S. Winnik heeft afgegeven, die het bij Reygward heeft ingeleverd voor den plaatshouder M. Alagenaar. Reygward heeft ten name van M. Alagenaar een bewijs No 232 van inlevering aan E. Appelboom afgegeven. A. v. d. Berg heeft E. Appelboom weten te bewegen om het ontvangstbewijs ten name van M. Alagenaar aan hem af te geven. v. d. Berg verzoekt of nu kan worden aangemerkt dat S. Winnik wel doch M. Alagenaar niet het verlichtingsmateriaal heeft ingeleverd.
M.i. E. Appelboom, M. Alagenaar en S. Winnik oproepen.
De navolgende stallinghouders moeten het verlichtingsmateriaal nog inleveren.
133 S. Deegen. [notitie:] 3 berispt [?]
145 L. Knigge.
40 M. Piller +
6 M. Waterman
300 G. v. d. Woude +
314 S. Winnik } (zie boven.)
58 M. Alagenaar }
Amsterdam, 5 Januari 1942
[Onleesbare handtekening, mogelijk L. Heijman]
Ten Katestraat
[Kantlijnnotities:]
* F oproepen 9-1-'42 gedaan
* Insp.! m.i. oproepen 12/1.42 Het document is een ambtelijk verslag over een administratieve fout bij de Amsterdamse markten tijdens de Duitse bezetting.
Kern van de zaak:
Er is verwarring ontstaan bij het inleveren van gehuurd verlichtingsmateriaal (waarschijnlijk de lampen die marktkooplieden huurden voor hun kramen). De stallenverhuurder heeft per abuis een inleverbewijs op de verkeerde naam (Alagenaar) gezet en aan de verkeerde persoon (Appelboom) gegeven, terwijl het materiaal eigenlijk van Winnik was. De briefschrijver adviseert de Inspecteur om de drie betrokkenen op te roepen om de administratieve onjuistheid te herstellen.
Daarnaast bevat het document een lijst van zes andere kooplieden die hun materiaal nog niet hebben ingeleverd, met aantekeningen over acties die ondernomen moeten worden (zoals oproepen). Dit document is historisch significant vanwege de datum en de namen die erin voorkomen:
- Joodse Gemeenschap: Vrijwel alle genoemde namen (Winnik, Appelboom, Alagenaar, Piller, Waterman, Deegen) zijn Joods. De Ten Katemarkt in Amsterdam-West was een markt waar veel Joodse kooplieden werkten.
- Tijdsgewricht (Januari 1942): Dit is een kritieke fase in de Tweede Wereldoorlog. Sinds 1941 waren er al tal van anti-Joodse maatregelen van kracht. Joodse marktkooplieden werden stelselmatig gedwarsboomd, geïsoleerd op specifieke markten of geheel van de markt verbannen.
- Bureaucratische controle: De enorme precisie waarmee het Marktwezen de inlevering van materiaal controleerde, was onderdeel van het apparaat dat de Joodse bevolking uit het economische leven weerde. Het 'moeten inleveren' van materiaal kan betekenen dat deze kooplieden hun recht op een standplaats waren verloren of dat zij hun bezittingen moesten afstaan.
- Tragiek: De administratieve rompslomp over lampen en bonnetjes in dit document staat in schril contrast met de realiteit van die tijd: slechts enkele maanden na dit schrijven zouden de grootschalige deportaties van Joodse Amsterdammers naar de vernietigingskampen beginnen. De bureaucratie bleef tot op het kleinste detail functioneren, terwijl de mensen achter de namen op de lijst vogelvrij werden verklaard.