Ambtelijke brief/doorslag (met stempel- en handschrift-aantekeningen).
Origineel
Ambtelijke brief/doorslag (met stempel- en handschrift-aantekeningen). 17 maart 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Stempel/Kenmerk linksboven:]
VG/HG.
[Handgeschreven bovenin:]
Inspecteur
Verzonden 18/3
[Linksboven:]
27/6/5 M.
1
[Rechtsboven:]
17 Maart 1942.
[Onderwerp links:]
Straf marktkoopman B.D. de
la Houssaye Ten Katestraat.
[Adres rechts:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Hoofdtekst:]
In bijlage dezes heb ik de eer U over te leggen een afschrift van een rapport van den marktopzichter H. Vrij van mijn dienst, waaruit blijkt, dat de marktkoopman B.D. de la Houssaye, wonende Cabralstraat 30 III, zich op Maandag 9 Maart jl. heeft schuldig gemaakt aan het verstoren van de orde op de markt Ten Katestraat. Ook op 26 Februari jl. had de la Houssaye zich aan ernstige ordeverstoring op deze markt schuldig gemaakt, doordat hij aldaar in het openbaar zijn verloofde, Mej. De Groot, heeft geslagen en mishandeld, waardoor een groote volksoploop ontstond. De la Houssaye voornoemd is door mij, ingevolge het bepaalde in artikel 39 lid 1 van het Reglement op de Markten, gestraft met ontneming van het recht een plaats op een der markten hier ter stede in te nemen voor den tijd van 14 dagen, namelijk van Woensdag 11 tot en met Dinsdag 24 Maart 1942. Aangezien deze marktkoopman zich reeds eerder aan ordeverstoring heeft schuldig gemaakt, waarvoor hem dezerzijds van 8 tot en met 21 Januari jl. het recht werd ontnomen een plaats op een der markten in te nemen, acht ik het thans noodzakelijk een strenge straf toe te passen.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat De la Houssaye voornoemd bij besluit van den Burgemeester, in aansluiting op mijn straf, ingevolge het bepaalde in artikel 39 lid 3 van het Reglement op de Markten, wordt gestraft met ontneming van het recht een plaats op een der markten hier ter stede in te nemen voor den tijd van 6 maanden, zulks met ingang van 25 Maart a.s.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Inhoud: Het document betreft een verzoek van een onbekende directeur (waarschijnlijk van de Marktendienst) aan de wethouder om een marktkoopman voor zes maanden te schorsen. De koopman, B.D. de la Houssaye, is een recidivist die herhaaldelijk de orde op de Ten Katemarkt heeft verstoord.
* Incidenten:
1. Januari 1942: Eerdere ordeverstoring (14 dagen schorsing).
2. 26 februari 1942: Publieke mishandeling van zijn verloofde (Mej. De Groot), leidend tot een "groote volksoploop".
3. 9 maart 1942: Hernieuwde ordeverstoring.
* Juridische grondslag: Er wordt verwezen naar het 'Reglement op de Markten', specifiek artikel 39, lid 1 (bevoegdheid directeur voor korte schorsing) en lid 3 (bevoegdheid burgemeester voor langdurige schorsing).
* Toon: Formeel-ambtelijk, maar vastbesloten in het eisen van een "strenge straf". * Tijdperk: Maart 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Locatie: Amsterdam. De adressen (Cabralstraat en Ten Katestraat) bevinden zich in de Kinkerbuurt (Amsterdam-West).
* Historische relevantie: Hoewel het document gaat over een strafrechtelijke/ordetechnische kwestie van 'gemeen recht' (mishandeling en ordeverstoring), illustreert het de strikte handhaving van de openbare orde in een tijd van schaarste. Markten waren in 1942 cruciale punten voor de voedselvoorziening, die onder toezicht stond van de "Wethouder voor de Levensmiddelen". Verstoringen op de markt werden door de autoriteiten extra zwaar aangerekend vanwege de mogelijke politieke of sociale onrust die daaruit kon voortvloeien. De hiërarchie tussen directeur, wethouder en burgemeester toont de toenmalige bestuurlijke structuur van de gemeente onder toezicht van de bezetter.