Notities van een bespreking (verslag).
Origineel
Notities van een bespreking (verslag). 1 december 1942 (handgeschreven: 12/12 '42). Handgeschreven linksboven:
Concept
12/12 42
Getypt midden boven:
C o n c e p t.
=============
N o t i t i e s van een bespreking op 1 December 1942 van den waarnemend Directeur van het Marktwezen, den Heer J.J. Sieburgh, den Gemeentelijk Adviseur voor Voedings- en Distributieaangelegenheden, den Heer F. van Meurs, den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening, den Heer Ter Heege, den Bureauchef van het Marktwezen, den Heer H. van Duinhoven met de grossiers der Centrale Markt, de Heeren Dijkstra, Kramer en Draaisma.
O n d e r w e r p : Winteropslag stapelgroenten.
De Heer Dijkstra deelt, naar aanleiding van het besprokene in de vorige vergadering mede, dat de Combinatie haar oorspronkelijk plan intrekt en daarvoor thans een nieuw voorstel wil indienen. Dit luidt als volgt: De Gemeente koopt van het Bureau Velders de artikelen, die moeten worden opgeslagen en wordt daarmede dus eigenaresse van deze artikelen. De opslagkosten komen voor rekening van de Gemeente, doordat zij de Combinatie belast met de uitvoering ervan. Tegen den tijd, dat de opgeslagen goederen moeten worden opgeruimd, treedt de Combinatie van grossiers als koopster op tegen den dan geldenden marktprijs, verhoogd met f 1,10 per 100 kg. kosten van het Bureau Velders.
De Heer Van Meurs neemt even aan, dat de Gemeente dit voorstel zal accepteeren; het staat wel vast, dat zij medezeggenschap moet hebben in de aan den opslag verbonden kosten. Zij zal namelijk die kosten moeten betalen. De Gemeente zal dan dus volledig als koopvrouw optreden met het daaraan verbonden risico, of de goederen wel afgenomen zullen worden.
De Heer Dijkstra zegt, dat de Combinatie als koopster van de Gemeente zal optreden en niemand anders; een en ander op grondslag van loyale samenwerking.
De Heer Van Meurs zegt, dat de Gemeente dan dus zal koopen met medewerking van de Combinatie; deze Combinatie verplicht zich dan ook om de artikelen, op het moment, dat ze onder den kleinhandel moeten worden gebracht, van de Gemeente af te nemen. De Combinatie verzorgt den opslag en de Gemeente betaalt daarvoor de kosten. De Combinatie stelt fusten beschikbaar en de Gemeente betaalt daarvoor huur. Het losloon, onderhoud, vrachten en dergelijke zullen door de Gemeente worden gedragen, benevens een vergoeding aan
(Einde pagina) * Kern van de overeenkomst: Er wordt een publiek-private samenwerking voorgesteld waarbij de Gemeente de financiële eigenaar wordt van de wintervoorraad groenten om de voedselvoorziening te garanderen. De grossiers (verenigd in 'de Combinatie') voeren het praktische werk uit (opslag).
* Risicoverdeling: De Gemeente draagt het volledige financiële risico. Zij betaalt de aankoop, de opslag, de huur van emballage (fusten), transport en onderhoud. Als de groenten bederven of de marktprijs daalt, ligt het verlies bij de overheid.
* Garanties: De grossiers verplichten zich om de goederen later weer van de Gemeente te kopen voor de op dat moment geldende marktprijs plus een vergoeding voor het administratieve Bureau Velders. Dit garandeert de Gemeente een afzetkanaal, mits de kwaliteit behouden blijft.
* Juridische status: Het document benadrukt dat de Gemeente "koopvrouw" wordt, wat duidt op een commerciële rol voor de lokale overheid in oorlogstijd. Dit document stamt uit december 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze periode een kritieke taak van het gemeentebestuur vanwege de toenemende schaarste en het distributiesysteem. De "stapelgroenten" (zoals aardappelen, kool en wortelen) waren essentieel om de winter door te komen.
De genoemde "Centrale Markt" verwijst zeer waarschijnlijk naar de Centrale Markthallen in Amsterdam (Jan van Galenstraat), gezien de genoemde namen en de structuur van de gemeentelijke diensten. Het gebruik van een 'Bureau Velders' als intermediair was typerend voor de bureaucratische controle op de handel tijdens de bezettingsjaren. Dergelijke constructies waren noodzakelijk om speculatie te voorkomen en de distributie naar de burgerbevolking (via de kleinhandel) enigszins stabiel te houden.