Getypt verslag/beleidsstuk.
Origineel
Getypt verslag/beleidsstuk. Vermoedelijk juli 1942 (gebaseerd op stempel L.M. 1942 8/7 en M. 1942 4/1). Nº 348 L.M. 1942 8/7
Nº 37/2/27 M. 1942 4/1
Regeling der groentevoorziening in enkele gemeenten in de periode 1941-1942.
GEMEENTE AMSTERDAM.
In den afgeloopen winter is met medewerking van het Gemeentebestuur opgeslagen:
aardappelen voor 2 à 2½ week voor rekening van de grossiers.
voor 2 weken voor rekening van de Akkerbouw Centrale.
groente voor rekening van de grossiers:
25 wagons uien,
25 " peen
25 " koolrapen
1100 vaten groente
bovendien hebben de grossiers in den loop van den winter nog 50 wagons uien in voorraad gekregen.
opslag De opslag van aardappelen geschiedde deels in pakhuizen in verschillende deelen van de stad en op de Centrale Markt, deels in schepen, liggende aan de Centrale Markt.
De opslag van de groente had geheel op de Centrale Markt plaats waar in verschillende gebouwen en loodsen ruimte voor is vrij gemaakt.
bemoeiingen Het Gemeentebestuur verleende medewerking met het verkrijgen van de benoodigde pakhuisruimten en stelde op de Centrale Markt de verschillende ruimten voor opslag en kantoor kosteloos beschikbaar.
algemeene organisatie voor den opslag. Voor den opslag en de financiering ervan hebben de grossiers in aardappelen gebruik gemaakt van de bestaande organisatie de zgn. V.B.N.A. De grossiers in grove wintergroente, de zgn. winterstapelproducten, hebben voor dit doel een combinatie gevormd. De financiering er van hebben zij opgedragen aan de plaatselijke Middenstandsbank, die tevens de administratieve regeling voor de verdeeling van de groente op zich heeft genomen.
Grondslag van verdeeling en uitgiftewijze onder aardappelenwinkeliers.
De V.B.N.A. is bij de toewijzing van aardappelen uitgegaan van den omzet van elk der winkeliers over het winterseizoen 1939/1940 plus een marge voor het verhoogde aardappelenverbruik. Op dezen grondslag krijgen de winkeliers een zgn. bonnentoe wijzing, waarvoor zij bij inlevering en betaling aan het kantoor van de V.B.N.A. aan de Centrale Markt een ontvangbewijs voor aardappelen krijgen.
Grondslag van verdeeling en uitgiftewijze onder de groentewinkeliers.
De groentewinkeliers krijgen een toewijzing voor groente naar rato van hun aardappelenomzet in de winterperiode 1939/1940. De gegevens van de V.B.N.A. worden daarvoor als grondslag aangenomen. Groentewinkeliers, welke geen aardappelen verkoopen, krijgen een toewijzing, verband houdende met hun omzet in vroegere jaren, waarvoor zij de noodige gegevens moeten overleggen.
De financieele regeling.
De opslagregeling wordt technisch en financieel dus geheel door de grossiers verzorgd. Zij dragen uitsluitend en in elk opzicht het risico. De Gemeente gaat evenwel een contract aan met de groentegrossiers, waarin op voorwaarde, dat de groente niet vrij gegeven wordt anders dan onder toestemming van het gemeentebestuur, een vastgestelde vergoeding wordt gegeven voor renteverlies, inweeg van het product, onkosten, onderhoud en bewaking. Het Gemeentebestuur weet dus precies waar het financieel aan toe is.
Resultaat.
De regeling heeft zoowel over de winterperiode 1940/1941, alsmede over 1941/'42 goed voldaan.
Er was een goede samenwerking tusschen grossiers en winkeliers en met het Gemeentebestuur. Dit document is een beleidsevaluatie van de voedselvoorziening in Amsterdam tijdens de eerste jaren van de Duitse bezetting. De focus ligt op de logistieke en financiële afspraken tussen de gemeente, de grossiers (groothandelaren) en de winkeliers.
Kernpunten uit het document:
* Voorraadvorming: Er werden aanzienlijke hoeveelheden aardappelen en wintergroenten (uien, peen, koolrapen) opgeslagen om tekorten in de winter te overbruggen.
* Locatie: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) speelde een centrale rol als opslag- en distributiepunt.
* Bureaucratie: De verdeling gebeurde op basis van historische omzetcijfers uit het vooroorlogse seizoen 1939/1940, aangevuld met een bonnensysteem.
* Risicoverdeling: De grossiers droegen het operationele risico, terwijl de gemeente controle behield over de vrijgave van de voorraden in ruil voor een onkostenvergoeding. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheid via het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Hoewel de beruchte Hongerwinter (1944-1945) nog ver weg was, waren er in 1941 en 1942 al duidelijke tekenen van schaarste en rantsoenering.
De V.B.N.A. (Vereniging van Belangen van de Nederlandse Aardappelhandel), die in de tekst genoemd wordt, was een cruciaal orgaan in de keten. Dit document toont aan hoe lokale overheden (Amsterdam) probeerden de grip op de lokale markt te houden door samenwerkingsverbanden aan te gaan met private partijen zoals de Middenstandsbank en groothandelscombinaties, om zo de stabiliteit van de voedselketen te waarborgen onder de druk van de bezettingsomstandigheden. V.B.N.A. De Gemeente Amsterdam Rijksbureau