Archief 745
Inventaris 745-376
Pagina 355
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijk verslag / rapportage (getypt).

Origineel

Ambtelijk verslag / rapportage (getypt). - 2 -

GEMEENTE ARNHEM.

Tusschen plaatselijken groot- en kleinhandel en Gemeentebestuur bestond gedurende den geheelen winter een zeer nauw contact.

De groothandelaren te Arnhem hebben zich tot een combinatie gevormd.
Uit de plaatselijke grossiers en detaillisten was een kleine commissie gevormd, welke commissie met den Wethouder van Sociale Zaken regelmatig overleg pleegde inzake de in de Gemeente aanwezige voorraden, enz. Dit overleg leidde tot een frequent overleg met het "Bureau van den Heer Velders".

Veelal werden de bestellingen door de grossiers zelf gedaan; eenige malen door de Gemeente.

De groenten werden opgeslagen in de pakhuizen van de grossiers; bovendien was door de Gemeente een pakhuis beschikbaar gesteld.

Financieel risico heeft de Gemeente dezen winter bij de groentevoorziening niet geloopen. Met de grossiers was overeengekomen, dat de financieele gevolgen van den "opslag" en de regelmatige bestellingen voor rekening van de grossiers bleven.

De "aangekomen" groenten werden onder de detaillisten verdeeld, waarbij rekening werd gehouden met den "omvang" van het bedrijf van den betrokken detaillist.

In samenwerking met de Vereeniging van Kleinhandelaren waren de detaillisten in 4 klassen verdeeld. Deze indeeling bepaalde den omvang van het te verstrekken quantum groenten.

Dit systeem heeft uitstekend gewerkt; klachten hierover zijn bijna niet voorgekomen.

Namens de Gemeente werd door den directeur van de Centrale Keukens, die toch als zoodanig "contact" met de grossiers had, toezicht gehouden op de binnengekomen partijen, op de juiste verdeeling en administratie daarvan. Vastgesteld mag worden, dat ook hier geen moeilijkheden ontstonden.

Voorts was nog overeengekomen met het kantoor Arnhem van de Nederlandsche Middenstandsbank om - ingeval dit noodig mocht zijn - den plaatselijken groothandel en de detaillisten met hun financiën te "helpen".

Resumeerende mag worden gezegd, dat, dank zij de groote medewerking van en aangename verhouding tot het "Bureau-Velders", de te Arnhem in den afgeloopen winter getroffen regeling tot tevredenheid van alle daarbij betrokkenen heeft gewerkt.

GEMEENTE ENSCHEDE.

In het belang van de voedselvoorziening werd het noodig geoordeeld gedurende den winter 1941/'42 een voorraad stapelgroenten te Enschede aanwezig te hebben, welke voorraad aan de bevolking van Enschede verkocht zou worden, indien tengevolge van weers- of andere omstandigheden de aanvoer naar Enschede van stapelgroenten gedurende het tijdvak van 15 December 1941 - 28 Februari 1942 stagnatie mocht ondervinden.

Opgeslagen werden gedurende bovengenoemde periode:
Peen: 321.857 kg.
Koolrapen: 196.949 "
Uien: 231.852 "
Bieten: 50.000 "

De gemeente Enschede kwam met een combinatie van drie grossiers overeen dat deze voor eigen rekening en risico de groente gedurende bovenvermelde periode zouden opslaan. Bij het einde van deze periode en bij juiste nakoming van deze overeenkomst zou door de gemeente Enschede een zeker bedrag betaald worden, ter vergoeding van de door de grossierscombinatie gemaakte kosten en eventueel geleden verliezen.

Van door enkele fabrieken ter beschikking gestelde pakhuizen werd een dankbaar gebruik gemaakt.

Met uitzondering van de 231.852 kg. uien werden alle hoeveelheden op daar- Het document is een administratief verslag over de organisatie van de voedselvoorziening in de gemeenten Arnhem en Enschede tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele kernpunten vallen op:

  1. Publiek-private samenwerking: Er is sprake van een nauwe samenwerking tussen het lokale bestuur (gemeente) en de private sector (grossiers en detaillisten). In beide steden werden "combinaties" van handelaren gevormd om de logistiek te stroomlijnen.
  2. Risicobeheer: In Arnhem lag het financiële risico bij de handelaren zelf. In Enschede nam de gemeente een deel van het risico op zich door een vergoeding te beloven voor opslagkosten en eventuele verliezen aan het eind van het seizoen.
  3. Rationering en Classificatie: Arnhem hanteerde een systeem waarbij winkeliers in vier klassen werden ingedeeld om de "quantum" (hoeveelheid) groenten te bepalen. Dit wijst op een strak gereguleerd distributiesysteem.
  4. Strategische Voorraad: Enschede legde enorme hoeveelheden "stapelgroenten" (wortelen, koolrapen, uien, bieten) aan om winterse stagnatie in de aanvoer op te vangen. De totale voorraad bedroeg ruim 800.000 kilo. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De winter van 1941-1942 was klimatologisch zeer streng, wat de aanvoer van voedsel bemoeilijkte. Bovendien was de voedselvoorziening in deze jaren een kritiek punt door de toenemende schaarste en het systeem van distributiebonnen.

Gemeenten kregen een steeds grotere verantwoordelijkheid om hun eigen bevolking van basisbehoeften te voorzien, vaak onder toezicht van landelijke instanties zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. De genoemde "Centrale Keukens" waren instellingen waar burgers tegen inlevering van bonnen een warme maaltijd konden halen, wat essentieel werd naarmate de brandstof- en voedseltekorten toenamen. De toon van het document is opvallend positief en ambtelijk, gericht op het aantonen van een efficiënt bestuur in tijden van crisis.

Samenvatting

Het document is een administratief verslag over de organisatie van de voedselvoorziening in de gemeenten Arnhem en Enschede tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele kernpunten vallen op:

  1. Publiek-private samenwerking: Er is sprake van een nauwe samenwerking tussen het lokale bestuur (gemeente) en de private sector (grossiers en detaillisten). In beide steden werden "combinaties" van handelaren gevormd om de logistiek te stroomlijnen.
  2. Risicobeheer: In Arnhem lag het financiële risico bij de handelaren zelf. In Enschede nam de gemeente een deel van het risico op zich door een vergoeding te beloven voor opslagkosten en eventuele verliezen aan het eind van het seizoen.
  3. Rationering en Classificatie: Arnhem hanteerde een systeem waarbij winkeliers in vier klassen werden ingedeeld om de "quantum" (hoeveelheid) groenten te bepalen. Dit wijst op een strak gereguleerd distributiesysteem.
  4. Strategische Voorraad: Enschede legde enorme hoeveelheden "stapelgroenten" (wortelen, koolrapen, uien, bieten) aan om winterse stagnatie in de aanvoer op te vangen. De totale voorraad bedroeg ruim 800.000 kilo.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De winter van 1941-1942 was klimatologisch zeer streng, wat de aanvoer van voedsel bemoeilijkte. Bovendien was de voedselvoorziening in deze jaren een kritiek punt door de toenemende schaarste en het systeem van distributiebonnen.

Gemeenten kregen een steeds grotere verantwoordelijkheid om hun eigen bevolking van basisbehoeften te voorzien, vaak onder toezicht van landelijke instanties zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. De genoemde "Centrale Keukens" waren instellingen waar burgers tegen inlevering van bonnen een warme maaltijd konden halen, wat essentieel werd naarmate de brandstof- en voedseltekorten toenamen. De toon van het document is opvallend positief en ambtelijk, gericht op het aantonen van een efficiënt bestuur in tijden van crisis.

Kooplieden in dit dossier 12

Auto's met aanhangwagens 4
Auto's met aanhangwagens 4
E. Kool 497
E. Kool 497
Luxe auto's -
Luxe auto's -
Paard en wagens 193
Paard en wagens 193
R. Kool 1205
R. Kool 1205
W. Kool 1155
W. Kool 1155

Gerelateerde Documenten 4