Archiefdocument
Origineel
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN
No. 37/4/21 M.
Amsterdam
Jan van Galenstraat 14.
, 20 Augustus 1942.
Aan
de fa. J. de Geus & Co.,
Centrale Markt No.
Amsterdam-West 3.
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz. voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóraf met mij te verstaan.
De Directeur,
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN
--- Deze brief is een formeel schrijven van de Directie van het Marktwezen in Amsterdam aan een handelshuis (fa. J. de Geus & Co). De kern van de brief is de administratieve afhandeling van een huurovereenkomst voor een pakhuisruimte op het terrein van de Centrale Markt.
De brief benadrukt twee belangrijke juridische en beheersmatige punten:
1. Onderhoudsplicht: De huurder wordt gewezen op artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek (oud), waarin is vastgelegd dat kleine herstellingen (zoals hang- en sluitwerk en ruiten) voor rekening van de huurder komen.
2. Welstand en Reclame: Er wordt strikt gewezen op artikel 8 van het huurcontract, dat het aanbrengen van reclame-uitingen verbiedt zonder voorafgaande toestemming van de directeur. Dit diende om de eenheid en orde op het marktterrein te bewaren.
De tekst is opgesteld in de toen gebruikelijke formele ambtelijke stijl ("heb ik de eer U", "U gelieve zich"). De spelling is de vooroorlogse spelling (bijv. "pakhuisafdeeling", "reparatiën").
--- De brief dateert van augustus 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de inhoud strikt zakelijk en administratief is, is de context van de Duitse bezetting onvermijdelijk. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat (geopend in 1934) vormden het kloppend hart van de voedseldistributie in Amsterdam.
Tijdens de bezettingsjaren stond het Marktwezen onder strikt toezicht. De markten waren essentieel voor de voedselvoorziening, maar ook locaties waar de bezetter via distributieregels en controles grip probeerde te houden op de goederenstromen. De firma J. de Geus & Co was waarschijnlijk een grossier of groothandel in levensmiddelen die een vaste plek op het terrein nodig had voor opslag. De strikte handhaving van regels omtrent reclameborden en onderhoud past in het beeld van een strak gereguleerd en gecontroleerd marktbeheer in die tijd. J. de Geus M. Marktwezen