Officiële correspondentie / begeleidende brief bij huurcontract.
Origineel
Officiële correspondentie / begeleidende brief bij huurcontract. 7 september 1942. DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN
No. 37/4/24 M.
Amsterdam,
7 September 1942
Aanfa. J.de Geus & Co's
Centrale Markt No.B.7.
Amsterdam-West.
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcon-
tract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale
Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, in-
gevolg het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek repara-
tiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz. voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat arti-
kel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen
te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te
brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle ge-
vallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding
wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur,
[Handtekening] De kern van deze brief is de formele overdracht van een geregistreerd huurcontract voor een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De directeur van het Marktwezen wijst de huurder (Firma J. de Geus & Co's) expliciet op twee belangrijke contractuele en wettelijke verplichtingen:
- Onderhoudsplicht: Op basis van artikel 1619 van het toenmalige Burgerlijk Wetboek vallen kleine herstellingen (zoals aan ruiten en sloten) onder de verantwoordelijkheid en kosten van de huurder.
- Beperking op reclame: Artikel 8 van het specifieke huurcontract verbiedt het aanbrengen van reclame-uitingen of borden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de directie.
De toon is zakelijk en dwingend, typerend voor overheidscommunicatie uit die periode. De brief is gedateerd op 7 september 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De "Centrale Markt" in Amsterdam-West (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was het logistieke hart voor de voedselvoorziening in de stad.
Hoewel de brief strikt zakelijk lijkt en over huurvoorwaarden gaat, is de datum relevant: in deze periode stond de handel onder strikte controle van de bezetter en de distributiestamkaarten. De Firma J. de Geus & Co's was een van de vele handelsondernemingen die op dit terrein opereerden. De verwijzing naar het Burgerlijk Wetboek toont aan dat, ondanks de oorlogssituatie, de reguliere Nederlandse civiele rechtsgang en administratieve procedures met betrekking tot vastgoed en marktzaken grotendeels werden gehandhaafd door de gemeentelijke diensten. J. de Geus M. Marktwezen