Zakelijke brief / Kennisgeving.
Origineel
Zakelijke brief / Kennisgeving. Directie van het Marktwezen, Amsterdam (gevestigd aan de Jan van Galenstraat 14). De heer J. Wiggemansen, gevestigd te Weesp (met betrekking tot een pakhuis op de Centrale Markt No. P.2). DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN
No. 37/4/30a
Amsterdam
Jan van Galenstraat 14.
Aan J.Wiggemansen
Centrale Markt No.P.2
Weesp. [doorgehaald met X-tekens]
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcon-
tract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale
Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, in-
gevolg het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek repara-
tiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz. voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoover noodig, in herinnering, dat arti-
kel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te
Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of het gehuurde aan te bren-
gen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle geval-
len, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding
wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur, * Inhoud: De brief dient als begeleidend schrijven bij een huurcontract voor een pakhuisruimte (sectie P.2) op de Centrale Markt in Amsterdam. De directeur van het Marktwezen wijst de huurder expliciet op twee contractuele verplichtingen:
1. Onderhoud: Kleine herstellingen (zoals rolluiken en sloten) komen conform het toenmalige Burgerlijk Wetboek voor rekening van de huurder.
2. Welstand/Reclame: Het is strikt verboden om zonder voorafgaande schriftelijke toestemming borden of reclame-uitingen op het pand te plaatsen.
* Taalgebruik: De toon is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer", "U gelieve zich... met mij te verstaan"). De spelling (bijv. "pakhuisafdeeling", "vóóraf", "reparatiën") is kenmerkend voor de periode vóór de spellinghervorming van 1947.
* Vorm: Het betreft een getypt document, vermoedelijk een doorslag (carbon copy) voor het archief, aangezien een handtekening ontbreekt. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam werden geopend in 1934 om de voedseldistributie in de stad te centraliseren. De Directie van het Marktwezen beheerde dit terrein en hanteerde strikte regels om de eenheid en orde op het terrein te bewaren. De verwijzing naar artikel 1619 van het (oude) Burgerlijk Wetboek onderstreept de juridische inkadering van de huurverhouding in die tijd. De geadresseerde, J. Wiggemansen, was waarschijnlijk een handelaar of grossier die van buiten de stad (Weesp) opereerde, maar voor zijn dagelijkse handel een pakhuis op de markt nodig had.