Archief 745
Inventaris 745-381
Pagina 75
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtseedig rapport (proces-verbaal) met bijgevoegd afschrift van een verklaring.

11 april 1942 (rapport) en 10 april 1942 (verklaring).

Origineel

Ambtseedig rapport (proces-verbaal) met bijgevoegd afschrift van een verklaring. 11 april 1942 (rapport) en 10 april 1942 (verklaring). [Rechtsboven:] #

Door het koopen van zoetwatervisch van andere zijde
als via de verdeeling op de Gemeente afslag te Amsterdam
heeft Hendriks voornoemde een overtreding begaan
van Art 4 van het Concept Reglement voor de verdeeling
van visch in de Gemeentelijken Afslag te Amsterdam.
Hiervan heb ik opgemaakt het ambtseedig
rapport, gesloten en geteekend den 11 April 1942.

De Controleur L. L. W. 19/33
[Handtekening/Paraaf:] M.v.d. K.

P.S. Afschrift van het briefje contra G.J. de Groot.
Harderwijk 10/4/42.
Mijnheer hierbij verklaar ik, dat ik Woensdag 15 Maart
niet goed in orde was, om mijn werkzaamheden te
verrichten, aan A. Hendriks heb gevraagd mijn
handel te verkoopen tegen de prijs van 41 cent.

w.g. G. J. de Groot
Harderwijk. * Inhoud: Het document betreft een officiële constatering van een economisch delict. Een zekere Hendriks heeft zoetwatervis gekocht buiten de officiële gemeentelijke visafslag van Amsterdam om. Dit was een overtreding van de toen geldende distributieregels (Art. 4 van het Concept Reglement).
* Bewijsvoering: Onder het rapport is een "P.S." toegevoegd. Dit is een kopie (afschrift) van een verklaring van G.J. de Groot uit Harderwijk. De Groot probeert hierin de handeling van Hendriks te rechtvaardigen door te stellen dat hij wegens ziekte op woensdag 15 maart Hendriks had gevraagd zijn handel voor een vaste prijs (41 cent) over te nemen of te verkopen.
* Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (zoals 'visch', 'verdeeling', 'geteekend') en formele ambtelijke termen ('ambtseedig rapport', 'voornoemde').
* Opmerking bij datering: In de verklaring van De Groot wordt gesproken over "Woensdag 15 Maart". In 1942 viel 15 maart echter op een zondag. Mogelijk is hier sprake van een verschrijving (bijv. 11 of 18 maart). Dit document is een direct gevolg van de strikte economische ordening en distributiemaatregelen tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Om de voedselvoorziening te controleren en de zwarte markt tegen te gaan, was het verplicht om producten zoals vis via officiële kanalen (de gemeentelijke afslag) te verhandelen. Controleurs hielden streng toezicht op deze regels. Een overtreding werd gezien als een economisch delict, waarvoor ambtseedige rapporten werden opgemaakt die konden leiden tot boetes of vervolging. De verklaring van De Groot uit Harderwijk suggereert een poging om aan te tonen dat de transactie voortkwam uit overmacht (ziekte) in plaats van bewuste illegale handel.

Samenvatting

  • Inhoud: Het document betreft een officiële constatering van een economisch delict. Een zekere Hendriks heeft zoetwatervis gekocht buiten de officiële gemeentelijke visafslag van Amsterdam om. Dit was een overtreding van de toen geldende distributieregels (Art. 4 van het Concept Reglement).
  • Bewijsvoering: Onder het rapport is een "P.S." toegevoegd. Dit is een kopie (afschrift) van een verklaring van G.J. de Groot uit Harderwijk. De Groot probeert hierin de handeling van Hendriks te rechtvaardigen door te stellen dat hij wegens ziekte op woensdag 15 maart Hendriks had gevraagd zijn handel voor een vaste prijs (41 cent) over te nemen of te verkopen.
  • Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (zoals 'visch', 'verdeeling', 'geteekend') en formele ambtelijke termen ('ambtseedig rapport', 'voornoemde').
  • Opmerking bij datering: In de verklaring van De Groot wordt gesproken over "Woensdag 15 Maart". In 1942 viel 15 maart echter op een zondag. Mogelijk is hier sprake van een verschrijving (bijv. 11 of 18 maart).

Historische Context

Dit document is een direct gevolg van de strikte economische ordening en distributiemaatregelen tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Om de voedselvoorziening te controleren en de zwarte markt tegen te gaan, was het verplicht om producten zoals vis via officiële kanalen (de gemeentelijke afslag) te verhandelen. Controleurs hielden streng toezicht op deze regels. Een overtreding werd gezien als een economisch delict, waarvoor ambtseedige rapporten werden opgemaakt die konden leiden tot boetes of vervolging. De verklaring van De Groot uit Harderwijk suggereert een poging om aan te tonen dat de transactie voortkwam uit overmacht (ziekte) in plaats van bewuste illegale handel.

Locaties

Amsterdam en Harderwijk.

Gerelateerde Documenten 6