Ambtsedig rapport / proces-verbaal.
Origineel
Ambtsedig rapport / proces-verbaal. 16 april 1942. ik ben tegenwoordig zoo bang, daarom heb ik de
ijselmeerbak met matten bedekt en de voorn en blei
in de teil met water gegooid, ik verklaar mij zelf voor
gek, dat ik de laatstgenoemde visch heb aangenomen
om schoon te maken.
Door het koopen van andere zijde als via de
verdeeling op de Gemeente Vischafslag te Amsterdam
heeft Koehler voornoemd een overtreding begaan van
Art 4 van het Concept Reglement voor de verdeeling
van Visch in de Gemeentelijke Vischafslag te
Amsterdam.
Hiervan hebben wij opgemaakt dit Ambtsedig
rapport, gesloten en geteekend den 16. April 1942.
De Controleurs L. P. W. 1933.
[handtekening: W. v. d. K.]
[handtekening: Th. Poegner?]
517 Het document is een officieel rapport van controleurs waarin een overtreding van de visserij- en distributiewetten wordt vastgelegd.
Het eerste deel van de tekst is een geciteerde verklaring van de verdachte, Koehler. De toon is defensief en angstig ("ik ben tegenwoordig zoo bang"). Koehler geeft toe dat hij vis (voorn en blei) buiten het officiële circuit heeft aangenomen en geprobeerd heeft deze te verbergen onder matten in een "ijselmeerbak". Hij probeert zijn actie te minimaliseren door te stellen dat hij de vis alleen aannam "om schoon te maken" en noemt zichzelf "gek" dat hij dit gedaan heeft.
Het tweede deel is de juridische vaststelling door de controleurs. Zij concluderen dat Koehler vis heeft gekocht "van andere zijde" (buiten de officiële kanalen om), wat een directe overtreding is van Artikel 4 van het toen geldende reglement voor de visverdeling in Amsterdam. Het rapport is ondertekend door twee controleurs, vermoedelijk verbonden aan een controledienst (mogelijk de Luchtbeschermingsdienst of een specifieke crisis-controledienst, gezien de afkorting L.P.W. en het jaartal 1933 dat mogelijk naar een oprichtingsbesluit verwijst). Dit document is geschreven in april 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- Schaarste en Distributie: Tijdens de bezetting was er een grote schaarste aan voedsel. De Duitse bezetter voerde een streng distributiesysteem in om de voedselvoorraad te beheersen (en deels naar Duitsland af te voeren). Alle handel in primaire levensbehoeften, zoals vis, moest via officiële weg verlopen (de "verdeeling").
- Zwarte Handel: Het kopen van goederen "van andere zijde" duidt op illegale handel of de zwarte markt. Dit werd door de bezetter en de Nederlandse autoriteiten streng bestraft, omdat het het officiële distributiesysteem ondermijnde.
- Klimaat van Angst: De openingszin van Koehler ("ik ben tegenwoordig zoo bang") illustreert de constante dreiging en angst voor repressie, boetes of gevangenisstraf die heerste tijdens de oorlogsjaren, zeker wanneer men betrokken was bij clandestiene activiteiten.
- Gemeentelijke Vischafslag: De visafslag in Amsterdam was het centrale, gecontroleerde punt voor de handel. Door de afslag te omzeilen, onttrok men de vis aan de officiële rantsoenering.