Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt bijblad (Alg. Zaken-Model No. 14).
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt bijblad (Alg. Zaken-Model No. 14). Mei 1942 (diverse data vermeld tussen 7-5-'42 en 22-5-'42). [Linksboven in kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 46 A/120/1 1942.
DOORGEZONDEN: 7/5
[Hoofdtekst in kader]
Te bespreken met
Th. Vriens op vergadering
met garnalengrossiers
Donderdag 21/5 '42 te
10 uur s'morgens.
D
[Aantekeningen rechterzijde]
besproken den Haag 9-5-'42
id. A'dam 15-5-'42
in behandeling
mede door genoemde
commissarissen
(stagnatieprijs)
Bergen?
Neen!
[Tekst onder het kader]
Klaaiboch
Grossiers zullen een kostenberekening
aan Marktwezen inzenden, die ter controle
aan Th. Vriens N.V.C. zal worden doorgezonden.
Daarna beoordeelen, of afslagpercentage ev.
moet worden verlaagd.
[Rechtsonder]
F. v. d. Repr
[Geparafeerd in rode cirkel]
22/5 '42
[Linksonder voorgedrukt]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727 Dit document betreft een administratieve voorbereiding en verslaglegging van overleg over de economische regulering van de garnalenhandel in 1942. De centrale figuur is Th. Vriens, werkzaam voor de N.V.C. (waarschijnlijk de Nederlandsche Voedselvoorzieningscommissie of een gerelateerd bureau voor de prijshouding).
De kern van de notitie is het vaststellen van de marges. Grossiers worden verplicht een kostenberekening in te dienen bij het Marktwezen. Deze gegevens worden ter controle doorgestuurd naar Vriens. Op basis van deze cijfers zal worden bepaald of het "afslagpercentage" (de inhouding bij de visafslag) verlaagd kan worden. Dit wijst op een actieve bemoeienis van de overheid met de prijsvorming en winstmarges in de visserijketen tijdens de oorlogsjaren.
De kanttekeningen rechts duiden op een traject van overleg in zowel Den Haag als Amsterdam, waarbij ook sprake was van een "stagnatieprijs" en overleg met commissarissen. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) stond de gehele voedselvoorziening en handel onder strikt toezicht van overheidsorganen zoals de Rijksbureaus en de N.V.C. Doel hiervan was het beheersen van de prijzen en het voorkomen van woekerwinsten op de zwarte markt, evenals het garanderen van de export naar Duitsland.
Het genoemde "Marktwezen" was vaak een gemeentelijke instantie die toezag op de ordentelijke handel op markten en afslagen. De vermelding van Th. Vriens en de N.V.C. plaatst dit document in de context van de centrale geleide economie die door de bezetter en de Nederlandse bureaucreatie werd uitgevoerd om de distributieketen van primaire levensmiddelen, zoals vis en garnalen, te controleren.