Archief 745
Inventaris 745-381
Pagina 245
Dossier 106
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift of bezwaarschrift).

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift of bezwaarschrift). en mijn gerookte en gestoomde
vis werd mij dan in de wijk
gebracht met een auto uit
volendam monnikkedam en
spaarndam maar wegens de
oorlog niets meer ontvangen
ook heb ik in 1941 met
H. Bommels op de Centrale
markt verkocht Haring Harde
bokking spek bokking sprot
sprot Filie Garnalen en gerookte
aal zoo doende kan ik maar
niet begrijpen waarom ik nu niets
krijg want mijn vergunning
luid Haring gerookte en gestoomde
vis en dat heeft ik steeds verkocht.
Mijn leeftijd is 51 Jaar en gehuwd.

Hoog achtend

H. Overdiek

Rombout Hogerbeetsstraat 68 II
Amsterdam. * Inhoud: De schrijver, de heer Overdiek, beklaagt zich over het feit dat hij geen vis meer geleverd krijgt, terwijl hij wel over de juiste vergunningen beschikt. Hij beschrijft hoe de aanvoer voorheen plaatsvond per auto vanuit bekende vissersplaatsen (Volendam, Monnickendam, Spaarndam) naar zijn "wijk" (waarschijnlijk als straatverkoper).
* Producten: De brief geeft een interessant overzicht van het toenmalige assortiment: haring, harde bokking, spekbokking, sprot, sprotfilet (geschreven als 'Filie'), garnalen en gerookte aal.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is eenvoudig en bevat enkele grammaticale imperfecties (zoals "dat heeft ik steeds verkocht"), wat erop wijst dat de schrijver een man van de praktijk was, mogelijk een kleine zelfstandige of marktkoopman.
* Toon: De toon is beleefd doch dringend ("kan ik maar niet begrijpen waarom ik nu niets krijg"). Deze brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Door de oorlogsomstandigheden, brandstoftekorten en de algemene schaarste stortte de reguliere distributie van voedsel in. Vis, hoewel een belangrijk volksvoedsel, werd steeds schaarser en de distributie ervan werd streng gereguleerd door de overheid (via de Centrale Crisis Controle Dienst en distributiekantoren).

De vermelding van de "Centrale Markt" (de Jan van Galenstraat in Amsterdam) is saillant; dit was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad. Kleine handelaren zoals Overdiek waren voor hun inkomen volledig afhankelijk van de toewijzing van handel door de autoriteiten. De brief is waarschijnlijk gericht aan een distributie-instantie of een beroepsorganisatie in een poging om weer goederen toegewezen te krijgen om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien.

Samenvatting

  • Inhoud: De schrijver, de heer Overdiek, beklaagt zich over het feit dat hij geen vis meer geleverd krijgt, terwijl hij wel over de juiste vergunningen beschikt. Hij beschrijft hoe de aanvoer voorheen plaatsvond per auto vanuit bekende vissersplaatsen (Volendam, Monnickendam, Spaarndam) naar zijn "wijk" (waarschijnlijk als straatverkoper).
  • Producten: De brief geeft een interessant overzicht van het toenmalige assortiment: haring, harde bokking, spekbokking, sprot, sprotfilet (geschreven als 'Filie'), garnalen en gerookte aal.
  • Taalgebruik: Het taalgebruik is eenvoudig en bevat enkele grammaticale imperfecties (zoals "dat heeft ik steeds verkocht"), wat erop wijst dat de schrijver een man van de praktijk was, mogelijk een kleine zelfstandige of marktkoopman.
  • Toon: De toon is beleefd doch dringend ("kan ik maar niet begrijpen waarom ik nu niets krijg").

Historische Context

Deze brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Door de oorlogsomstandigheden, brandstoftekorten en de algemene schaarste stortte de reguliere distributie van voedsel in. Vis, hoewel een belangrijk volksvoedsel, werd steeds schaarser en de distributie ervan werd streng gereguleerd door de overheid (via de Centrale Crisis Controle Dienst en distributiekantoren).

De vermelding van de "Centrale Markt" (de Jan van Galenstraat in Amsterdam) is saillant; dit was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad. Kleine handelaren zoals Overdiek waren voor hun inkomen volledig afhankelijk van de toewijzing van handel door de autoriteiten. De brief is waarschijnlijk gericht aan een distributie-instantie of een beroepsorganisatie in een poging om weer goederen toegewezen te krijgen om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien.

Locaties

Rombout Hogerbeetsstraat 68 II Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6