Getypt afschrift van een brief.
Origineel
Getypt afschrift van een brief. 6 mei 1942. Y. Goedhart Jzn. (vissersbedrijf/rokerij te Amsterdam). Nederlandsche Visscherijcentrale, 's-Gravenhage. A F S C H R I F T .
I Amsterdam, 6 Mei 1942.
Nederlandsche Visscherijcentrale
's-G r a v e n h a g e .-
Mijnheer!
Gaarne had ik aan U een vriendelijk verzoek, of U aan deze mistoestanden nu niet eens een eind kan maken.
Onze firma heeft en voor Rookerij en voor versche handel ongeveer van de 4 tot 5.000 pond aal per week verwerkt.
Wij zijn nu natuurlijk ingedeeld bij de toewijzing van de Gemeente afslag alhier, en zullen krijgen per week als er veel aanvoer komt 40 hoogstens 80 pond aal per 8 of 10 dagen aangezien er zooveel inschrijvingen van gegadigden zijn bijgekomen.
Zondagmorgen was onzen letter C aan de beurt maar omreden onze principe nu eenmaal is om niet op Zondag te arbeiden is onze beurt gewoon vervallen dus kregen wij 's-Maandags niets.
Wij zijn tevens de grootste gekookte garnalen handelaars geweest, wij verkochten in gewone tijden 5 à 600 kg per dag, nu kunnen wij krijgen per week 20 kg of hoogstens 30 kg .
Wij zitten met een bedrijf wat kosten heb zooals twee arbeiders dien ik niet mag ontslaan en worden gelijk ingedeeld met een venter (die nog nooit gekookte garnalen of aal te koop heeft gehad) die 3 gulden per week kosten heeft.
Wij die bona-fide handelaars zijn en onze waar beslist voor de vastgestelde prijzen verkopen op onzen vasten standplaatsen, moeten dit allemaal maar slikken.
Ik heb groote kwantums garnalen van buiten direct betrokken en die gaan nu allemaal over de afslag.
Ik verzeker U dat er 90% van de garnalen en gerookte of versche aal voor abnormalen hoogen prijzen langs de weg wordt uitgevent. Ik geloof dat dit toch niet u bedoeling is.
Mij kwam zelfs een dezer dagen ten hooren dat er 80 cent per pond voor garnalen gemaakt wordt en de prijs die wij maken is hoogstens ƒ 0,75 per kg het meest ƒ 0,70 per kg. dat kan altijd geconstateerd worden maar niet bij een venter, dat is onmogelijk.
Ik vraag U dan ook s.v.p. in deze eens iets voor ons te doen voor mijn rookerij heb ik nog niets geen aal gehad.
In afwachting, hoogachtend,
w.g. Y.Goedhart Jzn.
voor eensluidend afschrift.
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[handtekening] In deze brief beklaagt ondernemer Y. Goedhart zich bij de Nederlandsche Visscherijcentrale over de penibele situatie waarin zijn bedrijf verkeert door de nieuwe distributieregels. De kernpunten zijn:
- Extreme schaarste en rantsoenering: De levering van aal is teruggevallen van 5.000 pond per week naar slechts 40-80 pond per 10 dagen. De garnalenleveranties zijn nagenoeg nihil vergeleken met de vooroorlogse omzet.
- Onredelijke toewijzing: Goedhart ergert zich eraan dat gevestigde bedrijven met personeel en hoge vaste lasten hetzelfde behandeld worden als "venters" (straatverkopers) die nauwelijks onkosten hebben.
- Religieuze bezwaren: Omdat de firma uit principe niet op zondag werkt, missen zij hun beurt bij de gemeentelijke afslag, zonder dat hier een compensatie tegenover staat.
- Zwarte markt: De schrijver signaleert dat het merendeel van de vis tegen woekerprijzen ("abnormalen hoogen prijzen") clandestien op straat wordt verkocht, terwijl zijn "bona-fide" bedrijf zich aan de vastgestelde prijzen houdt. De brief dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze periode volledig onder controle gebracht van centrale overheidsinstanties (zoals de in 1941 opgerichte Nederlandsche Visscherijcentrale). Deze instantie moest de schaarse vis verdelen over de bevolking en de handel.
De tekst illustreert de frictie tussen de traditionele handel en de verstikkende bureaucratie van de distributie. Veel gevestigde handelaren zagen hun aanvoer opdrogen ten gunste van de export naar Duitsland of de illegale handel. De opmerking over het verbod op ontslag van arbeiders wijst op de arbeidsmarktregulering van de bezetter, die probeerde de werkloosheid kunstmatig laag te houden of arbeiders beschikbaar te houden voor de Duitse oorlogsindustrie. De brief geeft een zeldzaam inkijkje in de dagelijkse strijd om het voortbestaan van een kleine Amsterdamse ondernemer in oorlogstijd. Y. Goedhart