Getypt doorslagje van een officiële brief met handgeschreven kanttekening.
Origineel
Getypt doorslagje van een officiële brief met handgeschreven kanttekening. 6 juni 1942. De waarnemend directeur (vermoedelijk van de Visscherijcentrale). [Handgeschreven, linksboven:] Verzonden 10/6
[Rechtsboven:] HB.
den Heer B. Wurms,
Nieuwe Batavierstraat 11 hs,
Amsterdam-C.
Wijk 2.
46A/139/2 M.
6 Juni 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 9 Mei j.l. deel ik U mede,
dat na onderzoek door de door de Visscherijcentrale ingestelde
Commissie is gebleken, dat U niet voor een toewijzing van aal
in aanmerking kunt komen.
Aan Uw verzoek kan derhalve geen gevolg worden gegeven.
De Directeur,
wnd. De brief betreft een formele afwijzing van een verzoek om een toewijzing van aal (paling). De toon is strikt zakelijk en bureaucratisch. De brief verwijst naar een "Commissie" die onderzoek heeft gedaan, wat de beslissing een zweem van objectiviteit en legitimiteit moet geven.
In de context van schaarste en rantsoenering tijdens de oorlogsjaren was de toewijzing van voorraden cruciaal voor ondernemers. Voor een viskoopman betekende een dergelijke afwijzing feitelijk het einde van zijn legale handel. De afkorting "wnd." bij de ondertekening staat voor 'waarnemend', wat aangeeft dat de brief namens de directeur is uitgevaardigd. De handgeschreven notitie linksboven bevestigt de administratieve verwerking van het document. Dit document is een treffend voorbeeld van de bureaucratische uitsluiting tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De geadresseerde, Benjamin Wurms, was een Joodse viskoopman. Hij woonde in de Nieuwe Batavierstraat op Uilenburg, destijds een arme, overwegend Joodse buurt in Amsterdam.
In juni 1942 was de systematische uitsluiting van Joden uit het economische leven (de zogenaamde 'Entjudung') in volle gang. Door Joodse handelaren systematisch toewijzingen van grondstoffen of voorraden te weigeren, werden hun bedrijven onleefbaar gemaakt.
De historische context maakt deze korte brief extra tragisch: Benjamin Wurms werd kort na deze weigering gedeporteerd. Hij werd op 11 september 1942 vermoord in Auschwitz. De brief illustreert hoe ambtelijke instanties, zoals de Visscherijcentrale, via schijnbaar banale besluiten over voedseldistributie bijdroegen aan de marginalisering van de Joodse bevolking, vlak voordat de grootschalige deportaties begonnen. B. Wurms C.