Getypte brief (doorslag of kopie voor archief).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie voor archief). 28 mei 1942 (met handgeschreven verzenddatum 30 mei). De Directeur (vermoedelijk van de Visscherijcentrale). Den Heer H.J. Bestman, Amsterdam. [Handgeschreven in blauwe inkt:] Verzonden 30/5
[Rechtsboven:] HB.
den Heer H.J. Bestman,
Zoutkeetsgracht 48,
Amsterdam-C.
Wijk 16.
46A/164/2 M.
28 Mei 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 18 Mei j.l. deel ik U
mede, dat na onderzoek door de door de Visscherijcentrale inge-
stelde Commissie is gebleken, dat U niet voor een toewijzing
van aal in aanmerking kunt komen.
Aan Uw verzoek kan derhalve geen gevolg worden gegeven.
De Directeur, * Kernboodschap: De brief is een formele afwijzing van een aanvraag voor een toewijzing (distributie of vergunning tot aankoop) van aal (paling).
* Besluitvorming: Het besluit is genomen op basis van een onderzoek door een specifieke commissie die is ingesteld door de "Visscherijcentrale". Er wordt geen specifieke reden voor de afwijzing genoemd, wat duidt op een strikte, bureaucratische afhandeling.
* Administratieve details: De brief vermeldt een wijknummer (Wijk 16), wat typerend was voor de administratieve indeling van Amsterdam in die periode. De handgeschreven aantekening "Verzonden 30/5" is een archiefaantekening om de feitelijke verzending te bevestigen. * Tweede Wereldoorlog: De datum, mei 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland.
* Schaarste en distributie: Tijdens de bezetting was er een grote schaarste aan voedsel. De handel in vis, en met name vette vis zoals aal, was strikt gereguleerd en gecentraliseerd.
* De Visscherijcentrale: Dit was een overheidsorgaan dat tijdens de bezetting toezag op de visserijsector. Het doel was niet alleen de voedselvoorziening voor de Nederlandse bevolking te regelen, maar ook om de export naar Duitsland te controleren en te maximaliseren.
* De ontvanger: De Zoutkeetsgracht in Amsterdam was van oudsher een buurt met veel pakhuizen en kleinschalige industrie gerelateerd aan de scheepvaart en visserij. De heer Bestman kan een vishandelaar, palingroker of een burger zijn geweest die probeerde via officiële weg extra voedselvoorraden te bemachtigen. De afwijzing illustreert de toenemende beperkingen en de macht van de centrale overheidsinstellingen over het dagelijks leven en de economische bedrijvigheid. Bestman kan (De heer) C.