Getypte brief op officieel briefpapier met stempels en handtekening.
Origineel
Getypte brief op officieel briefpapier met stempels en handtekening. 21 mei 1942. [Briefhoofd]
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
ADELHEIDSTRAAT 300 - 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREKENING 245271 - TELEGRAMADRES: NEDVISCEN - TELEFOON 720080 - INTERCOMM. XX
VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE EN VISCHVERVOER TELEFOON 720060, TOESTEL 674, EN 722641
[Linker marge]
AFD. Verd.
Betreffende ontheffing.
Bericht op schrijven van
Bij antwoord vermelden:
No. 9220/Afd.V/Jon.
Bijlagen stuks, t.w.:
[Rechter bovenzijde]
'S-GRAVENHAGE, 21 Mei 1942
[Handgeschreven paraaf in potlood/inkt, mogelijk "Mvp"]
Den Heer Directeur van
het Marktwezen,
Jan van Galenstraat,
AMSTERDAM(C).-
[Inhoud]
Hierbij deelen wij U mede, dat de firma C.Nool
te Jisp zich heeft verplicht de vangst van den visscher
C.Vet, Neckerstraat 71 te Purmerend op te halen en af te
leveren aan den afslag te Amsterdam.
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Handtekening: L. van Aken]
Secretaris
[Stempels en aantekeningen onderaan]
Nº 76 A / 192 / 1 [Paarse stempel]
M. 1942 22/5 [Paarse datumstempel van ontvangst]
Go. [Getypt]
[Voetnoot links]
(A) 23482 - '42 - K 983 Deze brief dient als een officiële kennisgeving van een logistieke afspraak binnen de gereguleerde visketen tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de boodschap is dat de firma C. Nool uit Jisp de verantwoordelijkheid op zich heeft genomen om de visvangst van visser C. Vet uit Purmerend te transporteren naar de visafslag in Amsterdam.
De term "ontheffing" in de kantlijn suggereert dat deze specifieke regeling een afwijking is van de standaard distributievoorschriften of dat er een speciale vergunning voor nodig was. De stempels onderaan duiden op de administratieve verwerking door de ontvangende instantie (het Marktwezen in Amsterdam) op 22 mei 1942, de dag na verzending. De letters "Go." onderaan kunnen een interne code of afkorting zijn voor "Gezien" of "Goedgekeurd". Het document dateert uit mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening en distributie stonden onder strikt toezicht van de bezetter om schaarste te beheersen en de zwarte handel tegen te gaan. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was het centrale orgaan dat toezicht hield op de visserijsector.
Locaties zoals de Jan van Galenstraat in Amsterdam waren cruciaal, omdat daar de Centrale Markthallen gevestigd waren, het kloppend hart van de voedseldistributie voor de stad. Vissers en transporteurs waren gebonden aan strikte regels over waar zij hun vangst moesten aanbieden (meestal de officiële afslag) om een eerlijke (gecontroleerde) verdeling via het bonnenstelsel mogelijk te maken. De brief illustreert hoe gedetailleerd de bureaucratische controle op de voedselketen in die periode was, waarbij zelfs individuele afspraken tussen een visser en een transporteur officieel gemeld en geregistreerd moesten worden.