Getypte brief (doorslag van een officieel schrijven).
Origineel
Getypte brief (doorslag van een officieel schrijven). 13 juni 1942. De Directeur (waarschijnlijk van een distributie- of voedselvoorzieningsinstantie). Den Heer C. Schindeler, Jan Evertsenstraat 82, Amsterdam-West. HG.
[handgeschreven:] Verzonden 15/6
den Heer C.Schindeler,
Jan Evertsenstraat 82,
Amsterdam-West.
Wijk 26A.
46A/263/2 M. 13 Juni 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 31 Mei jl. bericht ik
U, dat aan Uw verzoek, een gedeelte van Uw versche aal te mogen doen
rooken, niet kan worden voldaan, aangezien U reeds een toewijzing
gerookte aal ontvangt.
De Directeur, Deze korte, zakelijke brief is een formele afwijzing van een verzoek om medewerking aan voedselverwerking. De heer C. Schindeler had verzocht om een deel van zijn verse paling ("versche aal") te mogen laten roken. De onbekende directeur wijst dit af omdat de heer Schindeler blijkbaar al via de reguliere weg een toewijzing voor gerookte paling ontvangt.
De toon is strikt bureaucratisch. De brief illustreert hoe gedetailleerd de controle op de voedselvoorziening was: zelfs het laten roken van vis vereiste officiële toestemming en werd getoetst aan de reeds verstrekte rantsoenen. Het document is opgesteld in juni 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste groot en de distributie van levensmiddelen volledig gereguleerd door de overheid via het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening.
Alles was "op de bon" of gebonden aan strikte toewijzingen. De bezetter en de Nederlandse bureaucratie hielden nauwlettend toezicht op de voedselvoorraad om illegale handel en "hamsteren" te voorkomen. Het verbod om eigen vis te laten roken paste in het beleid om de totale consumptie per persoon strikt binnen de vastgestelde normen te houden. De Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West was een levendige straat waar veel burgers direct met deze beperkingen te maken kregen. C. Schindeler Rijksbureau
Samenvatting
Deze korte, zakelijke brief is een formele afwijzing van een verzoek om medewerking aan voedselverwerking. De heer C. Schindeler had verzocht om een deel van zijn verse paling ("versche aal") te mogen laten roken. De onbekende directeur wijst dit af omdat de heer Schindeler blijkbaar al via de reguliere weg een toewijzing voor gerookte paling ontvangt.
De toon is strikt bureaucratisch. De brief illustreert hoe gedetailleerd de controle op de voedselvoorziening was: zelfs het laten roken van vis vereiste officiële toestemming en werd getoetst aan de reeds verstrekte rantsoenen.
Historische Context
Het document is opgesteld in juni 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste groot en de distributie van levensmiddelen volledig gereguleerd door de overheid via het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening.
Alles was "op de bon" of gebonden aan strikte toewijzingen. De bezetter en de Nederlandse bureaucratie hielden nauwlettend toezicht op de voedselvoorraad om illegale handel en "hamsteren" te voorkomen. Het verbod om eigen vis te laten roken paste in het beleid om de totale consumptie per persoon strikt binnen de vastgestelde normen te houden. De Jan Evertsenstraat in Amsterdam-West was een levendige straat waar veel burgers direct met deze beperkingen te maken kregen.