Archiefdocument
Origineel
[Linksboven handgeschreven:] miss
[Middenlinks handgeschreven:] Verzonden 24/9
[Rechtsboven:] G/HB.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
46A/321/87 M. 1. 23 September 1942.
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toeko-
men van een op 16 September j.l. door een contrôleur van den Centra-
len Crisis Contrôle Dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat
M.H.Redeker, geboren 16-4-1887, wonende Bilderdijkstraat 202 II,
zich heeft schuldig gemaakt aan overtreding van het bepaalde in
art. 7 van het Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit
1941, terzake van het verkoopen van visch buiten zijn standplaats
op de markt Jan Evertsenstraat, waarbij tevens overschrijding der
maximumprijzen heeft plaats gevonden. Ingevolge art. 11 van bovenge-
noemd besluit, heb ik Redeker voorloopig van de verdeeling van
visch uitgesloten. Ik ben echter van meening, dat Redeker voor bo-
vengenoemde overtreding een gerechte straf verdient en geef U mits-
dien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat M.H.Rede-
ker door den Burgemeester van Amsterdam wordt gestraft met uitslui-
ting van de verdeeling van zoetwatervisch enz. voor onbepaalden tijd.
De Directeur, Dit document is een formele voordracht voor een strafmaatregel tegen een Amsterdamse visboer tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:
- De Overtreder: M.H. Redeker, een man van 55 jaar oud, woonachtig aan de Bilderdijkstraat.
- De Overtreding: Hij heeft twee regels overtreden: hij verkocht vis op de markt in de Jan Evertsenstraat buiten zijn toegewezen standplaats, en hij hanteerde prijzen die hoger lagen dan de wettelijk vastgestelde maximumprijzen.
- Instanties: De overtreding is geconstateerd door de Centrale Crisis Contrôle Dienst (CCD). Dit was de gevreesde opsporingsdienst die toezag op de naleving van de distributieregels.
-
Sanctie: De Directeur heeft de man al voorlopig geschorst, maar verzoekt de Wethouder om bij de Burgemeester te pleiten voor een zwaardere straf: uitsluiting van de visdistributie voor onbepaalde tijd. Dit was in feite een beroepsverbod. Het document dateert uit september 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er een grote schaarste aan voedsel en waren bijna alle levensmiddelen "op de bon".
-
Distributiesysteem: De overheid probeerde de schaarse goederen eerlijk te verdelen via distributiestamkaarten en maximumprijzen om inflatie en zwarte handel tegen te gaan.
- De CCD: De Centrale Crisis Controle Dienst was belast met de handhaving. Handelaren die zich niet aan de regels hielden (door bijvoorbeeld woekerprijzen te vragen of buiten de officiële markten om te handelen), werden streng aangepakt.
- Jan Evertsenstraat: De markt in de Jan Evertsenstraat (Amsterdam-West) was een belangrijke lokale markt. Handhaving op dergelijke plekken was cruciaal voor het regime om de controle over de voedselketen te behouden.
- Bestuurlijke context: De brief weerspiegelt de ambtelijke hiërarchie in oorlogstijd, waarbij de Burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) de uiteindelijke bevoegdheid had om zware administratieve straffen op te leggen die iemands broodwinning direct konden vernietigen. M.H. Redeker