Archiefdocument
Origineel
9 juni 1942 De Vishandelaren van Amsterdam (anoniem ingezonden) WelEdelzeer geleerde heer Directeur (vermoedelijk van de Rijksvisafslag of de Nederlandsche Visscherij Centrale) [Bovenkant links, gestempeld]
№ 46 a / 341 / 1 M. 1942 n/h
[Bovenkant rechts, handgeschreven]
Amsterdam 9 Juni 1942
U. i. L.p.
[Aanhef]
WelEd heer Directeur.
[Hoofdtekst]
Wij hadden ons gewend tot de Ned. Visserij
Centrale: om onze aal welke wij vroeger door middel van een
Commissie Koopman van Enkhuizen ontvingen weer te mogen ontvang-
en daar wij nu aan de Visafslag weinig keren aan de Beurt zijn voor
een Toewijzing daar er op heden zoo wat niets meer komt nu
volendam vrij gegeven is van sturen naar de Afslag Ruiterkade
Het was niet mogelijk zoo kreeg ik ten antwoord alle aal voor
Amsterdam het geen thans de Regeling is moet over de afslag.
maar nu kunnen wij ons niet begrijpen hoe dat dan kan
met een ander M. Bamberg ook Visroker wonende Amsterdam
die ontvangt nog steeds aal van Enkhuizen zonder de afslag
te passeren en ook den heer J Berg die ontvangt zijn aal
van Harderwijk. Bamberg ontvang haast iedere
dag. 100. of meer van daag zelfs 160 pond gisteren goed 100 pond
Zou u deze zaak eens grondig willen onderzoeken want één
niet allemaal niet dan krijgen wij tenminste aan de afslag
ieder ons portie
[Afsluiting]
Hoogachtend
De Vishandelaren.
van Amsterdam
[Linksonder in rood potlood]
anoniem
zaak in behandeling
opberg 27-6-42 u * Taal en stijl: Het document is geschreven in een zakelijke maar emotioneel geladen toon. De spelling is grotendeels correct voor die tijd, hoewel er enkele grammaticale onzuiverheden in zitten (zoals "ontvang" in plaats van "ontvangt" en de ietwat warrige slotzin "want één niet allemaal niet").
* Kern van de klacht: De anonieme schrijvers beknotten zich over een ongelijk speelveld in de Amsterdamse palinghandel. Terwijl zij verplicht worden hun aal via de officiële afslag aan de De Ruijterkade te betrekken (waar het aanbod schaars is omdat vissers uit Volendam elders mogen aanvoeren), zouden concurrenten M. Bamberg en J. Berg buiten de afslag om rechtstreekse leveringen uit Enkhuizen en Harderwijk ontvangen.
* Ambtelijke verwerking: De rode krabbels onderaan tonen aan dat de brief serieus is genomen. Ondanks de anonimiteit werd de zaak "in behandeling" genomen, wat wijst op de strikte controle van de distributieketen tijdens de bezettingsjaren. * Historische achtergrond: De brief dateert uit de zomer van 1942, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. Grondstoffen en voedsel waren schaars en de handel stond onder toezicht van de Nederlandsche Visscherij Centrale (NVC), een crisisorgaan dat moest toezien op een eerlijke distributie en prijsvorming.
* Economische omstandigheden: De visserijsector had zwaar te lijden onder beperkingen op zee en de verplichte leveringen aan Duitsland. In deze context was "zwarte handel" of het omzeilen van de officiële afslag een groot probleem. De brief weerspiegelt de onderlinge argwaan en de overlevingsdrang van kleine handelaren die zich door de regelgeving benadeeld voelden ten opzichte van grotere visrokers in de stad.
* Geografie: De genoemde "Afslag Ruiterkade" verwijst naar de gemeentelijke visafslag achter het Centraal Station in Amsterdam, destijds het logistieke hart van de visimport in de stad. J. Berg M. Bamberg