Archief 745
Inventaris 745-389
Pagina 394
Dossier 55
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële brief van de Gemeente Amsterdam.

8 juni 1942. Van: De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken). Aan: De heer J. Boeken, Jodenbreestraat 63 II, Amsterdam.

Origineel

Officiële brief van de Gemeente Amsterdam. 8 juni 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken). De heer J. Boeken, Jodenbreestraat 63 II, Amsterdam. [Linksboven, gestempeld en getypt:]
№ 66/8/4 M. 1042 ²/₆

[Midden links:]
L.M. 55/9
-1942-

[Rechtsboven:]
Markten [handgeschreven]
Aan
den heer J. Boeken,
Jodenbreestraat 63 II,
A_L_H_I_E_R(C).

[Handgeschreven aantekening midden boven:]
M. i. d/v
de Müller [?]

[Rechts midden:]
8 Juni 1942.

[Hoofdtekst:]
Ik deel U mede te hebben besloten U kwijtschelding van plaatsgeld op de Centrale Markt te verleenen over 4 maanden van dit jaar, tot een bedrag van f 100.-.
vM

[Ondertekening:]
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) Voûte

de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN

[Rechtsonder, handgeschreven:]
66/8/7 Dit document is een formele kennisgeving van de gemeente Amsterdam aan een marktkoopman, de heer J. Boeken. De kern van de brief is de toekenning van een kwijtschelding van 100 gulden aan marktgeld (staangeld) voor een periode van vier maanden in het jaar 1942.

De brief is ondertekend door Edward Voûte, die in 1941 door de Duitse bezetter was aangesteld als regeringscommissaris (burgemeester) van Amsterdam. De aanwezigheid van de naam J.F. Franken als gemeentesecretaris is eveneens typerend voor de vroege oorlogsjaren in de Amsterdamse administratie.

Opvallend is het adres van de ontvanger: Jodenbreestraat 63 II. Dit was het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De datum van de brief, 8 juni 1942, is saillant; dit is slechts enkele weken voordat de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar de concentratiekampen in juli 1942 begonnen. De Jodenbreestraat zou later nagenoeg volledig ontruimd worden. De brief weerspiegelt de dagelijkse administratieve realiteit onder de Duitse bezetting. Ondanks de toenemende anti-Joodse maatregelen (in mei 1942 was de Jodenster al verplicht gesteld) liep de gemeentelijke bureaucratie met betrekking tot marktzaken nog door.

De Centrale Markt (nu de Markthal in Amsterdam-West) was een cruciaal punt voor de voedseldistributie in de stad. Joodse handelaren werden in deze periode steeds verder beperkt in hun bewegingsvrijheid en economische mogelijkheden. Een kwijtschelding van plaatsgeld zou kunnen duiden op een situatie waarin de handelaar door de omstandigheden (of door verboden) zijn standplaats niet optimaal kon benutten, of het kan een standaard administratieve afhandeling zijn van een eerder ingediend verzoek.

Gezien de datum en de locatie is dit document een stille getuige van de periode net voor de 'Endlösung' in Nederland de meest fatale fase inging voor de bewoners van de Jodenbreestraat.

Samenvatting

Dit document is een formele kennisgeving van de gemeente Amsterdam aan een marktkoopman, de heer J. Boeken. De kern van de brief is de toekenning van een kwijtschelding van 100 gulden aan marktgeld (staangeld) voor een periode van vier maanden in het jaar 1942.

De brief is ondertekend door Edward Voûte, die in 1941 door de Duitse bezetter was aangesteld als regeringscommissaris (burgemeester) van Amsterdam. De aanwezigheid van de naam J.F. Franken als gemeentesecretaris is eveneens typerend voor de vroege oorlogsjaren in de Amsterdamse administratie.

Opvallend is het adres van de ontvanger: Jodenbreestraat 63 II. Dit was het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De datum van de brief, 8 juni 1942, is saillant; dit is slechts enkele weken voordat de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar de concentratiekampen in juli 1942 begonnen. De Jodenbreestraat zou later nagenoeg volledig ontruimd worden.

Historische Context

De brief weerspiegelt de dagelijkse administratieve realiteit onder de Duitse bezetting. Ondanks de toenemende anti-Joodse maatregelen (in mei 1942 was de Jodenster al verplicht gesteld) liep de gemeentelijke bureaucratie met betrekking tot marktzaken nog door.

De Centrale Markt (nu de Markthal in Amsterdam-West) was een cruciaal punt voor de voedseldistributie in de stad. Joodse handelaren werden in deze periode steeds verder beperkt in hun bewegingsvrijheid en economische mogelijkheden. Een kwijtschelding van plaatsgeld zou kunnen duiden op een situatie waarin de handelaar door de omstandigheden (of door verboden) zijn standplaats niet optimaal kon benutten, of het kan een standaard administratieve afhandeling zijn van een eerder ingediend verzoek.

Gezien de datum en de locatie is dit document een stille getuige van de periode net voor de 'Endlösung' in Nederland de meest fatale fase inging voor de bewoners van de Jodenbreestraat.

Kooplieden in dit dossier 100

Afw Andijvie 10.76
Afw. Andijvie f. 9.60
Afw. Andijvie 56.96
Afw. Andijvie " 3.78
Afw. Andijvie " 15.36
Afw.Andijvie " 9.80
Afw.Andijvie 11 " 48.60
B.L.W. Toestaan " 12.80
Afw Bloemkool 10.95
Boonen " 39.16
Boonen " 37.83
Boonen " 61.78
Boonen " 76.26
Boonen " 36.50
Boonen 20.50
Afw. Bospeen " 17.86
Afw.Bospeen " 22.04
Afw. Chinakool 28.47
Afw. Chinakool " 7.92
T.H. Roelofs " 15.57
C. Peen 20.64
Afw. Peterselie " 23.94
Afw. Peterselie " 42.30
Afw.Peterselie " 23.94
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3