Archiefdocument
Origineel
[Stempel linksboven] N° 66/8/5 F. 1342 29/6
[Getypt] No. 55/9 L.M. 1942.
[Handgeschreven rechtsboven] Maassen [?]
[Stempel rechtsboven] Kwijtschelding marktgeld.
[Handgeschreven rechtsboven] m. dri [?] Th. Müller
[Gecentreerd] E x t r a c t
[Gecentreerd] uit het Boek der Besluiten
[Gecentreerd] van den Burgemeester van Amsterdam,
[Gecentreerd] Vrijdag 5 Juni 1942.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch-
en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit
genomen:
De Burgemeester van Amsterdam;
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het
Marktwezen d.d. 6 Mei 1942, No. 66/8/3 M;
Gelet op het advies van den Wethouder voor de Financiën van
26 Mei 1942, No. 508/82.7 Fin. 1942;
Gelet op art. 10 van de Verordening op de heffing van markt-,
standplaats- en ventgelden;
B e s l u i t :
aan J. Boeken, Jodenbreestraat 63 II kwijtschelding van verschuldigd
plaatsgeld op de Centrale Markt te verleenen over 4 maanden van
1942 tot een bedrag van ƒ 100.-.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen
Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen
(3 stuks) en Financiën (2 stuks).
01. Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
** (get.) J. F. FRANKEN**
[Handgeschreven linksonder] Geboekt [?] HJ Dit document is een officieel uittreksel van een besluit van de burgemeester van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Het betreft een administratieve afhandeling van een schuldvordering. De gemeente besluit om honderd gulden aan marktgeld kwijt te schelden aan een zekere J. Boeken, wonende aan de Jodenbreestraat 63 II. Het bedrag had betrekking op een standplaats op de Centrale Markt (de groothandelsmarkt aan de Jan van Galenstraat) gedurende vier maanden in 1942.
De toon van het document is strikt ambtelijk en volgt de juridische paden van die tijd (gezien rapporten, gelet op verordeningen). Opmerkelijk is dat de afdeling "Levensmiddelen" gecombineerd was met "Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen", wat de brede taakverdeling van de toenmalige wethouder weergeeft. De datum van het document, 5 juni 1942, is historisch zeer beladen. Nederland was ruim twee jaar bezet door nazi-Duitsland. De burgemeester van Amsterdam op dat moment was Edward Voûte, een collaborateur die door de bezetter was aangesteld.
De locatie van de betrokkene, de Jodenbreestraat, lag in het hart van de toenmalige Joodse buurt. In 1941 en 1942 werden Joodse burgers stelselmatig uit het economische leven verdrongen. Joodse marktkooplieden mochten vanaf september 1941 alleen nog op speciaal aangewezen "Joodse markten" staan en werden geweerd van algemene markten zoals de Centrale Markt.
De kwijtschelding van het marktgeld voor J. Boeken is waarschijnlijk geen daad van welwillendheid, maar een bureaucratische noodzaak: omdat Joodse ondernemers vaak hun bedrijf moesten staken, hun bezittingen werden geconfisqueerd of zijzelf simpelweg niet meer mochten werken, bleven er oninbare schulden achter in de boeken van de gemeente. Slechts één maand na dit besluit, in juli 1942, begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en verder naar de vernietigingskampen. Archiefonderzoek (zoals op Joods Monument) bevestigt dat op het adres Jodenbreestraat 63 meerdere leden van de familie Boeken woonden die de Holocaust niet hebben overleefd. J. Boeken J.F. Franken Marktwezen