Getypte brief (doorslag op blauwgrijs papier).
Origineel
Getypte brief (doorslag op blauwgrijs papier). 26 september 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). Den Heer C.F. Schultz, Waterlooplein 95 huis, Amsterdam-Centrum. Extra [handgeschreven, onderstreept]
HB.
den Heer C.F. Schultz,
Waterlooplein 95 huis,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
26 September 1942.
77/73/2 M.
Hierbij deel ik U mede, dat mij door den Inspecteur voor
de Prijsbeheersching is bericht, dat U wegens overtreding van de
maximumprijzen is gestraft met sluiting van Uw bedrijf voor den
tijd van één jaar, ingaande 24 September 1942.
Op grond van het bepaalde in artikel 35 lid 3 van het
Reglement op de Centrale Markt wordt U gedurende die sluiting geen
toegang tot de Centrale Markt verleend.
De Directeur, Deze brief is een officiële kennisgeving van een strafmaatregel tegen de heer C.F. Schultz. De kern van de boodschap is dat zijn bedrijf voor de duur van één jaar gesloten wordt, met ingang van 24 september 1942.
De reden voor deze zware sanctie is een "overtreding van de maximumprijzen", gerapporteerd door de Inspecteur voor de Prijsbeheersching. Als bijkomende maatregel wordt Schultz de toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam ontzegd, gebaseerd op de marktreglementen.
De toon is strikt zakelijk en bureaucratisch. De brief getuigt van de strenge economische controle tijdens de bezettingsjaren. De brief dateert uit de Tweede Wereldoorlog (september 1942). Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was er een tekort aan goederen en voedsel, wat leidde tot rantsoenering en de instelling van het Rijksbureau voor de Prijsbeheersing. Dit bureau moest voorkomen dat handelaren woekerprijzen vroegen op de zwarte markt.
De Centrale Markt in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedseldistributie in de stad. Een uitsluiting van deze markt betekende voor een handelaar effectief het einde van zijn legale beroepsuitoefening.
Opvallend is het adres: Waterlooplein 95. Het Waterlooplein lag in het hart van de Jodenbuurt in Amsterdam. In september 1942 waren de deportaties van Joodse Amsterdammers al in volle gang. Hoewel uit deze brief niet direct blijkt of de heer Schultz Joods was, is de locatie in combinatie met de datum en de aard van de straf historisch gezien zeer beladen. De Duitse bezetter gebruikte economische sancties en de "Prijsbeheersching" vaak als instrument om de grip op de bevolking en de handel te verstevigen. C.F. Schultz M. Rijksbureau