Ambtelijke notitie/memorandum (waarschijnlijk van de afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam).
Origineel
Ambtelijke notitie/memorandum (waarschijnlijk van de afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam). 19 september 1942 (onderaan); stempel bovenaan vermeldt "M. 1942 24/3". No 05/9/1 M. 1942 24/3
(omcirkeld: T.W.) J. Borgholter
Nieuwe Kerkstraat 23
Tegoed fl. 0.51
heeft uitsluitend voor Uilenburg
een kramersvergunning.
Uilenburg is officieel ?? opgeheven.
Moet deze vergunning nu ook
niet worden ingetrokken.
ja.
(omcirkeld: U.X.) G. Maase en C. Kraus
J. Helmersstraat 317 huis
hebben officieele vergunning
van Zwanenburgwal en Waterloo-
plein.
Deze markten zijn officieel ?? opgeheven
en de andere kooplieden werden
overgezet naar de Nieuwmarkt.
De vergunninghouders, bovengenoemd,
plaatsen nu de stallen op de Nieuwmarkt.
Hun vergunning luidt echter "Zwanenburgwal
en Waterlooplein".
Verdient het aanbeveling deze vergunning
thans in overeenstemming te brengen
met de praktijk?
(omcirkeld: LR)
Ogger (?)
19/9 1942 Het document bevat twee ambtelijke vragen betreffende marktvergunningen in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog:
- Geval Borgholter: Deze handelaar heeft een vergunning voor de markt op Uilenburg. De ambtenaar merkt op dat deze markt "officieel" is opgeheven (met twee vraagtekens, wat kan duiden op administratieve onduidelijkheid) en stelt voor de vergunning in te trekken. Het antwoord "ja" is er later bij geschreven.
- Geval Maase en Kraus: Zij hebben vergunningen voor de Zwanenburgwal en het Waterlooplein. Ook deze markten zijn opgeheven en de kooplieden zijn verplaatst naar de Nieuwmarkt. In de praktijk staan zij al op de Nieuwmarkt, maar hun papieren kloppen niet meer. De ambtenaar vraagt of de vergunning geactualiseerd moet worden naar de feitelijke situatie.
De dubbele vraagtekens bij "officieel" suggereren dat de formele status van de opheffing van deze markten binnen de gemeentelijke bureaucratie op dat moment wellicht nog niet volledig was verwerkt of dat er onduidelijkheid bestond over de geldende verordeningen onder het bezettingsbestuur. Dit document dateert van september 1942, een cruciale periode in de bezetting van Amsterdam. De genoemde locaties — Uilenburg, Zwanenburgwal en het Waterlooplein — vormden het hart van de oude Joodse buurt.
- De Jodenmarkten: De Duitse bezetter had in 1941 specifieke "Jodenmarkten" ingesteld (waaronder op het Waterlooplein en Uilenburg) om Joodse en niet-Joodse handelaren te scheiden.
- Deportaties: In de zomer van 1942 begonnen de grootschalige deportaties van de Joodse bevolking vanuit Amsterdam naar de concentratie- en vernietigingskampen. Hierdoor verloren deze markten hun functie en hun publiek, wat leidde tot de opheffing ervan.
- Bureaucratie: Het document illustreert de kille, ambtelijke afhandeling van zaken tijdens de Holocaust. Terwijl de Joodse wijk werd leeggehaald en de gemeenschap werd vernietigd, hielden ambtenaren zich bezig met de vraag of de vergunningen voor marktkramen nog wel formeel correct waren en of ze "in overeenstemming met de praktijk" moesten worden gebracht.
- Personen: De namen J. Borgholter, G. Maase en C. Kraus betreffen waarschijnlijk niet-Joodse kooplieden die op deze markten actief waren en wiens standplaatsen door de gedwongen verhuizing naar de Nieuwmarkt administratief in het gedrang kwamen. C. Kraus G. Maase J. Borgholter J. Helmersstraat Gemeente Amsterdam Marktwezen Puls