Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 320
Dossier 26
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel afschrift van een besluit van de Burgemeester van Amsterdam.

7 augustus 1942. Dossier: 682

Origineel

Officieel afschrift van een besluit van de Burgemeester van Amsterdam. 7 augustus 1942. [Links boven, paarse stempel:] 85/17/3
[Midden boven, handgeschreven/stempel:] 7/8
[Rechts boven, handgeschreven in potlood/inkt:] Afmaken [?] / HW
[Centraal:] Afschrift
[Links:] No. 682 L. M. 1942 [de '4' is over een ander cijfer getypt]

[Afbeelding: Wapen van Amsterdam]

De BURGEMEESTER ~~EN WETHOUDERS~~ VAN AMSTERDAM,

Gelet op de beschikking van Burgemeester en Wethouders van 29 November 1938, no. 811 L.M., waarbij aan J.T.Dinkeloo, wonende Van der Hoopstraat 33 alhier, tot wederopzeggens werd toegestaan om op een anderen dan voor de markt bestemden tijd kramen op te zetten of te hebben op de markten Lindengracht, Jan Evertsenstraat en Ten Katestraat;

Mede gelet op het advies van den Directeur van het Marktwezen dd. 27 Juli 1942, no. 85/17/2 M.;

Heeft goedgevonden voormelde beschikking hierbij in te trekken.

GM

Amsterdam, 7 Augustus 1942.
[De '7' is met de hand ingevuld]

De Burgemeester voornoemd,
(get.) Voûte

De Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN

[Links onder, diagonaal handgeschreven:] Gezien 29/8-'42 [gevolgd door een onleesbare handtekening/paraf] Dit document is een formele intrekking van een privilege dat in 1938 aan J.T. Dinkeloo was verleend. Dinkeloo had de toestemming om buiten de reguliere markttijden kramen te plaatsen of te laten staan op drie belangrijke Amsterdamse markten (Lindengracht, Jan Evertsenstraat en Ten Katestraat).

Een cruciaal detail in dit document is de doorhaling van de woorden "EN WETHOUDERS" in de aanhef. Dit is niet slechts een typefout, maar een directe weerspiegeling van de bestuurlijke veranderingen tijdens de bezettingsjaren. Per 1 september 1941 was het 'leidersbeginsel' ingevoerd in het Nederlandse gemeentebestuur, waarbij de macht van de gemeenteraad en het college van wethouders werd afgeschaft en volledig bij de (benoemde) burgemeester kwam te liggen.

De beslissing is gebaseerd op een advies van de Directeur van het Marktwezen van enkele weken daarvoor. De reden voor de intrekking wordt niet expliciet vermeld, maar past in het beeld van een strenger wordend bewind en mogelijk het vrijmaken van marktplaatsen of het beëindigen van uitzonderingsposities. Het document dateert van 7 augustus 1942, een dieptepunt in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Sinds de zomer van 1942 waren de grootschalige deportaties van Joodse Amsterdammers in volle gang. Edward Voûte, de burgemeester die het document (in afschrift) ondertekende, was door de Duitse bezetter aangesteld.

Hoewel uit dit specifieke document niet direct blijkt of J.T. Dinkeloo Joods was, was de marktsector een plek waar de bezetter zeer actief was met het uitsluiten van Joodse ondernemers. De Jan Evertsenstraat en de Ten Katestraat waren markten in stadsdelen met een aanzienlijke Joodse populatie. De intrekking van een vergunning "tot wederopzeggens" was een effectief bureaucratisch middel om de controle op de openbare ruimte en economische activiteit te vergroten. De handgeschreven aantekening "Gezien 29/8-'42" onderaan geeft aan dat het besluit drie weken na dagtekening formeel is verwerkt of ter kennisgeving is aangenomen door een andere afdeling. J.T. Dinkeloo Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een formele intrekking van een privilege dat in 1938 aan J.T. Dinkeloo was verleend. Dinkeloo had de toestemming om buiten de reguliere markttijden kramen te plaatsen of te laten staan op drie belangrijke Amsterdamse markten (Lindengracht, Jan Evertsenstraat en Ten Katestraat).

Een cruciaal detail in dit document is de doorhaling van de woorden "EN WETHOUDERS" in de aanhef. Dit is niet slechts een typefout, maar een directe weerspiegeling van de bestuurlijke veranderingen tijdens de bezettingsjaren. Per 1 september 1941 was het 'leidersbeginsel' ingevoerd in het Nederlandse gemeentebestuur, waarbij de macht van de gemeenteraad en het college van wethouders werd afgeschaft en volledig bij de (benoemde) burgemeester kwam te liggen.

De beslissing is gebaseerd op een advies van de Directeur van het Marktwezen van enkele weken daarvoor. De reden voor de intrekking wordt niet expliciet vermeld, maar past in het beeld van een strenger wordend bewind en mogelijk het vrijmaken van marktplaatsen of het beëindigen van uitzonderingsposities.

Historische Context

Het document dateert van 7 augustus 1942, een dieptepunt in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Sinds de zomer van 1942 waren de grootschalige deportaties van Joodse Amsterdammers in volle gang. Edward Voûte, de burgemeester die het document (in afschrift) ondertekende, was door de Duitse bezetter aangesteld.

Hoewel uit dit specifieke document niet direct blijkt of J.T. Dinkeloo Joods was, was de marktsector een plek waar de bezetter zeer actief was met het uitsluiten van Joodse ondernemers. De Jan Evertsenstraat en de Ten Katestraat waren markten in stadsdelen met een aanzienlijke Joodse populatie. De intrekking van een vergunning "tot wederopzeggens" was een effectief bureaucratisch middel om de controle op de openbare ruimte en economische activiteit te vergroten. De handgeschreven aantekening "Gezien 29/8-'42" onderaan geeft aan dat het besluit drie weken na dagtekening formeel is verwerkt of ter kennisgeving is aangenomen door een andere afdeling.

Genoemde Personen 1

Locaties

Lindengracht Ten Katemarkt

Producten

Dieren: Kat Kruidenier (Droog): Meel Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 1

M. Soep Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6