Handgeschreven verzoekschrift op een los blad.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift op een los blad. 22 juli 1942 (volgens de ingekomen-stempel). S. Walg-Hakker (Sara Walg-Hakker). Nº 103/68/1 M. 1942 $^{22}/_{7}$
WelEd. Heer
Ondergeteekende
S Walg Hakker verzoekt
zich op haar plaats
op de markt Gaaspstraat
te mogen laten assis-
teren door haar zoon
Michel Walg, geb.
1 April 1925.
Hoogachtend
S Walg-Hakker Het betreft een formeel verzoekschrift gericht aan de directie van het Amsterdamse Marktwezen (herkenbaar aan de "M" in de stempel). De afzendster, Sara Walg-Hakker, vraagt toestemming om op haar vaste marktkraam bijgestaan te worden door haar zoon Michel, die op dat moment 17 jaar oud is. De brief is geschreven in een duidelijk en verzorgd handschrift, typerend voor de formele correspondentie met overheidsinstanties in die tijd. Het gebruik van "WelEd. Heer" (WelEdelgeboren Heer) was de standaard beleefdheidsvorm voor ambtenaren in een leidinggevende functie. Dit document is een aangrijpend bewijsstuk uit de Tweede Wereldoorlog. De genoemde markt in de Gaaspstraat in Amsterdam-Oost was vanaf juli 1941 een van de door de bezetter aangewezen "Jodenmarkten" waar Joodse kooplui verplicht naartoe werden verplaatst.
De datum van het verzoek, 22 juli 1942, is cruciaal: de grootschalige deportaties van Joden vanuit Amsterdam waren op dat moment net begonnen (het eerste transport uit Westerbork vertrok op 15 juli 1942). Het aanvragen van assistentie voor een zoon was mogelijk een poging om hem een vorm van legaal werk te bieden in de hoop hem uit de handen van de bezetter te houden.
De geschiedenis leert dat dit niet mocht baten. Michel Walg, geboren op 1 april 1925, werd volgens de archieven van de Oorlogsgravenstichting en het Joods Monument slechts twee maanden na dit schrijven, op 30 september 1942, in Auschwitz vermoord. Ook zijn ouders overleefden de oorlog niet. Dit briefje is daarmee een van de laatste administratieve sporen van hun leven in Amsterdam. S. Walg Marktwezen
Samenvatting
Het betreft een formeel verzoekschrift gericht aan de directie van het Amsterdamse Marktwezen (herkenbaar aan de "M" in de stempel). De afzendster, Sara Walg-Hakker, vraagt toestemming om op haar vaste marktkraam bijgestaan te worden door haar zoon Michel, die op dat moment 17 jaar oud is. De brief is geschreven in een duidelijk en verzorgd handschrift, typerend voor de formele correspondentie met overheidsinstanties in die tijd. Het gebruik van "WelEd. Heer" (WelEdelgeboren Heer) was de standaard beleefdheidsvorm voor ambtenaren in een leidinggevende functie.
Historische Context
Dit document is een aangrijpend bewijsstuk uit de Tweede Wereldoorlog. De genoemde markt in de Gaaspstraat in Amsterdam-Oost was vanaf juli 1941 een van de door de bezetter aangewezen "Jodenmarkten" waar Joodse kooplui verplicht naartoe werden verplaatst.
De datum van het verzoek, 22 juli 1942, is cruciaal: de grootschalige deportaties van Joden vanuit Amsterdam waren op dat moment net begonnen (het eerste transport uit Westerbork vertrok op 15 juli 1942). Het aanvragen van assistentie voor een zoon was mogelijk een poging om hem een vorm van legaal werk te bieden in de hoop hem uit de handen van de bezetter te houden.
De geschiedenis leert dat dit niet mocht baten. Michel Walg, geboren op 1 april 1925, werd volgens de archieven van de Oorlogsgravenstichting en het Joods Monument slechts twee maanden na dit schrijven, op 30 september 1942, in Auschwitz vermoord. Ook zijn ouders overleefden de oorlog niet. Dit briefje is daarmee een van de laatste administratieve sporen van hun leven in Amsterdam.