Handgeschreven brief (administratieve correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (administratieve correspondentie). 6 september 1942. Onbekend (marktkoopman/vrouw). Afdeling Marktwezen, Amsterdam. Amsterdam 6 Sept: 1942.
Afd: Marktwezen
Betr: Uw schrijven d.d. 4-9-’42
Wijk 10.
WelEd: Heeren.
In antwoord op Uw schrijven
bericht ik U dat ik op last
van de autoriteiten met
ingang van 10 Juli 1942 ben
geliqueederd zoodat ik mijn
plaats op de markt Gaaspstr
niet meer mag betrekken.
Er bestaat echter nog een
mogelijkheid dat ik ter zijner
tijd weer mag verkoopen
aangezien de goederen nog
steeds bij mij thuis zijn in
afwachting van een bericht. In deze brief reageert een marktkoopman op een schrijven van de Afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De kern van de brief is de mededeling dat de schrijver per 10 juli 1942 "geliqueederd" is op last van de autoriteiten. Dit hield in dat de betrokkene zijn standplaats op de markt aan de Gaaspstraat niet langer mocht innemen.
Opvallend is de beleefde, bijna formele toon ("WelEd. Heeren") en de hoopvolle afsluiting. De schrijver geeft aan dat de handelsgoederen nog thuis liggen in de verwachting dat er in de toekomst wellicht weer verkocht mag worden. De term "geliqueederd" is hier de cruciale ambtelijke term voor het gedwongen beëindigen van de bedrijfsactiviteiten. Dit document stamt uit een duistere periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Vanaf 1941 voerden de nazi's stelselmatig verordeningen in om Joodse ondernemers en marktkooplieden uit het economische leven te bannen. De markt in de Gaaspstraat lag in de Rivierenbuurt, een wijk met een grote Joodse populatie.
In de zomer van 1942 (de periode die in de brief genoemd wordt: juli 1942) intensiveerden de maatregelen. Joodse marktkooplieden verloren hun vergunningen en hun zaken werden onder toezicht gesteld of geliquideerd. De brief illustreert de bureaucratische afhandeling van deze uitsluiting: terwijl de schrijver nog hoop uitspreekt op een terugkeer ("ter zijner tijd weer mag verkoopen"), was de realiteit dat de deportaties naar de concentratiekampen op dat moment al in volle gang waren. De paarse notitie "n. i Lip" verwijst vermoedelijk naar de Lippmann, Rosenthal & Co. (LIRO), de roofbank die belast was met het beheren en onteigenen van Joodse bezittingen. Gemeente Amsterdam Liro Marktwezen
Samenvatting
In deze brief reageert een marktkoopman op een schrijven van de Afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De kern van de brief is de mededeling dat de schrijver per 10 juli 1942 "geliqueederd" is op last van de autoriteiten. Dit hield in dat de betrokkene zijn standplaats op de markt aan de Gaaspstraat niet langer mocht innemen.
Opvallend is de beleefde, bijna formele toon ("WelEd. Heeren") en de hoopvolle afsluiting. De schrijver geeft aan dat de handelsgoederen nog thuis liggen in de verwachting dat er in de toekomst wellicht weer verkocht mag worden. De term "geliqueederd" is hier de cruciale ambtelijke term voor het gedwongen beëindigen van de bedrijfsactiviteiten.
Historische Context
Dit document stamt uit een duistere periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. Vanaf 1941 voerden de nazi's stelselmatig verordeningen in om Joodse ondernemers en marktkooplieden uit het economische leven te bannen. De markt in de Gaaspstraat lag in de Rivierenbuurt, een wijk met een grote Joodse populatie.
In de zomer van 1942 (de periode die in de brief genoemd wordt: juli 1942) intensiveerden de maatregelen. Joodse marktkooplieden verloren hun vergunningen en hun zaken werden onder toezicht gesteld of geliquideerd. De brief illustreert de bureaucratische afhandeling van deze uitsluiting: terwijl de schrijver nog hoop uitspreekt op een terugkeer ("ter zijner tijd weer mag verkoopen"), was de realiteit dat de deportaties naar de concentratiekampen op dat moment al in volle gang waren. De paarse notitie "n. i Lip" verwijst vermoedelijk naar de Lippmann, Rosenthal & Co. (LIRO), de roofbank die belast was met het beheren en onteigenen van Joodse bezittingen.