Administratief dossierstuk/geleidebrief (Model No. 14 van de afdeling Algemeene Zaken).
Origineel
Administratief dossierstuk/geleidebrief (Model No. 14 van de afdeling Algemeene Zaken). [Linksboven, in kader]
BIJBLAD VAN:
M.- No. 104/3/1 1942
DOORGEZONDEN: 5/2-'42.
[Rechtsboven, handgeschreven]
Oproepen 163
6-2-'42
de Boer
[Midden, handgeschreven]
Heeft zich voor markt Lambertushof p 11/2
laten inschrijven.
11-2-'42
de Boer
[Midden rechts, paraaf/stempel]
vpb.
HD 13/2'42
[Onderzijde, links en midden]
Heeft betrokkene niet om
restitutie gev. voor 1/2 betaling standplaats?
Neen.
Bericht Wethouder ing.
Afgedaan
Kan standplaats
behouden in "Joodsch"
kwartier grd 6/3 '42
[Onderzijde rechts, deels in rood]
Stadplaats afwachten
de Boer
betreft aanvrager
standpl. in openlucht
in Joodsche buurt
[Linksonder, drukwerk]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een administratieve verwerking van een aanvraag voor een marktkraam (standplaats) in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting.
* Onderwerp: De registratie van een persoon voor een standplaats op de markt aan het Lambertushof.
* Proces: Er is correspondentie geweest met de wethouder over een eventuele restitutie (terugbetaling) van marktgeld, wat niet aan de orde bleek. De ambtenaar (De Boer) noteert dat de standplaats behouden kan blijven.
* Segregatie: Cruciaal is de expliciete vermelding van het "Joodsch kwartier" en de "Joodsche buurt". In de loop van 1941 en 1942 werden Joodse markthandelaren door de bezetter gedwongen hun nering te beperken tot specifieke markten binnen de aangewezen Joodse wijken. Dit document legt de bureaucratische afhandeling van deze gedwongen segregatie vast. Dit document dateert van februari/maart 1942, een kanteljaar in de vervolging van de Joodse bevolking in Nederland. In 1941 waren er al specifieke "Joodsche markten" ingesteld (zoals op het Waterlooplein en het Gaaspereiland) waar alleen Joden mochten handelen en kopen. Het document toont aan hoe de reguliere gemeentelijke bureaucratie van Amsterdam werd ingezet om de anti-Joodse maatregelen van de bezetter uit te voeren en te administreren. Slechts enkele maanden na de laatste datum op dit stuk (6 maart 1942) zouden de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar de kampen beginnen.
Samenvatting
Het document is een administratieve verwerking van een aanvraag voor een marktkraam (standplaats) in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting.
* Onderwerp: De registratie van een persoon voor een standplaats op de markt aan het Lambertushof.
* Proces: Er is correspondentie geweest met de wethouder over een eventuele restitutie (terugbetaling) van marktgeld, wat niet aan de orde bleek. De ambtenaar (De Boer) noteert dat de standplaats behouden kan blijven.
* Segregatie: Cruciaal is de expliciete vermelding van het "Joodsch kwartier" en de "Joodsche buurt". In de loop van 1941 en 1942 werden Joodse markthandelaren door de bezetter gedwongen hun nering te beperken tot specifieke markten binnen de aangewezen Joodse wijken. Dit document legt de bureaucratische afhandeling van deze gedwongen segregatie vast.
Historische Context
Dit document dateert van februari/maart 1942, een kanteljaar in de vervolging van de Joodse bevolking in Nederland. In 1941 waren er al specifieke "Joodsche markten" ingesteld (zoals op het Waterlooplein en het Gaaspereiland) waar alleen Joden mochten handelen en kopen. Het document toont aan hoe de reguliere gemeentelijke bureaucratie van Amsterdam werd ingezet om de anti-Joodse maatregelen van de bezetter uit te voeren en te administreren. Slechts enkele maanden na de laatste datum op dit stuk (6 maart 1942) zouden de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar de kampen beginnen.