Circulaire (overheidsvoorschrift)
Origineel
Circulaire (overheidsvoorschrift) 20 januari 1942 Circ. 20/'42 dd. 20 Jan. '42.
| Product | Percentage |
|---|---|
| Prei, selderij, peen | 65% |
| Uien | 60% |
| Roode-, savoye- en witte kool, veldsla, koolrapen, sla, koolrabi, spruitkool en schorseneeren | 50% |
Wanneer een voor het binnenland gereserveerd gedeelte niet door het binnenland wordt afgenomen of den exportprijs niet opbrengt, dan dient ook dit deel voor export of voor levering M.I.G. te worden verladen.
APPELEN
Alle appelen, behoudens die waarop door de Centrale ten behoeve van de ziekenhuizen beslag is gelegd, moeten voor het binnenland worden geveild.
WITTE KOOL
Van den totalen aanvoer moet 50% voor export en 10% voor de versche binnenlandsche consumptie worden bestemd. De resteerende 40% alsmede al de afwijkende witte kool dient ter beschikking van de zuurkoolfabrikanten te worden gesteld.
Wanneer het binnenland of de fabrikant het hun toebedeelde percentage niet volledig afnemen, dan dient het restant voor export te worden verladen.
WITLOF
Wij wijzen nog eens op de thans voorgeschreven sorteering van witlof n.l. sorteering I ten hoogste 15 stuks per kg.
" " II meer dan 15 stuks per kg.
KOOLRAPEN
Deze moeten geelvleezig, gaaf en onvertakt zijn, ontdaan van blad en grond. Het gewicht per stuk moet meer dan 3/4 kg. zijn.
PEEN ZONDER LOF
Gebroken peen moet volgroeid zijn, terwijl er geen gebarsten, vertakte of houterige exemplaren in mogen voorkomen.
Onder sorteering A valt alleen de fijnere peen als "Amsterdamsche bak" en "Nantes".
Deze sorteering moet steeds schoongewasschen ter veiling worden aangevoerd.
Kleine peen van de grovere soorten moet als afwijkend van de C-sorteering worden geveild.
KNOLSELDERIE
Voor het binnenland mag de knolselderie met lof worden gewogen en geveild tegen de vastgestelde prijzen.
Van den totalen aanvoer dient het voor export bestemde percentage genomen te worden van de selderie zonder lof, aangezien dit lof bij export toch verloren zou gaan.
De in onze vorige circulaires gegeven voorschriften, de kwaliteit en de sorteering betreffende, blijven, indien niet gewijzigd, onverminderd van kracht. Iedere veiling is aansprakelijk voor de goede uitvoering van de in deze circulaire gegeven voorschriften.
NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE.
[handtekeningen]
Rb.V.V.O. * Taal en Spelling: Het document is geschreven in de toen gangbare ambtelijke taal met de oude spelling (bijv. "Nederlandsche", "schoongewasschen", "vleezig").
* Regulering: Het document toont een zeer fijnmazige controle op de agrarische sector. Er worden harde quota gesteld voor export (vaak meer dan de helft van de opbrengst).
* Kwaliteitseisen: Er worden strikte fysieke eisen gesteld aan producten (gewicht van koolrapen, aantal stronken witlof per kilo). Dit diende niet alleen voor kwaliteitsbewaking, maar ook om de standaardisatie voor grootschalige (militaire) export te vergemakkelijken.
* Bestemmingen: Er is een duidelijke hiërarchie in de bestemming van goederen: export (naar Duitsland), de M.I.G. (waarschijnlijk Militaire Intendance), vitale sectoren (ziekenhuizen), industriële verwerking (zuurkoolfabrikanten) en als laatste de reguliere binnenlandse consumptie. Dit document is een direct product van de bezettingsjaren (1940-1945). De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) was een organisatie die onder auspiciën van de bezetter de volledige controle over de productie en distributie van tuinbouwproducten uitvoerde.
In januari 1942 was de schaarste in Nederland al merkbaar, maar de Duitse oorlogsmachine eiste een groot deel van de Nederlandse oogst op ("export"). Het document illustreert hoe de Nederlandse landbouw werd ingeschakeld in de Duitse oorlogseconomie. Veilingen werden direct verantwoordelijk gehouden voor de naleving van deze regels, waarbij niet-naleving zware sancties kon betekenen. De vermelding van beslaglegging voor ziekenhuizen duidt erop dat zelfs voor de meest kwetsbaren de voedselvoorziening op dat moment een precaire zaak was geworden.