Archief 745
Inventaris 745-394
Pagina 612
Dossier 10
Jaar 1942
Stadsarchief

Dienstbrief / Circulaire.

6 mei 1942. Van: Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Afdeeling Boekhouding, 's-Gravenhage. Aan: "Aan de Geadresseerde Veiling" (met handgeschreven namen, mogelijk "M. Tilburgs" en "M. Bruin").

Origineel

Dienstbrief / Circulaire. 6 mei 1942. Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, Afdeeling Boekhouding, 's-Gravenhage. "Aan de Geadresseerde Veiling" (met handgeschreven namen, mogelijk "M. Tilburgs" en "M. Bruin"). NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE

BANKIER: DE TWENTSCHE BANK N.V.
'S-GRAVENHAGE
POSTREKENING No. 224314
Afdeeling: BOEKHOUDING
Dict.: PP1. - Typ.: MC. -
No. 187/'42

№ 105/45/1 M.1942 9/5

AAN DE GEADRESSEERDE VEILING
M. Tilburgs M. Bruin

's-Gravenhage, 6 Mei 1942.

Gezien [Paraaf]

Mijne Heeren,

Betreft incasseering van 8% heffing op door kleinhandelaren bestede inkoopbedragen.

Op bijlage treft U aan de tekst van het Tuinbouwheffings-besluit 1942 I.
Naar aanleiding hiervan willen wij in het bijzonder den nadruk leggen op de volgende punten:
1. De heffing moet betaald worden door aangeslotenen E, die uitsluitend en alleen kleinhandelaar zijn. De veilingen moeten zich hiervan regelmatig overtuigen door inzage van de erkenningskaart.
2. De betaling geschiedt aan ons ten behoeve van het Landbouw-Crisisfonds.
3. De veilingen worden belast om namens ons de gelden van de kleinhandelaren te ontvangen.
4. De heffing bedraagt 8% van het inkoopbedrag, zulks met een minimum van f. 0.65 per 100 kg. of f. 0.35 per 100 stuks.
5. De veilingen zijn verantwoordelijk voor het betalen der heffing. M.a.w.: Indien een veiling crediet wil verleenen aan een kleinhandelaar, is zij bij wanbetaling toch verplicht de heffing aan ons af te dragen.
6. Hoewel het Besluit met ingang van 4 Mei 1942 in werking is getreden, behoeft de heffing eerst met ingang van 8 Mei 1942 te worden berekend.

In een speciale beschikking is ons toestemming verleend van bovengenoemde heffing de helft ten goede van de betrokken veiling te brengen, waarbij wij echter de opdracht ontvingen U aanwijzingen te geven betreffende de besteding van dit aandeel.

U kunt volstaan ons periodiek de helft van de door U ontvangen heffing af te dragen.
Ten einde een doelmatige contrôle op Uw beheer te waarborgen, stellen wij ons voor U te adviseeren de volgende werkwijze toe te passen.
De copie-facturen voor verkoopen aan kleinhandelaren worden door U dagelijks op een afzonderlijken staat verzameld. De berekende heffing wordt in een aparte kolom per factuur uitgeworpen.
Iedere week verantwoordt U ons de in de afgeloopen week per dag ontvangen heffing, waarvan U de helft direct op onze girorekening gelieve te storten. Wij vertrouwen er op Dinsdagmorgen of uiterlijk Woensdagmorgen Uw advies over de afgeloopen week in ons bezit te hebben.
Indien deze methode tengevolge van Uw wijze van administreeren moeilijk of niet uitvoerbaar is, ontvingen wij hiervan gaarne bericht met omschrijving van Uw voorstel tot administreeren.
Omtrent de besteding van het U toekomende gedeelte der heffing zullen wij U nog nader instrueeren.

Hoogachtend,
NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE
Van der Lant [Onleesbare handtekening]

(A) 19026 - '41 - K 983 * Inhoud: De brief instrueert veilingen over de uitvoering van het "Tuinbouwheffingsbesluit 1942 I". Er wordt een verplichte heffing van 8% opgelegd aan kleinhandelaren die op de veiling inkopen. De veiling fungeert als belastingontvanger en is financieel aansprakelijk voor de afdracht, zelfs als de kopers op krediet kopen. Interessant is dat de helft van de heffing bij de veiling mag blijven, maar dat de centrale organisatie (NGFC) bepaalt waaraan dit besteed mag worden.
* Administratieve controle: Er wordt een strakke wekelijkse rapportagecyclus geëist, met gedetailleerde administratie per factuur. Dit duidt op een vergaande centralisatie en controle op de geldstromen binnen de tuinbouwsector.
* Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke formele schrijftaal (zoals de buigings-n in "den nadruk" en de spelling "incasseering").
* Juridische grondslag: Er wordt direct verwezen naar besluiten en beschikkingen, wat de bureaucratische aard van de voedselvoorziening in die tijd benadrukt. * Historische context: De brief is gedateerd op 6 mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Institutionele context: De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGFC) was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat de regie voerde over de handel in tuinbouwproducten. Het was onderdeel van de "Ordening" van de economie, bedoeld om de productie en distributie strak te reguleren (vaak ten behoeve van de Duitse oorlogsindustrie en voedselbehoeften).
* Economische context: Het Landbouw-Crisisfonds, waar de gelden naartoe gaan, was oorspronkelijk opgericht in de jaren '30 om boeren te steunen tijdens de crisis, maar werd door de bezetter gehandhaafd en aangepast als instrument voor marktordening en prijsbeheersing.
* Maatschappelijke impact: De maatregel verhoogde de kosten voor de kleine detailhandel en vergrootte de administratieve druk op veilingen, wat illustratief is voor de verstikkende regelgeving en economische druk waaronder de Nederlandse bevolking en het bedrijfsleven tijdens de bezettingsjaren gebukt gingen.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief instrueert veilingen over de uitvoering van het "Tuinbouwheffingsbesluit 1942 I". Er wordt een verplichte heffing van 8% opgelegd aan kleinhandelaren die op de veiling inkopen. De veiling fungeert als belastingontvanger en is financieel aansprakelijk voor de afdracht, zelfs als de kopers op krediet kopen. Interessant is dat de helft van de heffing bij de veiling mag blijven, maar dat de centrale organisatie (NGFC) bepaalt waaraan dit besteed mag worden.
  • Administratieve controle: Er wordt een strakke wekelijkse rapportagecyclus geëist, met gedetailleerde administratie per factuur. Dit duidt op een vergaande centralisatie en controle op de geldstromen binnen de tuinbouwsector.
  • Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke formele schrijftaal (zoals de buigings-n in "den nadruk" en de spelling "incasseering").
  • Juridische grondslag: Er wordt direct verwezen naar besluiten en beschikkingen, wat de bureaucratische aard van de voedselvoorziening in die tijd benadrukt.

Historische Context

  • Historische context: De brief is gedateerd op 6 mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
  • Institutionele context: De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGFC) was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat de regie voerde over de handel in tuinbouwproducten. Het was onderdeel van de "Ordening" van de economie, bedoeld om de productie en distributie strak te reguleren (vaak ten behoeve van de Duitse oorlogsindustrie en voedselbehoeften).
  • Economische context: Het Landbouw-Crisisfonds, waar de gelden naartoe gaan, was oorspronkelijk opgericht in de jaren '30 om boeren te steunen tijdens de crisis, maar werd door de bezetter gehandhaafd en aangepast als instrument voor marktordening en prijsbeheersing.
  • Maatschappelijke impact: De maatregel verhoogde de kosten voor de kleine detailhandel en vergrootte de administratieve druk op veilingen, wat illustratief is voor de verstikkende regelgeving en economische druk waaronder de Nederlandse bevolking en het bedrijfsleven tijdens de bezettingsjaren gebukt gingen.

Kooplieden in dit dossier 100

Alicanten en Gros Maroc Waterlooplein " 80.00
Alicanten en Gros Maroc Waterlooplein " 76.00
Alicanten en Gros Maroc Waterlooplein " 72.--
Elisabeth Gobets - van Brink Waterlooplein " 14.40
ANDIJVIE (Glas). Waterlooplein " 24.00
ANDIJVIE (GLAS) Waterlooplein " 20.80
ANDIJVIE (GLAS). Waterlooplein " 26.40
B 51-200 gram ongewasschen Waterlooplein
BOSPEEN (GLAS). Waterlooplein " 24.00
GLASKOOLRABI (2-4 cm. Ø) Waterlooplein
GLASKOOLRABI. (2-4 cm. Ø) Waterlooplein
L. Blitz Waterlooplein " 24.--
J. Renz. Waterlooplein " 26.00
J. Renz. Waterlooplein " 25.00
J. Renz. Waterlooplein f. 31.--
J. Renz. Waterlooplein f. 35.50
J. Renz. Waterlooplein f.32.50
I boven 20 cm. over den kop gemeten Waterlooplein " 25.60
I boven 7 cm. ø Waterlooplein
I boven 7 cm. ø Waterlooplein
I boven 7 cm.ø Waterlooplein
I boven 7 cm. Ø Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51-200 gram, ongewasschen Waterlooplein
III " 10-16 cm. over den kop gemeten Waterlooplein " 12.80
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6