Archief 745
Inventaris 745-397
Pagina 64
Dossier 4
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypt besluit of contractuele bepalingen (mogelijk een bijvoegsel bij Algemeene Bepalingen).

Niet expliciet vermeld, maar de inhoud verwijst naar "door den oorlog ingetreden omstandigheden", wat duidt op de periode 1940-1945.

Origineel

Getypt besluit of contractuele bepalingen (mogelijk een bijvoegsel bij Algemeene Bepalingen). Niet expliciet vermeld, maar de inhoud verwijst naar "door den oorlog ingetreden omstandigheden", wat duidt op de periode 1940-1945. -6-

  1. De Burgemeester bepaalt of er in beginsel al dan niet aanleiding bestaat tot het verleenen van een tegemoetkoming. Acht de Burgemeester deze aanleiding aanwezig, dan kan hij bepalen, dat, door een nader aan te wijzen Gemeente-accountant, in samenwerking met een door de Directie aan te wijzen vertegenwoordiger, een onderzoek zal worden ingesteld naar de grootte van de in lid 1 bedoelde hoogere kosten. De aannemer is verplicht aan dit onderzoek zijn medewerking te verleenen, waaronder begrepen inzage te geven van zijn administratie.

  2. Het van dit onderzoek opgemaakte verslag wordt den aannemer in afschrift toegezonden, waarna hij eventueele opmerkingen daarover binnen drie weken schriftelijk aan de Directie doet toekomen, die de verschillende bescheiden, vergezeld van zijn advies doet toekomen aan den Burgemeester.

  3. Tenzij de Burgemeester in zeer bijzondere gevallen, te zijner uitsluitende beoordeeling, het percentage hooger stelt, zal den aannemer in het bedrag van de hoogere kosten een tegemoetkoming worden toegekend van 85%.

  4. In afwijking van het in de vorige leden bepaalde zullen hoogere kosten verband houdende met het tijdelijk buiten gebruik blijven van langer beschikbaar moeten blijven van materieel en wegens verhooging van de administratie- en directiekosten, alsmede winstderving, niet vergoed worden.

III. 1. Onverminderd het bepaalde in art.3 der A.B. (par.15 der A.V.) wordt bepaald, dat zoowel de Burgemeester van Amsterdam als de aannemer bevoegd is de uitvoering van het werk op een na overleg met de wederpartij te bepalen tijdstip te (doen) liquideeren, indien ten gevolge van door den oorlog ingetreden omstandigheden de uitvoering ernstige stagnatie ondervindt of in belangrijke mate afwijkt of zal moeten afwijken van de bij het werkplan voorziene werkwijze. De opdracht of het besluit tot liquidatie van het werk wordt schriftelijk aan de wederpartij medegedeeld.

  1. De Directie heeft evenwel het recht om te vorderen, dat, bij liquidatie van het werk krachtens het eerste lid, de aannemer de in uitvoering zijnde onderdeelen zoover voltooit, dat naar het oordeel van de Directie schade ten gevolge van den stilstand van het werk aan het reeds gemaakte wordt voorkomen of althans zooveel mogelijk wordt beperkt.

  2. Bij het gebruikmaken van de in het eerste lid bedoelde bevoegdheid wordt het werk met de liquidatie geacht te zijn geëindigd, waarbij geen der contractanten verplicht is tot betaling van vergoeding van eenigerlei uit de liquidatie voortvloeiende schade.

  3. Bij liquidatie van het werk overeenkomstig lid 1 zal, in afwijking van de desbetreffende bepalingen der A.B., afrekening plaats vinden op den grondslag van het gemaakte werk en van de verrichte en ten behoeve van de liquidatie nog te verrichten werkzaamheden, zulks aan de hand van de in deel II, lid 2, bedoelde begrooting van kosten.

  4. De aannemer is bij liquidatie van het werk voorts verplicht alle leveringen en werkzaamheden, welke de Directie noodig acht tot behoud of beveiliging van het gemaakte werk en aan den aannemer opdraagt, ook al vallen zij buiten het kader van dit bestek, binnen een door de Directie te stellen termijn te verrichten.

  5. Voor de leveringen en werkzaamheden, als bedoeld in lid 5, welke vallen buiten het kader van dit bestek, zullen den aannemer de werkelijk door hem gemaakte kosten (inclusief sociale lasten) verhoogd met 15% voor winst, administratie en algemeene onkosten, op afzonderlijke declaratie worden vergoed.

  6. (In dit lid dienen te worden opgenomen eventueele bepalingen, betreffende de overname door de Gemeente van door den aannemer gemaakte hulpwerken op den grondslag van den daarvoor begrooten prijs of eenheidsprijs in de begrooting, bedoeld in het derde lid).

  7. In verband met het in de voorgaande alinea's bepaalde mag aan een der vóór den aanvang van het werk door de Directie te bepalen onderdelen niet worden begonnen, voordat door de Directie schriftelijk aan den aannemer is medegedeeld, dat zij hiertegen geen bezwaar heeft, omdat zij een voltooiing, als bedoeld in lid 2, redelijkerwijze mogelijk acht.

--- Dit document betreft een regeling voor de afwikkeling van publieke werken (bouwprojecten) in Amsterdam die verstoord zijn door de oorlogsomstandigheden. Het regelt twee hoofdzaken:

  1. Compensatie voor extra kosten (Lid 6-9): De Burgemeester heeft de discretionaire bevoegdheid om tegemoetkomingen toe te kennen voor gestegen kosten. Dit proces omvat een audit door een Gemeente-accountant waarbij de aannemer volledige inzage in de administratie moet geven. De standaard vergoeding is vastgesteld op 85% van de goedgekeurde meerkosten, waarbij winstderving en algemene overhead expliciet zijn uitgesloten van vergoeding.
  2. Liquidatie (beëindiging) van projecten (Sectie III): Zowel de stad als de aannemer kunnen besluiten een project te staken ("liquideeren") als de oorlog de uitvoering onmogelijk maakt. Er is een focus op het veiligstellen van reeds uitgevoerd werk; de aannemer kan verplicht worden onderdelen af te maken om schade aan het bestaande werk te voorkomen. De financiële afwikkeling bij liquidatie wijkt af van de standaard "Algemeene Bepalingen" (A.B.) en is gebaseerd op werkelijke kosten plus een opslag van 15%.

Het taalgebruik is formeel-juridisch en de toon is strikt regulerend, waarbij de controle bij de gemeente (de Burgemeester en de Directie) ligt.

--- Dit document stamt zeer waarschijnlijk uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens de Tweede Wereldoorlog kampten bouwprojecten met enorme tekorten aan materialen, brandstof en mankracht. Bovendien werden veel werkzaamheden stilgelegd door veranderende prioriteiten van de bezetter of door direct oorlogsgeweld.

De verwijzing naar "art.3 der A.B." en "par.15 der A.V." duidt op de Algemeene Bepalingen voor de uitvoering van werken en de Algemeene Voorwaarden, de standaardcontracten voor overheidsopdrachten. Dit specifieke document fungeert als een noodverordening of een tijdelijke aanvulling op deze standaardregels om de financiële risico's voor zowel de gemeente Amsterdam als de private aannemers te beheersen in een extreem onzekere tijd. Opvallend is lid 7, dat tussen haakjes staat en fungeert als een instructie voor de opsteller van het definitieve contract, wat suggereert dat dit een sjabloon of een concept-besluit is. Gemeente Amsterdam Publieke Werken

Samenvatting

Dit document betreft een regeling voor de afwikkeling van publieke werken (bouwprojecten) in Amsterdam die verstoord zijn door de oorlogsomstandigheden. Het regelt twee hoofdzaken:

  1. Compensatie voor extra kosten (Lid 6-9): De Burgemeester heeft de discretionaire bevoegdheid om tegemoetkomingen toe te kennen voor gestegen kosten. Dit proces omvat een audit door een Gemeente-accountant waarbij de aannemer volledige inzage in de administratie moet geven. De standaard vergoeding is vastgesteld op 85% van de goedgekeurde meerkosten, waarbij winstderving en algemene overhead expliciet zijn uitgesloten van vergoeding.
  2. Liquidatie (beëindiging) van projecten (Sectie III): Zowel de stad als de aannemer kunnen besluiten een project te staken ("liquideeren") als de oorlog de uitvoering onmogelijk maakt. Er is een focus op het veiligstellen van reeds uitgevoerd werk; de aannemer kan verplicht worden onderdelen af te maken om schade aan het bestaande werk te voorkomen. De financiële afwikkeling bij liquidatie wijkt af van de standaard "Algemeene Bepalingen" (A.B.) en is gebaseerd op werkelijke kosten plus een opslag van 15%.

Het taalgebruik is formeel-juridisch en de toon is strikt regulerend, waarbij de controle bij de gemeente (de Burgemeester en de Directie) ligt.


Historische Context

Dit document stamt zeer waarschijnlijk uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens de Tweede Wereldoorlog kampten bouwprojecten met enorme tekorten aan materialen, brandstof en mankracht. Bovendien werden veel werkzaamheden stilgelegd door veranderende prioriteiten van de bezetter of door direct oorlogsgeweld.

De verwijzing naar "art.3 der A.B." en "par.15 der A.V." duidt op de Algemeene Bepalingen voor de uitvoering van werken en de Algemeene Voorwaarden, de standaardcontracten voor overheidsopdrachten. Dit specifieke document fungeert als een noodverordening of een tijdelijke aanvulling op deze standaardregels om de financiële risico's voor zowel de gemeente Amsterdam als de private aannemers te beheersen in een extreem onzekere tijd. Opvallend is lid 7, dat tussen haakjes staat en fungeert als een instructie voor de opsteller van het definitieve contract, wat suggereert dat dit een sjabloon of een concept-besluit is.

Locaties

Amsterdam (genoemd in artikel III. 1).

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Publieke Werken

Kooplieden in dit dossier 53

A. Hoogland Waterlooplein [rood:] mk was weer verzocht. Geen restitutie
Jan Huygen Waterlooplein mk
J.B. Middelburg Waterlooplein m.k.
A Ridderkhof Waterlooplein m.k.
A. Boogaard Waterlooplein
C. Slot Waterlooplein m.k.
C. Dorenbos Waterlooplein 28.04
C. Faasse Waterlooplein mk
J. Haastrecht Waterlooplein 160.12
C. Kooij Waterlooplein 140
C. Timmerman Waterlooplein mk
C. Timmerman Waterlooplein mk
C. Timmerman Waterlooplein mk
C. Timmerman Waterlooplein mk
D. Bakker Waterlooplein 2797
H.A.J. Heleuklake Waterlooplein
Jacob Pots Waterlooplein
F.J. Koningsbrugge Waterlooplein mk
Gebr Lanooy Waterlooplein mk
Gorel en Kuilenburg Waterlooplein 7648.
G Sold Waterlooplein Idem. mk
G.J. v.d. Hoed Waterlooplein 71.19
G. der Voort Waterlooplein mk
G. v.d. Zee Waterlooplein m.k.
J. Kamman Waterlooplein in lading [rood: vertrokken]
H. v. d. Horst Waterlooplein [Aantekening in cirkel:] ligt volgens schipperlaat 215 / a/d motor kade authalve geen / remunerie
J.A. Arends Waterlooplein mk
J.A. Arends Waterlooplein mk [rood:] Staat niet in schippersboek vermeld. [groen:] op de dag over.
J. Bake Waterlooplein mk
J. Blom Waterlooplein van C & B m.k. [rood: gekomen]
Alle 53 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6