Doorslag (afschrift) van een ambtelijke brief/rapport.
Origineel
Doorslag (afschrift) van een ambtelijke brief/rapport. 20 januari 1943. Vermoedelijk de directeur van de Centrale Markt of een technische dienst van Publieke Werken (gezien de paraaf en de context). Aan den Heer Wethouder P.W. (Publieke Werken), Amsterdam. No. 149 P.W. 1943 Afschrift № 126 L.M. 1943 $21/3$
20 Januari 1943. xxx
Aan den Heer Wethouder P.W.
[Handgeschreven paraaf/handtekening, mogelijk: R.H. Marck?]
[Handgeschreven kantlijnnotitie, verticaal:]
De Wethouder voor de Publieke Werken stelt deze in handen van den Dir. Publieke Werken ter behandeling en bericht.
Naar aanleiding van het feit, dat op 11 Januari 1943, toen de aardappelpakhuizen op de Centrale Markt na afloop van de vorstperiode werden geopend, werd geconstateerd, dat de bovenste aardappelen bevroren waren geweest, breng ik het volgende te Uwer kennis.
Volgens de gegevens uit de litteratuur op dit gebied bevriezen aardappelen, die door inwendige omzettingen zelf een geringe hoeveelheid warmte produceeren, eerst bij een temperatuur lager dan - 2° C. De opslag dient dus zoodanig te geschieden, dat de temperatuur niet tot dit cijfer daalt. Anderzijds wordt opgegeven, dat aardappelen ook moeten worden beschermd tegen temperaturen, hooger dan 5-7° C, waarbij de aardappelen gaan uitloopen, terwijl dan tevens door broei de kwaliteit vermindert.
De aardappelpakhuizen, waarvan dak en wanden zijn voorzien van zware isolatielagen, worden hier te lande met het oog op laatstgenoemden eisch - temperaturen boven 0° C komen in den winter in het algemeen gedurende lange perioden voor, in tegenstelling tot temperaturen onder het vriespunt - zoodanig ingericht, dat de door de aardappelen geproduceerde warmte zoo snel mogelijk wordt afgevoerd. Om dit te bereiken, worden de pakhuizen, welke in het algemeen een langwerpigen vorm hebben, voorzien van een aantal luchtkokers in het dak en van dubbele deuren in de beide korte wanden. Deze dubbele deuren zijn samengesteld uit binnendeuren, voorzien van jalouzieën en luiken, welke deze jalouzieën kunnen afdekken, alsmede uit normale buitendeuren. Bij temperaturen boven het vriespunt behooren de buitendeuren te worden geopend, evenals de luiken van de jalouziedeuren, waardoor zelfs bij algeheele windstilte de door de aardappelen geproduceerde warmte door de luchtkokers in het dak wordt afgevoerd.
Gedurende vorstperioden behooren de jalouziedeuren door middel van de luiken en de luchtkokers in het dak door middel van de houten kleppen te worden afgedicht, terwijl ook de buitendeuren moeten worden gesloten. Aangezien een goede sluiting door deze houtconstructies, welke door het werken van hout aan geringe vormveranderingen onderhevig zijn, niet mogelijk is - er zijn nu eenmaal kieren aan de onderkant der deuren niet te vermijden - is het bij de boeren gebruikelijk om bij het intreden van vorst de luchtkokers en de kieren van de deuren af te dichten met oude zakken of dergelijken, terwijl bij voortdurende vorst veelal ook de aardappelen worden afge- * Kern van het document: Dit is een technisch-ambtelijk verslag dat verklaart waarom aardappelen in de pakhuizen van de Centrale Markt (Amsterdam) bevroren zijn geraakt tijdens een vorstperiode in januari 1943.
* Problematiek: De pakhuizen zijn primair ontworpen om warmte af te voeren (om kiemen/broei te voorkomen bij temperaturen boven de 5-7 graden), wat hen kwetsbaar maakt voor extreme kou.
* Technische details: De auteur legt uit dat aardappelen zelf warmte produceren en pas bevriezen onder de -2°C. De isolatie van de gebouwen is gericht op de Nederlandse winters die vaak zacht zijn. De "luchtkokers" en jaloeziedeuren zijn essentieel voor ventilatie, maar vormen een risico bij vorst omdat houten constructies nooit volledig luchtdicht zijn (door het "werken" van het hout).
* Praktische oplossing: Er wordt verwezen naar een traditionele methode van boeren: het dichtstoppen van kieren met oude zakken. De brief dient waarschijnlijk als verantwoording voor de geleden schade aan de voedselvoorraad. * Historische periode: Januari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Voedselvoorziening: Aardappelen waren een cruciaal basisvoedsel voor de bevolking, zeker tijdens de oorlog toen veel andere producten op de bon waren of schaars werden. Het verlies van een partij aardappelen door bevriezing was een serieuze zaak die gerapporteerd moest worden aan de wethouder.
* Locatie: De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, destijds het logistieke hart van de voedseldistributie in de stad.
* Bureaucratie: Het document toont de nauwgezette ambtelijke verslaglegging van die tijd. De verticale kantlijnnotitie laat zien hoe het document werd doorgeleid binnen het apparaat van Publieke Werken voor verdere behandeling.