Officieel afschrift (circulaire) met voorwaarden voor aardappelhandelaren.
Origineel
Officieel afschrift (circulaire) met voorwaarden voor aardappelhandelaren. Maart 1943 (3-'43). (Noot: De spelling in het origineel is aangehouden, inclusief eventuele typefouten zoals "aardapeelen".)
AFSCHRIFT.
VOORWAARDEN.
voor inschakeling van aardappelhandelaren bij den verkoop van door de Gemeente Amsterdam beschikbaar gestelde aardappelen ten behoeve van de door het Gemeentelijk Bureau voor Sociale Zaken aangewezen personen.
1. Indien U voor den verkoop van door de Gemeente Amsterdam beschikbaar gestelde aardappelen in aanmerking wenscht te komen, moet U bij den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening een cautie ten bedrage van drie honderd gulden storten.
II. Indien U voor meer dan één zaak wenscht te worden ingeschakeld dan moet U voor iedere zaak een afzonderlijk cautie stellen.
III. Nadat het bedrag der cautie door U is gestort ontvangt U 2100 kg. aardappelen in consignatie. Hierbij krijgt U 8% overslag. Deze aardappelen behoeft U niet direct te betalen. Zoolang de aardappelen niet aan de daarvoor in aanmerking komende personen verkocht zijn, blijven zij het eigendom van de Gemeente Amsterdam.
IV. U mag de aardappelen alleen verkoopen tegen den vastgestelden prijs van 9½ cent per kilogram en tegen inname van door het Gemeentelijk Bureau voor Sociale Zaken aan daarvoor in aanmerking komende personen verstrekte machtigingskaartjes.
V. Het is U verboden in consignatie ontvangen aardappelen te verkoopen op een andere wijze dan hierboven onder IV. is aangegeven. Iedere afwijking van de onder IV. aangegeven wijze wordt als overtreding der voorwaarden aangemerkt. U bent verplicht de nog aanwezigen voorraad aardapeelen op eerste aanzegging van den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening aan genoemdem dienst af te leveren.
VI. Voor iedere 150 kg. aardappelen die U heeft verkocht en waarvoor U 50 aardappelkaartjes, elk recht gevende op het koopen van 3 kilogram aardappelen, heeft ingenomen, kunt U bij den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening gedurende de 7 achtereenvolgende weken weer 150 kg., plus 8% overslag, aardappelen aanvragen. U dient daarvoor de door U ingenomen aardappelkaartjes bij den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening in te leveren.
VII. De verrekening van de door U verkochte aardappelen is als volgt: U moet bij den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening voor iedere door U verkochte 150 kilogram aardappelen 150 x 9½ cent = f. 14,25 betalen. U ontvangt van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening als commissieloon f. 2,25 voor iedere 150 kg. aardappelen die U voor de Gemeente Amsterdam heeft verkocht.
VIII. Het vooraf als cautie gestorte bedrag blijft bij normalen gang van zaken onaangetast, doch bij geconstateerde onregelmatigheid kan de Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening
C.S. Stadhuis,
A'dam, 3-'43. * Administratieve controle: Het document toont een strikt gecontroleerd systeem. Handelaren moeten een aanzienlijke borg (cautie) van 300 gulden betalen om deel te nemen. De aardappelen blijven eigendom van de gemeente totdat ze verkocht zijn (consignatie).
* Distributiesysteem: De verkoop is strikt gebonden aan "machtigingskaartjes" of "aardappelkaartjes". Dit wijst op een gerichte sociale steunmaatregel binnen het bredere distributiestelsel.
* Financiële structuur: De prijs voor de consument is vastgesteld op 9,5 cent per kilo. De handelaar draagt de volledige opbrengst (f. 14,25 per 150 kg) af en ontvangt daarna een vast commissieloon van f. 2,25 per 150 kg (oftewel 1,5 cent per kilo winstmarge).
* Taal en spelling: Er wordt gebruikgemaakt van de toenmalige spelling (den, verkoopen, commissieloon). Opvallend zijn de typefouten in punt V ("aardapeelen" en "genoemdem"), wat duidt op haastwerk bij het overtypen van dit afschrift.
* Onvolledigheid: Punt VIII breekt abrupt af na "Levensmiddelenvoorziening". Waarschijnlijk ontbreekt hier een slotzin zoals "...het bedrag inhouden of opeisen." Dit document stamt uit maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste. De "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening" speelde een cruciale rol in het beheersen van de voedselvoorraad en het voorkomen van zwarte handel.
Aardappelen waren het volksvoedsel bij uitstek. Via dit specifieke reglement probeerde de Gemeente Amsterdam de verstrekking aan de armste inwoners (geregistreerd bij Sociale Zaken) te waarborgen via reguliere aardappelhandelaren, terwijl fraude door de handelaren zelf werd ontmoedigd met zware borgstellingen en strikte administratieve controle op de distributiebonnen. De "8% overslag" die in het document genoemd wordt, was een standaard compensatie voor gewichtsverlies door uitdroging of grondresten.